Teken, verborgen gevaar voor trailrunners

Deze week is weer de Week van de Teek. Een goede reden om dit verhaal uit 2015 maar weer eens naar boven te halen. Meer info op Week van de Teek.

Ik hoorde net op TV dat er een groot onderzoek naar tekenbeten in Nederland gedaan gaat worden. Een hele goede zaak. Het is eigenlijk niet te geloven hoeveel ellende de beet van een miniscule geïnfecteerde teek kan veroorzaken. Zelf loop ik al jaren door lang gras over het maaipad van de Slinge en her en der door bosjes. Daarbij sta ik er wel eens verbaasd over hoe weinig last ik eigenlijk heb van teken. Per jaar tot nu toe hooguit een of enkele keren dat ik een teek moet verwijderen. Soms met wat hulp van mijn vrouw, want die krengetjes gaan op de meest ongelukkige plekken zitten. Mijn schoonmoeder echter, die slechts ruim tien km verderop woont, heeft ze vaak. Het lijkt wel of ze ze aantrekt als ze wat in de tuin werkt of in het bos wandelt. Ze heeft dan ook al enkele keren een antibioticakuur moeten volgen wegens een verdachte tekenbeet.

foto-teken-stadia

Je zou toch zeggen dat tekenbeten voor trailrunners zo ongeveer de grootste plaag zouden moeten zijn, gezien het feit dat we allemaal veel in de natuur rondrennen. Toch hoor ik niet eens zo heel vaak dat iemand tijdelijk uitgeschakeld is wegens een antibioticakuur of zelfs door de nare gevolgen van de ziekte van Lyme. Dat is echter geen reden om het te onderschatten, als je de ziekte van Lyme hebt en deze niet op tijd onderkent kunnen de gevolgen ernstig en onherstelbaar zijn. Controleer dus na het trainen je zelf op de aanwezigheid van teken en verwijder ze met een tekentangetje.

Een aantal jaren geleden had ik ineens last  van onverklaarbare ontstekingen in mijn vingergewrichten. Oorzaak onbekend en dan weer de ene vinger en een paar dagen later een andere. Uiteindelijk bleek uit een bloedonderzoek dat het de ziekte van Lyme was en kon ik een maand antibiotica slikken. Daarmee verdwenen de gevolgen gelukkig en sinds die tijd heb ik eigenlijk nooit meer last gehad. Geluk gehad, als je bedenkt dat bij bosarbeiders de ziekte van Lyme een belangrijke oorzaak van arbeidsongeschiktheid is.

De tekenbeet had ik nooit gezien of gevoeld, ook geen rode ring. Maar dat hoeft ook blijkbaar niet persé.Er gaan een heleboel verhalen over tekenbeten en de ziekte van Lyme rond. Sommigen zijn waar en anderen zijn klinkklare onzin. Voor een heleboel duidelijke informatie verwijs ik daarom graag naar http://www.lymenet.nl , een onafhankelijke site met duidelijke informatie. Neem vooral even de tijd om de informatie daar door te nemen, zodat je kunt blijven genieten van trailrunning.

 

Trailclinic Ronnie Duinkerken

Een tijdje geleden hoorde ik van Bianca en Herbert dat Ronnie Duinkerken een trailclinic kwam geven bij Sport-Balance.nl, hun trailrunwinkel in Breedenbroek. Helemaal geweldig toch dat één van de nederlandse toppers even vanuit Rotterdam naar de Achterhoek komt rijden om zijn verhaal te vertellen. Hoewel ik eigenlijk die dag geen tijd had, toch maar even tijd gemaakt. En het was de moeite waard.

Ronnie ging een verhaal houden met als rode draad zijn 100 mijl race op de Lofoten van afgelopen jaar. Nu volg ik hem al een aantal jaren via Facebook en heb ik hem in dat weekend via Internet gevolgd via de livetrackers. Extra leuk om nu uit zijn eigen mond het verhaal te horen. Bovendien zou hij tips en tricks geven tijdens een heuveltraining workshop. Daarnaast zou er nog een workshop krachttraining voor trailrunners gegeven worden.  Een mooi programma.

De aankomst in de winkel was hartelijk, koffie en zelfgebakken lekkernijen stonden op de lange tafel klaar. Zoals altijd moest ik me weer inhouden om niet meteen rond te gaan snuffelen tussen al die mooie trailspullen. Daar was ik immers niet voor gekomen. Het kostte me wel moeite 😉 Er was een mooie groep mensen op komen dagen en in het latere voorstelrondje bleek ook dat het een heel diverse groep was. Sommigen heel ervaren in lange trails, anderen kwamen net kijken. Maar allemaal enthousiast.

Ronnie begon zijn verhaal over de 100 mijl race op de Lofoten en iedereen hing aan zijn lippen. Niet alleen de materialen, voeding en dergelijke kwamen aan de orde, maar vooral ook het waarom van zo’n absurd zware race. Waarom er aan beginnen en hoe breng je zoiets tot een goed eind. En dat niet in een gelikt verkoopverhaal, maar gewoon recht uit het hart. Er was ook volop gelegenheid om tussentijds vragen te stellen en daar werd volop gebruik van gemaakt.

Duidelijk werd in ieder geval uit zijn verhaal dat trailrunning niet alleen een kwestie is van veel hardlopen door het terrein. Hoewel dat wel een heel belangrijk gedeelte is van de training, moet je als vlaklander wel wat extra doen om in de bergen uit de voeten te kunnen. Krachttraining kan daarbij een belangrijke rol spelen, net als heuveltraining. Honderden keren de vuilnisbelt op en af kan daarbij een deel van de training zijn.

Na de middag was het tijd voor de praktijk. Je kon hierbij gebruik maken van de testschoenen van Inov-8 en testrugzakjes van Raidlight. Daar maakte ik dankbaar gebruik van. De heuvels van het Engbergse bos zijn niet heel hoog of ruig, als je dat vergelijkt met de bergen waar Ronnie het liefst loopt. Toch wist hij er alles uit te halen wat er in zat. Alle aspecten van klimmen en dalen kwamen aan bod en iedereen mocht even flink aan de bak.

In relatief korte tijd wist hij een heleboel kennis en handige tips over te brengen aan de deelnemers. Ik vond het vooral ook leuk om te ervaren dat er eigenlijk niet heel veel verschil zit in de manier van trainen van Ronnie en mijzelf. Heel veel ideeën over hoe te training verschillen tussen ons eigenlijk vooral in het feit dat hij veel meer, sneller en zwaarder traint. De basis is echter hetzelfde: vooral dat doen wat je in de wedstrijden denkt tegen te komen. Regelmatig flink buiten je comfortzone stappen en vooral variatie. Er zijn immers zoveel mooie wedstrijden, waarom zou je dezelfde eigenlijk vaker dan één keer doen.

Helaas had ik andere plannen voor de rest van de middag en moest ik weg voor het gedeelte over krachtraining begon. Het was wel een leerzame sessie hoorde ik van een trainingsmaatje. Ook eentje waar ze niet helemaal zonder spierpijn van weggekomen was. Een geweldig interessante en leerzame clinic dus.

Bedankt Ronnie Duinkerken voor het verhaal en Bianca en Herbert Rougoor voor de gastvrijheid.

Gear review: Inov-8 Trailshorts, size matters?

Tijdens de Cortinatrail in Italië sneuvelde helaas mijn trailshort. Gezien het feit dat de zomer nog maar net begonnen was, snel een nieuwe zoeken dus.  Bij Sport-Balance in Breedenbroek kon ik prima terecht om te snuffelen tussen de diverse merken en modellen die ze op voorraad hadden.  Via Internet bestellen is natuurlijk ook mogelijk en lekker makkelijk. Kleding en schoenen die je tijdens urenlange trainingen en wedtrijden aan moet hebben wil ik echter toch even in het echt passen. Ik kwam al snel toch weer terecht bij mijn ‘vaste’ merk Inov-8. Een merk dat jarenlang wat onderschat is in mijn ogen, maar prima spullen maakt voor een redelijke prijs. Zo maken ze ook trailbroeken voor mannen en voor vrouwen.

trailshort 140
De Race Elite 140 trailshort

Ik wilde geen korte tight, daar heb ik er nog een paar van in de kast liggen. Een short met een binnenbroek met pijpjes om schuren tegen te gaan moest het worden. Nu kon ik nog kiezen uit twee modellen, de Inov-8 Race Elite 8 en de Inov-8 Race Elite trail short 140. Inmiddels zie ik dat ze op de site van Inov-8 weer een nieuwe naam gekregen hebben, maar in de basis gaat het om de trailshorts van 8″ en 6″.

inov-8-racelite-8inch
De Race Elite 8″ trailshort

Beide broeken hebben een korte tight als binnenbroek en een buiten broek met vier-kanten stretch. Een mesh-achtige stof zorgt voor extra verkoeling. De brede elastische boord zit lekker voor mijn gevoel, het koord hoef ik nauwelijks aan te snoeren. Uiteraard zit er een zakje met rits op om sleutels in te doen. Ook een extra zakje om een gelletje in mee te nemen, maar die ziet er niet echt uit alsof je er iets zinnigs mee kunt. Niet geprobeerd echter, aangezien ik een hekel heb aan het verliezen van gelletjes of verpakkingen in het bos. In mijn Racevest is daar meer plek voor.

Maar goed, beide broeken zitten dus lekker. Binnenbroek sluit lekker aan, dus geen schaaf- en schuurplekken. Wat is dan het verschil tussen 8″ en 6″? Is het alleen een kwestie van smaak en mode? Ik denk dat het antwoord daarop heel individueel is. Mijn vrouw vond de 8″ mooier staan, mijn dochter vond ook de 6″ prima kunnen. Het enige verschil is de lengte en daardoor het iets luchtiger gevoel van de 6″ broek bij hete zomertrainingen. Dat is overigens iets wat ik wel heel lekker vind. De 8″voelt net iets warmer aan en kan daarom ook tot behoorlijk frisse temperaturen prima gedragen worden.

Wat een dilemma in de winkel…. Ik kon voor mezelf geen keuze maken, uiteindelijk heb ik ze dus allebei meegenomen. Na een aantal weken trainen in diverse weersomstandigheden (hoewel er maar weinig zomer bij was voor mijn gevoel) ben ik nog steeds tevreden over mijn aankopen. Persoonlijk heb ik bij warmer weer of intensievere trainingen liever de kortere 6″ broek aan vanwege het luchtigere gevoel. Maar dat is dan ook alleen het gevoel, want als deze in de was zit bevalt de 8″ ook prima. Een iets langere broek scheelt overigens wel (een beetje) als bescherming bij brandnetels en braamstruiken.

Nadeel van meerdere lengtes broeken in de zomer periode is natuurlijk dat je verschillende kleuren bruin krijgt op je benen. In combinatie met korte sokken en/of compressie kousen wordt dat een palet aan bruintinten op je benen. Kniesoor die er op let overigens. Nu ik dit stukje typ zit ik in mijn lange broek op de bank, terwijl de regen op het dak tikt. Hopend dat de rest van mijn vakantie het nog een beetje weer wordt en mijn benen überhaupt nog wat zon zien.

Voor een review van de damesversie verwijs ik naar de site van Martine

 

5e Trail de La Reid (Belgische Ardennen)

heini en henriedoor Wim Brinkman

Afgelopen zaterdag heb ik samen met Hans Sielias ,Heini Rave, en Henrie Drenthel een trail gelopen in de Belgische Ardennen namelijk in La Reid, een goede 230 kilometer van uit Aalten. Eigenlijk zou André Bleumink ook mee gaan, maar doordat zijn dochter moest turnen voor de Nederlandse kampioenschappen kwam er nog een plaatsje vrij voor mij en dit aanbod naam ik graag aan. Op zaterdagmorgen iets voor 7 uur staat Henri voor de deur en nadat we Heini hebben opgepikt, gaat het richting Dinxperlo waar Hans ook al klaar staat. Omdat het nog vroeg is (voor een zaterdag) verloopt de heenreis zeer voorspoedig en rond half 10 zijn we dan ook op plaats van bestemming. Het is nog er rustig en wij besluiten dan ook om eerst maar even een kop koffie te gaan drinken, maar helaas, laten ze dat nu net niet hebben, en in de directe omgeving is ook verder niets te zien of te bedenken waar we koffie zouden kunnen halen.

trail-25-deniv-grand

Henrie en Heini lopen de lange afstand deze dag namelijk 47 kilometer en ze vertrekken rond half elf. Hans en ik gaan vast een eindje vooruit lopen zodat ze hun straks voorbij zien komen en wat foto s kunnen gaan maken. Dat het niet helemaal ongevaarlijk is blijkt al wel snel na de start, een Belgische loper komt na 100 meter vervelend ten val en blijkt zijn knie zo ver open te hebben gehaald dat er 7 hechtingen in moeten om alles weer dicht te krijgen, maar aan het eind van de dag is hij nog wel steeds aanwezig om zijn andere clubgenoten binnen te halen(over karakter gesproken).

Hans en ik vertrekken om 1 uur voor de 26 kilometer en net na dat we zijn gestart begint het te regenen, en niet zo zuinig. En ja dan loop je daar ik korte broek en T-shirt, gelukkig zijn het maar buien en blijft het beloofde onweer uit. Door deze regen worden echter de paden wel erg modderig en glad, en is het soms echt schaatsen om over eind te blijven. Vooral ik zelf heb hier last van, omdat ik geen trail schoenen aan heb maar juist oude sportschoenen met weinig profiel er onder(vind het zonde van mijn nieuwe schoenen, dus gekozen voor oude). Al snel blijkt dat deze trail een zeer pittig is, zeker voor Hans en mij die dit werk niet echt gewend zijn. Berg op proberen we eerst nog wel door te dribbelen maar al snel moeten wij ook wandelen en ik snap nu ook helemaal dat ski stokken dan wel erg handig kunnen zijn. Berg af gaat echter ook soms zo stijl en vooral door de regen, dat we ook regelmatig moeten wandelen, ook al om niet te vallen. Want vallen dat gebeurd nog al eens, links en rechts zie je lopers onderuit gaan en soms hou je je hart vast of het allemaal wel goed gaat, maar men krabbelt gewoon weer op, veegt de modder uit het gezicht en gaat weer verder.

heini en henrie

Hans en ik hebben dan al besloten dat wij vooral veilig thuis willen komen. Bij kilometer 17 komen we in een natuurpark: Le Ninglinspo en hier moeten we echt klimmen en klauteren van steen naar steen, over bruggetjes en door het water omhoog. Het is 1 lange klim van kilometer 17 t/m kilometer 21 en achteraf hebben we hier dan ook kilometer tijden van 14 minuten. Natuurlijk lopen we hier ook nog eens verkeerd en zijn we bijna boven op de berg, als blijkt dat we onderaan hadden moeten afslaan. Via touwen abseilen we naar beneden en gaan weer verder. Na 3 uur en 10 minuten hebben we onze tocht van bijna 27 kilometer er op zitten en hebben we ontzettend veel respect voor Henri en Heini, die ook nog eens 20 kilometer extra moeten lopen.

schoenen

Na een heerlijke douche, een bak pasta en een biertje willen we net gaan kijken of onze 2 helden ook al bij de finish zijn, want volgens onze berekening, moeten ze rond 5 uur binnen komen. Maar nee hoor, schoon en fris komen beide heren er al aanlopen en blijkt dat ze zelfs nog voor ons zijn gefinisht. Ze hebben het dus super gedaan en dat komt het verschil ook wel boven tussen ons (trail-amateurs en de ervaren trailer) want vonden wij het super zwaar, Henrie en Heini vonden het wel zwaar, maar het viel mee en ze hadden fijn kunnen doorlopen. Zo zie je maar weer het verschil tussen de jongens en de mannen: Petje af. Na een snelle terug reis zijn we rond 20 uur weer in Aalten en een ervaring rijker, iets dat ik zeker niet had willen missen (nu veilig thuis, achteraf).

Wandelen tijdens het trailen

Wandelen tijdens een trailrun. Voor vele hardlopers is het woord wandelen gebruiken in één zin met hardlopen ongeveer hetzelfde als vloeken in de kerk. Een marathon uitlopen telt bijna niet eens als je een stukje hebt gewandeld… Bij ultralopen en trailrunning ligt dat vaak toch iets genuanceerder. Het doel is zo snel mogelijk over de finish komen. Als de afstanden extremer worden, en vooral bij trails de hellingen steiler en het parcours technischer wordt zie je echter dat zelfs professionals regelmatig een stukje wandelen of hiken. Om energie te sparen of even rustig te eten en drinken.

Niets om je voor te schamen dus, sterker nog, tijd om je er eens verder in te verdiepen. Als je van tevoren weet dat wandelen een deel is van de wedstrijd, waarom zou je dat dan niet opnemen in je trainingsstrategie? Je wordt immers beter in dat wat je traint, trainingsspecificiteit noemen we dat. Wat je echter vaak ziet in wedstrijden is dat lopers blijven rennen tot ze niet meer kunnen rennen, dan gaat het koppie naar beneden en de schouders omlaag en wordt het sjokken in plaats van een powerwalk. Probeer het maar eens op een vastgestelde afstand, eerst een keer wandelen alsof je aan het winkelen bent. Daarna dezelfde afstand met focus, rechtop, armen erbij en in een stevig tempo doorstappend. Dat maakt een behoorlijk verschil in tijd.

Als je van tevoren weet dat er gedeeltes wandelen in zullen zitten, moet je dat dus liefst gepland en met focus doen. Bij extreem lange afstanden kan het zijn dat je iedere x minuten een eet- of drinkmoment hebt ingepland. Dat zijn de momenten die je heel goed in een vlotte wandelpas/powerhike kunt doen. Je kunt makkelijker eten en drinken zonder je te verslikken en je lichaam heeft even een rustmomentje. Dat kan wonderen doen op een lange afstand. Er is zelfs een hardloopmethode die het Run,Walk,Run principe hanteert als basismethode om lange afstanden te overwinnen.

emilie

Heuvel op lopen is zwaar, dat weet iedereen. Hier worden tijdens (berg)trails vaak ook de toppers van de ‘gewone’ lopers gescheiden. Toppers kunnen, doordat ze er heel veel specifiek op trainen, veel langer omhoog blijven rennen en ook steilere hellingen rennend bedwingen. Grootste fout die je als platlander kunt maken is dan ook om gewoon mee te gaan met de inboorlingen… Als je in de eerste helft van de wedstrijd al je kruit verschiet door lange en steile hellingen omhoog te rennen, zul je dat in de tweede helft flink bezuren. Opgeblazen bovenbenen kun je bijna niet meer van herstellen in een wedstrijd, al je energie heb je verbruikt. Dan is het nog een heel eind naar de finish. Wat is dan wel de juiste methode?

Ervaring is meestal een goede raadgever, maar bij gebrek aan echte bergen moet je vaak herhalingen doen op een (kunstmatige) heuvel. Zoek variatie in hellingsgraden om op te trainen, dat is ook wat je in het echt tegenkomt. Lange hellingen die niet steil zijn kun je vaak in principe nog wel rennend bedwingen, met een korte pas en een hoge frequentie. In de bergen kun je echter ook hellingen hebben die veel langer aanhouden dan je gewend bent, waardoor je helemaal buiten adem komt en alsnog moet wandelen. Oefen dus ook het wandelen/powerhiken op minder steile hellingen, evtentueel met wat extra gewicht in je rugzak. Ook het gebruik van Nordic Walking stokken is iets wat je hier prima bij kunt toepassen. Door de stokken op een actieve manier te gebruiken helpt het je om je vlotter omhoog/vooruit te bewegen. Iets om bij hele lange wedstrijden zeker mee te nemen (indien toegestaan).

stokken

Steile technische hellingen kun je ook met poles beter bedwingen, maar soms zitten die alleen maar in de weg. Bijvoorbeeld omdat je je handen ook nodig hebt om te klimmen. Dan is het veel handiger om gewoon voorover te buigen, handen op je bovenbenen/knieën zetten, grote passen en duwen met die armen om je beenspieren te ondersteunen. Het ziet er misschien niet charmant uit, maar het helpt enorm. Ook dit is iets wat je prima kunt trainen, tijdens een training op trappen bijvoorbeeld.

knietjes

Een voorbeeld van een training die ik op de vuilnisbelt in Winterswijk regelmatig doe, is een duurloop van een paar uur op het redelijk extreme MTB parcours. Hier zitten veel hellingen in van diverse hellingsgraden en eigenlijk geen enkel vlak stuk. De doelstelling is een duurloop, dus het tempo ligt niet hoog en alles wat een beetje steil is wordt met een vlotte pas wandelend gedaan. Hoewel het een duurloop is ligt de nadruk wel vooral op de hoogtemeters, veel hellingen pakken dus. De hoeveelheid wandelen is daardoor relatief hoog, hoewel het steeds maar kleine stukjes zijn.

trap

Een andere training is een echte klimtraining op de steile kant van de belt. Een uur lang 17 meter omhoog en omlaag via de trap of de helling is dan de hele training. Afstand is hierbij gering, vaak maar een kilometer of 7. Het gaat immers om de hoogtemeters. Omhoog zo vlot mogelijk wandelend, eventueel met hulp van de handen. Naar beneden doe ik dan vaak zo snel mogelijk om ook het afdalen specifiek te kunnen trainen.

Dit stukje is gebaseerd op een reeks artikelen van Ian Corless, het origineel kun je hier, hier en hier vinden

Jutbergtrail training

Vanmorgen liepen we de 32 km route van de Jutbergtrail die over twee weken is. Maar dan lopen wij de Slangenburgtrail. vandaar dat we het een paar weken naar voren trokken… De heenreis was niet helemaal zonder obstakels, zo was de brug over de IJssel afgesloten en moesten we even een stukje sightseeing doen om bij de start te komen.
DSC06760
Kort na de start konden de jasjes al weer uit, het was gewoon warm. De regen had de paden lekker modderig gemaakt, maar het bleef de hele tijd droog, zelfs het zonnetje kwam af en toe door.
Naast de Schotse Hooglanders hadden we het geluk om bijna tegen een groep herten aan te lopen. Wat een mooi gezicht hoe ze zich met elegante sprongen uit de voeten maakten. Verder hoorden we wel wat vogels, maar zien deden we ze eigenlijk niet.
DSC06755
Her en der hadden we wat navigatiefoutjes die extra tijd kostten en soms wat meer of minder kilometers opleverden, maar over het algemeen was de gpx file goed te volgen.
Het heuvelde nogal. Mooie lange hellingen en korte steile hellingen wisselden elkaar af. Dat leverde een mooi aantal hoogtemeters op. Af en toe werd het lopen wat lastig waar de wilde zwijnen de paden als een stel tanks op oefening hadden omgewoeld, maar over het algemeen waren de paden goed begaanbaar. Het was ook heerlijk rustig in het bos. Een paar wandelaars en een handvol MBT’ers genoten ook van de natuur, maar verder was het stil.
DSC06766
Na verloop van tijd bleek de 32 km wat teveel van het goede voor vandaag en namen we een afkorting. Na ruim 3 uur genieten (en bijna 25 km) waren we weer op de parkeerplaats waar we gestart waren. De rust in het bos werd daar behoorlijk verstoord door een carnavalswagen van de plaatselijke voetbalvereniging. Snel omkleden en wegwezen dus.

Training Montferland

Zaterdagochtend 30 januari ga ik weer een trailtraining doen in de Montferlandse heuvels. Zin om mee te gaan? We kunnen diverse lussen lopen zodat we bijvoorbeeld na 1 1/2 uur weer terug zijn bij de auto en dan voor de liefhebbers van de lange afstand nog een ronde van een uur er achteraan of zo. Ik ben flexibel, het tempo houden we rond de 10 km/uur. Beetje langzamer kan, veel sneller niet Vertrek 8:30 uur vanaf parkeerplaats ’t Peeske, Beek.

Wil je meedoen? Mail even naar info@trailrunning-on.nl

André

Trailrunning podcasts

Als je, zoals ik, dagelijks werkt achter een beeldscherm heb je in daar vaak in je vrije tijd helemaal geen zin meer in. Met vierkante oogjes van het beeldscherm turen kun je natuurlijk ook het best lekker de vrije natuur in gaan. Even al hardlopend lekker ver weg kijken naar vogels, heuvels of gewoon naar de bomen in het bos…

trn

Aan de andere kant kun je niet al je vrije tijd aan actief trailrunning spenderen, af en toe moet je ook herstellen nietwaar? En dan is het lekker om toch wat te lezen over trailwedstrijden, trainingsleer, schoenen en gadgets. Gelukkig is er naast de bak met informatie die er op allerlei websites te vinden is ook nog het verschijnsel podcast. Je kunt ze natuurlijk downloaden op je telefoon en al hardlopend er naar luisteren, maar ik kan niet lopen en luisteren en genieten van de omgeving tegelijk. Als ik loop wil ik rust om me heen. De podcasts luister ik vaak lekker languit liggend op de bank of in bad. Soms is het leerzaam en interessant, andere keren is het alleen amusant en ontspannend.

Knipsel

Persoonlijk ben ik een enorme liefhebber van onderstaande podcasts. Je kunt je er eenvoudig op abonneren en dan zie je vanzelf wanneer er weer een nieuwe uit is. Sommige uitzendingen duren uren (Talk Ultra bijvoorbeeld) en komen eens in de paar weken uit. Anderen zijn korter en komen wekelijks uit. Ik zou zeggen probeer het eens uit. Op de iPad, iPhone, Android tablets en telefoons zit standaard wel een podcast app en anders zijn ze makkelijk te installeren. Via de app kun je onderstaande podcasts makkelijk vinden, ik vind het stuk voor stuk aanraders!

Talk Ultra
Trail Runner Nation
UltraRunner Podcast
Ginger Runner Live (hoewel die beter via Youtube te volgen is)

Trailrunning in Noorwegen

IMG_2669

Net terug van een geweldige vakantie met het gezin in Zweden en Noorwegen. Wat een Walhalla voor natuurliefhebbers en trailrunners in het bijzonder ! Vooral Noorwegen is geweldig mooi en gevarieerd qua natuur. Een rustige rondreis met de auto is dan ook perfect om met het gezin overdag de verscheidenheid aan natuur de ontdekken. Van de golvende graanvelden in het zuidoosten naar de ruigte van de bergen en hoogvlaktes in de buurt van Oppdal en dan afbuigend naar het zuidwesten om ook nog wat van de fjorden mee te pakken bij Flåm. Vervolgens naar het zuiden en via Denemarken weer naar huis.

DSC05274

Naast het rondreizen en onderweg van alles bekijken en doen, bleef er gelukkig ook nog tijd over om wat de natuur in te trekken. Ik had niet voor niets mijn tas met trailspullen als eerste ingepakt. Weliswaar geen tochten van 4-5 uur, maar een 2 tot 2 1/2 uur was vaak nog wel mogelijk tussen inchecken in het hotel van die dag en het avondeten. We hadden gelukkig mooi weer, niet warm maar  wel zonnig en helder. Geweldig voor de uitzichten en de foto’s…

IMG_2562

Meestal kwam het er op neer dat het hotel gelegen was in het dal en dat ik dan een weggetje zocht naar de dichtsbijzijnde top die haalbaar was binnen de tijd die ik had. De eerste training was kort en hevig, met een gravelweggetje dat naar de hoger gelegen skipiste voerde. Vandaar dacht ik via de skipiste, die immers op wat schapen na volkomen verlaten was, even naar de top door te stampen. Dat was echter niet zo gemakkelijk als gedacht. Geen trail omhoog, alleen stenen en laag struikgewas waar je je een weg door mocht banen naar boven. Powerhikend omhoog met een flinke hartfrequentie is een prima training kan ik je vertellen. Eenmaal bovenaan bij het hoogste skilift station kon ik even genieten van het uitzicht. Dat klimmen kostte echter meer tijd dan gedacht en dus moest de afdaling vlot om tijd terug te winnen en op tijd te zijn voor het eten. Dat ging een stuk beter dan klimmen, maar de volgende dag moest ik daar wel voor betalen in de vorm van stevige spierpijn in de bovenbenen en billen.

DSC06431

 

Na een dag rust om de spierpijn weer te laten zakken kwamen we bij een hotel in Lom. Ik had van tevoren al gezien dat ook daar een route te lopen was naar de top van een berg. Deze route was echter maar kort, een km of 9. Op de kaart zag ik echter de hoogtelijntjes angstwekkend dicht bij elkaar liggen, dat werd vast een flink steile klim. Stokken mee dus. De dame achter de receptie was helemaal enthousiast toen ik vertelde van mijn voornemen en had zelfs nog een kaart voor me met de route. Noren zijn helemaal gek van buiten sporten en staan dan ook nergens van te kijken. Ze gaf me nog wel de tip om de route in omgekeerde richting te doen dan waarin deze gepijld was. Een nuttige tip zou later blijken.

lom

 

lom2

Vanuit het het hotel was het een kleine twee km rennen via een goed aangegeven route tot waar de klim echt begon. Die twee km was nog redelijk hardlopend te doen, maar eenmaal bij de berg was het afgelopen. Een kronkelpaadje voerde zo ongeveer recht omhoog, met een stijgingspercentage van tot wel 40%. Dat was harken en duwen met de poles en van steen naar steen omhoog stappen. Het leek meer een natuurlijke trap dan een pad. Zo af en toe moest ik even de hartslag wat laten zakken en keek ik even om me heen naar het geweldige uitzicht. Onderin het groene dal zag ik de rivier met meerdere kleuren blauw in het zonlicht, als gevolg van de vele mineralen die het uit de bergen mee. Helaas is dat uitzicht op geen enkele foto te pakken te krijgen, maar ik neem het mee in mijn herinnering.

Hoewel het blijkbaar een veel gelopen route was, was het heerlijk stil op de berg. Er kwam me welgeteld één gepensioneerde Noor voorbij snellen alsof ik stilstond en verder zag ik op de top nog een moeder met een zoontje van een jaar of 14 die rustig hun boterhammetje oppeuzelden voor de weer naar beneden gingen. Het buitensporten wordt er al jong aangeleerd en ze gaan er mee door zo lang ze kunnen blijkbaar. Terwijl ik afdaalde was ik blij met de tip van de receptioniste, ik hoefde nu minder steil af te dalen dan ik omhooggeklommen was. Wel zo prettig met bovenbenen die al flink op de donder gehad hebben.

DSC06440

Terwijl ik naar beneden dribbelde en stenen en gaten zoveel mogelijk probeerde te ontwijken bedacht ik me nog dat dit toch een rotplek zou zijn om te vallen, ik kon nl. een heel eind schuin naar beneden kijken. Als je daar naar beneden rolde kon het wel even duren voor je weer tot stilstand kwam. Beetje voorzichtig doen, maar wel met opperste concentratie en vol overtuiging dalen was het devies. Af en toe stoppen om even van het uizicht te genieten en rustig te kijken hoe de route verder ging. Toch ging het, met nog maar een klein eindje te gaan, bijna mis. Een steen waar ik op stapte bleek los te liggen en ik ging door mijn enkel. Bij het vallen landde ik met mijn stuitje recht op een steen. Wat doet dat ongelofelijk pijn. Na een tijdje wrijven zakte het wat en kon ik voorzichtig opstaan. Mijn enkel voelde ik niet eens, zoveel last had ik van mijn stuitje. Maar ik moest toch van de berg af en ik wandelde maar een stukje naar beneden. Gelukkig zakte de pijn nog tot een redelijk dragelijk niveau en kon ik de laatste paar kilometer naar het hotel dribbelen. 10 km in 2:30 uur… dat is ook een soort van PR denk ik 😉 De receptioniste vond het een prima tijd voor een ‘dutch guy’, het was immers een hike van 5 uur. Haar eigen tijd op de route verzweeg ze beleefdheidshalve (hoewel ze wel zei dat ze hem al meedere keren gedaan had), maar volgens mij kon zelfs die gepensioneerde Noor die me inhaalde het wel een uur sneller… Maar ik had ongelofelijk genoten en daar ging het tenslotte om.

DSC06436

Na een dag met wat andere activiteiten kwamen we bij het laatste hotel waar ik nog loopplannen had. Niet zo hoog en steil als in Lom en dat was maar goed ook. Mijn stuitje deed nog dusdanig pijn dat ik niet echt steil omhoog kon rennen, maar naar beneden en vlak ging redelijk. Helaas was hier geen uitgezette route, maar  waren er wel een aantal paden die ik op mijn trouwe Garmin Edge kon volgen. Powerhikend op de steile paden omhoog en waar het kon in een voorzichtig dribbeltje was ik na een paar keer afslaan en zigzaggende paadjes in het bos alle gevoel voor richting bijna kwijt. Maar goed dat ik die Garmin bij me had, anders was ik vast niet meer terug gekomen. Nu kon ik echter rustig de route volgen die ik bedacht had. Ondertussen rustig een handjevol bosbessen plukken en eten, die groeiden daar welig.

DSC06442

Ineens was ik toch de trail kwijt. Na een stukje over een plaat graniet, waar in het voorjaar waarschijnlijk een waterval overheen liep, zag ik het vervolg niet meer. Na even zoeken tussen het woekerende struikgewas besloot ik dan maar een stukje dwars door het bos te steken, dan moest ik vanzelf het pad weer kruisen. Door de omgevallen bomen, bosbessen en heidestruiken en de plaggen mos zag je de bodem bijna niet en was het dus gokken hoe je voet zou landen, op een steen of in een gat. Na een paar honderd meter ‘bushwacken’ kwam ik inderdaad weer op de trail en kon ik mijn weg vervolgen. Op zo’n moment ben je echt blij met GPS… Het eind van het avontuur was bijna in zicht, maar nog niet voorbij. Een simpel uitziend sprongetje over een stroompje landde jammerlijk in het water doordat een stapsteen gladder was dan deze leek. Gelukkig had ik nog een paar kilometer  om wat op te drogen, anders had ik met goed fatsoen het hotel niet in kunnen lopen met druipende kleren.

Lopen in onbekend vakantiegebied is toch de mooiste manier om een land echt te leren kennen. Het ruikt anders, het klinkt anders en het voelt anders dan thuis. Naast een aantal wandelingen, kanovaren en klimmen in een geweldig klimbos kwam ik deze vakantie maar op 3 keer trainen. Dat leverde slechts 32 km op in afstand, maar dan wel met ruim 1900 hoogtemeters in vaak redelijk onbegaanbaar terrein… Totale looptijd was dan ook ruim 6 uur. De spierpijn van het klimmen is inmiddels al weer weg en de mooie herinneringen overstemmen mijn gevoelige stuitje. Wat een geweldige vakantie, wat een geweldig land. Ik kan het iedereen aanbevelen.

FOMO strikes again…

Trailrunning is hotter dan hot, wedstrijden schieten uit de grond als schimmel op een vergeten stuk kaas in de koelkast en het aantal trailrunners groeit explosief. De kalender op bijvoorbeeld MudSweatTrails.nl groeit bijna elke week met een aantal nieuwe evenementen, de één nog woester en ruiger (en dus verleidelijker) dan de ander. En het gekke is dat je voor steeds meer wedstrijden al maanden van tevoren moet inschrijven omdat het anders vol zit. En als je dan aan het plannen bent kijk je eens naar filmpjes en enthousiaste verhalen van deelnemers van vorig jaar. Loopmaatjes vragen via Facebook en andere media of je al ingeschreven bent voor die loop daar en deze bergrace daar. Voor je het weet heb je het ineens te pakken: een aanval van FOMO. En als ik zo om me heen kijk en mijn oor te luisteren leg op de moderne media, als Facebook, Twitter en allerlei blogs, dreigt FOMO een epidemie te worden in de trailwereld. Tijd om dit eens onder de aandacht te brengen.

fomo-480x230

Ik las een paar jaar geleden voor het eerst over FOMO in het boek Relentless Forward Progress van Byron Powell. Fear Of Missing Out, de angst om iets te missen. In het boek omschrijft Bryon het als volgt;
FOMO is a frequent cause of fatique and burnout in the ultrarunning community.
As you become aware that you’re capable of running fast distances, especially through gorgeous locales or with new and interesting running companions, you may continually add outings and events to indulge your physiological, spirutual, and social desires.
While such desires are wonderfull motivators, FOMO can you leave you taking on additional events without consideration of training benefit or adequate consideration of physiological cost. If you find yourself unable to decline invitations for a group run, you might have FOMO. if you’re unable te resist signing up for every race, you might have FOMO. If you miss a holiday meal to run, you might have FOMO, beware of FOMO.

Er eens over nadenkend tijdens een rustig trainingsloopje, realiseerde ik me dat het een wel heel herkenbaar syndroom is. Waar het destijds nog meeviel met het aanbod van  trailwedstrijden in Nederland, bleek het soms toch al wel heel moeilijk om niet na een wedstrijd die er stevig in gehakt had meteen weer in te schrijven voor een minstens zo mooie wedstrijd (ook al was die slechts twee of drie weken later). Het was gewoon te mooi om te laten lopen. En zo trapte ook ik in de val, uiteraard niet zonder daar de prijs voor te betalen. Pijntjes hier, pijntjes daar, een wat langer durende blessure, intense vermoeidheid.

Eigenlijk is het ook gek, waar het bij marathonlopers een gegeven is dat er één of hooguit twee snelle marathons in een jaar gelopen kunnen worden, vinden we als (ultra)trailers dat datzelfde pas geldt voor wedstrijden van 75 km of meer. Een trailmarathon lopen we immers als lange trainingsloop…. En als je een 50 km wedstrijdloop gedaan hebt moet de volgende minstens zo lang zijn natuurlijk. En door het steeds groeiende (en extreem aanlokkelijke) aanbod van wedstrijden lopen we soms bijna ieder weekend een wedstrijd, aan echte rust kom je bijna niet meer toe. Je zou immers zo maar een geweldige trail mis kunnen lopen…. Ik denk dat dit gevoel veel lopers eigenlijk best heel bekend voorkomt. FOMO slaat namelijk sneller toe dan je denkt en komt denk ik ook vaker voor dan gedacht wordt.

Door tijdig het gevaar van dreigende overtraining te onderkennen viel het bij mij gelukkig allemaal nog best mee en loop ik nog steeds met veel plezier lange en korte trailwedstrijden. Ik probeer echter wel vast te houden aan een goede verdeling over het jaar, met een variatie in grotere en kleinere wedstrijden en belangrijke en minder belangrijke wedstrijden. En ook heel belangrijk, ik probeer regelmatig een periode van (relatieve) rust in te plannen. En (het is een cliché maar toch) luisteren naar mijn lichaam, hoe lastig dat soms ook is. Als ik me echt zwaar vermoeid voel neem ik gewoon een paar dagen langer rust dan op mijn schema staat. En dan begin ik weer fris en fruitig aan het volgende trainingsloopje, waarbij ik geniet van alles wat de natuur te bieden heeft.

Belangrijker dan het zo snel mogelijk afwerken van je bucketlist en Facebook te overspoelen met foto’s van de mooiste wedstrijden, is het genieten van trailruns op de lange termijn. Ook over een (groot) aantal jaren wil ik namelijk nog steeds lekkere lange afstanden in de natuur kunnen lopen en genieten. Dat ik daar nu af en toe, met frisse tegenzin, moet besluiten om een wedstrijd te laten schieten neem ik dan maar voor lief. Make a plan, stick to it, last longer.