Klein Zwitserlandtrail 2019

Tweede Paasdag stond de Klein Zwitserlandtrail weer op de kalender. Henrie Drenthel stond aan de start van de 50 km. Organisator Dorothea Bil had ook nu weer de mooiste paadjes van de landgoederen Heuven en Beekhuizen in Nationaal Park Veluwezoom aan elkaar geregen tot prachtige routes. Uiteraard had ze daarbij zo’n beetje iedere heuvel in de route opgenomen. De 50 km kwam daarbij zelfs op meer dan 1000 hoogtemeters, het heet niet voor niet Klein Zwitserland…

Er waren meerdere afstanden waarop gestart kon worden. Hierbij kon je dan vanuit een basis-lusje zelf allerlei extra lusjes erbij pakken of weglaten. Een mooi concept. Ook kon je op diverse afstanden starten voor een canitrail, dus met je hond. De 50 km was niet belint en moest geheel op gpx gelopen worden met behulp van bijvoorbeeld een handheld GPS device of via je sporthorloge.

Henrie

Henrie had het weekend ervoor nog de RunForestRun 3Daagse in de Hartz gehad, met ruim 100 km en heel veel hoogtemeters in drie dagen. Toch voelde hij zich goed genoeg hersteld om aan de 50 km te beginnen. Tot 32 km ging het zelfs behoorlijk voorspoedig, ondanks het feit dat de temperatuur nu zo’n 20 graden hoger was dan een week ervoor in de Harz. Daarna moest hij wat gas terugnemen ivm met de warmte. Vooral de zandverstuiving bij 42 km in de volle zon viel niet mee. Na 6:11 uur kwam hij over de streep.

De honden hebben er zin in…

Verslag van de Zandenbos Trail in Nunspeet

Niek Kleinhesselink en Gerrit Dijkslag hebben afgelopen zaterdag de Zandenbos Trail in Nunspeet gelopen. Het was de moeite waard, een prachtige omgeving en heerlijk weer., georganiseerd door Trail-Running.eu. Alleen was de route niet zo duidelijk uitgepijld, veel lintjes en pijlen waren na de afslag geplaatst, zodat ze in elk zijweggetje moesten kijken of ze daar niet in moesten. Dit ging dus regelmatig mis. Gerrit heeft ongeveer 22 km gelopen in plaats van 20 en de winnaar had maar 18 kilometer. 

Gerrit was met Niek mee die de 30 kilometer liep, maar hij kwam op 27,5 kilometer uit. Op het laatst kwamen ze van alle kanten over de finish. Het was chaos troef, maar ze hebben toch lekker gelopen. Het ging Gerrit vooral om de duur en die was met 1:41 uur goed, Niek was in zijn laatste wedstrijd voor de marathon van Leiden 2:13 uur onderweg.

Winters Trailkamp Harz

Eind vorig jaar was ik me aan het oriënteren op een groter evenement in het voorjaar. Toen ik de aankondiging van RunForestRun zag voor een drie daags trailkamp in de Harz was ik meteen geïnteresseerd. Ook een aantal trainingsmaatjes leek het wel wat en zo kon de voorpret beginnen. Vorige week was het dan eindelijk zo ver. Met drie man en één vrouw in één auto was het een gezellige boel. Walter had alle bagage in zijn auto en bezocht nog even een potentiële klant op de heenweg.

Na een flinke reis kwamen we aan in de Harz, in de vroegere DDR. Ferienheim Sorgenfrei zag er uit alsof het sinds de val van de muur niet veranderd was. Maar dat was ook wel de charme er van. We lachten ons een deuk om de ‘oude meuk’ qua inrichting, maar het was schoon en het personeel was heel vriendelijk en als snel stonden de eerste pullen bier voor onze neus. Er zouden er nog veel volgen…

We waren vrij vroeg, maar de overige deelnemers kwamen ook bijtijds. Het was een bont gezelschap, waarvan ongeveer de helft dames. Het Noorden en Oosten van het land was goed vertegenwoordigd, maar ook uit de rest van het land en België kwamen deelnemers. Een mooie mengelmoes aan accenten en persoonlijkheden, maar al snel bleek iedereen het goed met elkaar te kunnen vinden en het werd een gezellige boel. Met allemaal dezelfde hobby wil dat meestal wel lukken.

De volgende ochtend stond de Oost Harz op de agenda. We hadden de lange route met het Bodetal en de Teufelsmauer in de planning, dus op tijd uit de veren. Afhankelijk van vorm en de tijd die we nodig hadden konden we eventueel inkorten. Met Winfried Bats als begeleider van de lange afstand groep begonnen we vanaf de Hexentanzplatz en daalden we af in de kloof naar de Bode. Uiteraard moet je dan ook weer omhoog klauteren. De Rosstrappe was hierbij letterlijk een hoogtepunt. Wat een prachtige omgeving met schitterende rotspartijen en geweldige paadjes.

Het uitzicht was helaas zeer beperkt doordat het zwaar bewolkt was en zelfs af en toe wat droge poedersneeuw naar beneden kwam. Het was ook behoorlijk fris, maar een paar graden boven nul. Maar daar kun je je op kleden en echt koud had ik het niet. Ik had al wel snel door dat ik geen topdag qua lopen had. Gewoon geen goede benen. Beetje jammer, maar gewoon doorlopen dus.

Na het Bodetal kwam er een lang segment waar goed doorgelopen kon worden richting een heuvelrug waar prachtige rotsformaties ineens uit de grond omhoog komen. Ik kan me goed voorstellen waarom het de Teufelsmauer heet. De verschillen in loopsnelheid kwamen hier wel wat meer naar voren. Ik hobbelde dan ook vol goede moed, maar wel een beetje achteraan in de groep. Mooie momenten om even een foto te maken natuurlijk.

Erwtensoep met Bockwurst bij een standje op een parkeerplaats hielp me door het zoveelste dipje van de dag en uiteindelijk kwamen we na ruim 41 km en bijna 1200 hoogtemeters terug bij de auto’s. Omdat sommigen toch nog de marathon vol wilden lopen of extra hoogtemeters wilden maken, doken die nog een keer de kloof in. Ik ging ondertussen met enkele anderen alvast genieten van de warme chocolademelk in de bar van het hotel ter plekke.

Dag twee stond de Brocken op het programma, maar het prachtige uitzicht op de 1140 meter hoge top konden we wel op onze buik schrijven. ’s Morgens sneeuwde het namelijk en er werd nog meer verwacht. Na de tocht van gisteren had ik goed gegeten en voldoende herstelbiertjes genuttigd. Ik hoopte dan ook op een wonderbaarlijke wederopstanding, zeker gezien de hoeveelheid klimmen die te wachten stond. De groep was bijna hetzelfde als de dag er voor, met wat aanvulling.

Dag 1 had ik vooral moeite met de lange loopstukken, maar daar hadden we dag 2 weinig last van. De route was bijzonder pittig te noemen met 10 tot 20 cm poedersneeuw en flinke klimmen door het bos. De prachtige singletracks waren hierdoor moeizaam te vinden of bezaaid met omgevallen bomen waar we overheen of onderdoor moesten klauteren. Op sommige stukken was er geen doorkomen aan en moesten we een weg er omheen zoeken met behulp van onze gps-handhelds.

Bushwacken in optima forma door een kerstkaartenlandschap dus, ik had de hele morgen een dikke smile op mijn gezicht. Met kilometertijden van soms maar 22 minuten schoot het echter niet op. Walter was wat geblesseerd aan zijn knie en wandelde verder met Henrie. Dat konden ze echter in zo’n tempo dat de rest in de klimmen gewoon achterbleef. Pas op stukken waar het weer loopbaarder werd konden we ze dan weer inhalen.

Op een bepaald moment in de route besloten we een kleine afkorting te maken om wat tijd goed te maken. Een kleine groep splitste zich af om toch de lange route te doen, maar het leek me beter om een kortere route te kiezen. Na een mooi stuk lopen op een lang stuk vals plat naar beneden, waarbij de poedersneeuw door de lucht vloog, kwamen we bij de lange klim naar de top van de Brocken via de achterzijde.

Poeh, wat een lange taaie steile klim was het. Mijn stokken bleven steeds haken in de richels tussen de betonbalken van de tankbaan uit de tijd van de koude oorlog waar we op liepen. Het werd ook steeds kouder, meer wind en het zicht steeds minder. Ik kreeg ook steeds meer honger, maar had vanwege de kou geen zin om te stoppen en wat uit mijn rugzak te pakken. Op de top van de Brocken zagen we het restaurant pas toen we op 100 meter afstand waren.

Het was dan ook echt super om even lekker warm binnen te zitten en je te goed te kunnen doen aan een warme maaltijd en een grote cola. Ongelofelijk druk was het ook, met allemaal dagjesmensen die met de stoomtrein naar boven gekomen waren. Ook de anderen van onze groep en de groep van de kortere afstand kwamen we hier weer tegen.

Nadat we uitgegeten waren maakten we ons op voor het laatste stuk naar de auto. Met iedere 100 meter die we daalden werd het weer beter en uiteindelijk stonden we na 37 km weer op de parkeerplaats. Ik was er ook wel klaar mee. Ik voelde me weliswaar beter dan de dag er voor, maar voelde nog wel de gevolgen van die dag. Maar het was weer een geweldige dag geweest en we hadden ’s avonds weer een heleboel te vertellen bij het eten. Met alle herstelbiertjes van die avond moest de derde dag wel een topdag worden…

De derde dag wilden we een iets kortere afstand lopen, om weer enigszins fit aan de terugreis te beginnen. Een totaal van iets meer dan 100 km over drie dagen was mooi genoeg. Het weer was een stuk beter dan de dag er voor, de zon scheen zelfs. De West Harz gingen we verkennen. Ons groepje was inmiddels een soort van vaste groep geworden. Begeleiding hadden we niet, maar ook niet echt nodig.

De route begon door een geweldig mooi gebied. Eerst flink dalen en klimmen maar ook met behoorlijk loopbare stukken er tussen. De gemiddelde snelheid lag de eerste uren dan ook een stuk hoger dan tijdens het geklauter door het bos de dag er voor. In het zonnetje was het heerlijk, handschoenen, buffs etc. konden uit en jasjes gingen uit.

Halverwege sloeg het weer echter weer om, de temperatuur duikelde ineens weer naar beneden en de wind was guur. Alle kleding kon weer uit de rugzak gehaald worden. Doordat er behoorlijk doorgelopen kon worden kregen we het gelukkig niet echt koud maar op een gegeven moment vond ik het wel genoeg. En ik was niet de enige, dus een extra lusje sloegen we maar over. In het laatste stuk naar de auto’s liepen we weer gedeeltelijk samen met de groep die een kortere afstand gelopen had. Weer andere mensen om even mee te kletsen dus. Uiteindelijk toch nog 27 km op de teller met een kleine 5600 hoogtemeters.

Terug bij Sorgenfrei was het tijd om alle spullen weer in de tas te pakken en de kamers weer enigszins toonbaar te maken. We waren allemaal ruim voor op schema, dus de kok mocht een stuk eerder aan de slag om de hongerige magen te vullen. Een lekkere pizzamaaltijd voor de terugreis ging er wel in. Tot slot was er nog tijd voor een afscheidswoord van Winfried van RunRorestRun en van de gastheer van Sorgenfrei.

Iedereen was het er over eens dat we, moe maar tevreden, terug konden kijken op een fantastisch weekend. Leuke mensen leren kennen, goede gesprekken gevoerd, grenzen opgezocht en verlegd en drie dagen genoten van sporten in een prachtige omgeving. Wie had kunnen voorspellen dat we nog echte winterse trails zouden lopen in april!

Hulde aan de organisatie van RunForestRun en aan de staf van Sorgenfrei. Ik kan het alleen maar van harte aanbevelen. Henrie, Linda, Eric en Walter bedankt dat jullie mijn kamergenoten waren. Samen snurkt het zoveel fijner 😄

Jutbergtrail 2019

(door Linda de Vries)

Zaterdag morgen om 8.00 uur gaat de wekker het is al mooi zonnig maar de thermometer staat nog maar op 1 graden. Ik heb de wekker gezet omdat ik mij ingeschreven heb voor de 21,1 km Jutberg trail te Dieren. Aangezien we bij AVA ‘70 ook voor een halve marathon aan het trainen zijn en dus ook steeds wat lagere afstanden lopen moet dit goedkomen toch?

Even zwaaien naar de Kiekjesdief

Om 9.00 uur vertrek ik samen met mijn buurvrouw Bianca, die het lopen van trails ook steeds leuker begint te vinden. Voor haar wordt het de 15 km route. Bij AV Gelre aangekomen mijn startnummer opgehaald om daarna samen met nog een paar andere Aviaanen een kopje koffie te gaan drinken. Na de koffie snel de rugzak op om naar het startvak te lopen. Om half 11 was de start van de 30,4 km en 21,1 km en drie kwartier later start de 15 km en de 7,5 km.

Samen met Angelique het eerste stuk van de route gelopen maar ik ben toch echt weer iets te hard begonnen dus toch maar wat gas terug en proberen te genieten van de prachtige route. Het bos was prachtig in de morgen, zon, zandpaden, single tracks en mul zand wisselen elkaar af en ook was er geen enkel stukje vlak.

De heuvels volgen elkaar steeds op, bij de Woeste Hoeve was de eerste verzorgings post met water, banaan en een heerlijke winegum en weer verder nog snel effe een foto van de runderen. En daar is de eerste heuvel na de pauze alweer. Ook nog een groot compliment aan alle vrijwilligers die overal in het bos aanwezig waren bijna bij elk hekje of afslag stond wel iemand.

Angelique in actie

Na ongeveer 15 km op mijn horloge kwamen de lopers van de 15 km op onze route en liepen we samen naar de finish. Het laatste stukje nog even over de speeltuin de spelerij en dan nog zo’n 200 meter tot de finish. Het was voor mij een pittige trail maar met een lauwe kop erwtensoep komt alles weer goed. Samen met een tevreden buurvrouw Bianca na een prachtige dag weer naar huis.

Henrie en Claudia samen over de finish

Viking Extreme Winter Trail 2019

(Door Henrie Drenthel)
Oftewel: spoorzoeken in een Waanzinnig Wit Wonderland en waar de leerling het nog steeds aflegt tegen de meester.

Zaterdag 2 februari staat er een volgend evenement gepland; een trailrun van 40+ kilometers over de Posbank met Start/Finish in Dieren. Niet een gewone uitgepijlde route maar nee, eentje die je zelf op GPS moet bepalen en lopen. Nu vind ik dit al jaren een prachtige manier van lopen dus de inschrijving was snel gebeurd.

Twee dagen van te voren krijgen we de 7 waypoints/checkpoints die we verplicht moeten aanlopen. De kortste route hierbij mogelijk is 40 km. Ik had snel mijn route klaar en besloot hem met de klok mee via het zuiden te doen dan had ik na zo’n 23 kilometer de eerste 6 stuks binnen en hoefde ik daarna alleen maar even op en neer naar de schaapskooi en klaar is klara.

Na een korte briefing starten we iets na tienen (ja, ’t was luxe dit keer) en de hele meute zet zich in beweging. De helft van de 40km-lopers gaan rechts want die lopen hem tegengesteld aan mijn plan. Ik ga links want kende daar nog een paadje van een vorig Viking-evenement en zie dat alle andere rechts gaan en zodoende een langer aanloopstuk hebben. Zet hem lekker in de ultra-modus en kom na 3,5 km bij het eerste checkpoint aan tegelijk met 2 jonge jongens die de 20 km-variant doen. We blijken daar de eersten te zijn, ha, paadje was dus toch een slimme zet. Even later gaan de veel snellere jongens rechts naar hun volgende waypoint en ik ga rechtdoor richting uitkijkpost bij restaurant De Posbank. Hier heb ik geen GPS nodig, dit is bekend gebied. Dit is tevens al de enige verzorgingspost na 6,7 km, best wel vlot. Ben daar volgens de vrijwilligers de eerste en na het knipje in mijn strippenkaart en wat ijskoude cola met een stuk banaan duik ik de heidevelden in richting de vijver bij Beekhuizen. Het is prachtig hier met de verse sneeuw op de heide zover als je kunt kijken.

Elk moment verwacht ik een horde lopers in mijn nek maar hoor of zie niks en dit geeft toch wel een beetje opgejaagd gevoel. Hoe kan het dat ze mij, met mijn lage snelheid niet voorbij denderen? Laat het maar gebeuren en hobbel door naar het derde waypoint bij de vijver Beekhuizen. Daarna heb ik getwijfeld om links van de hockeyvelden via de Beekhuizenseweg omhoog te lopen, maar dat is een verharde weg en dus een no-go van de organisatie. Ik kies er voor om tussen fietspad en de weg terug te lopen tot het startpunt van de Klein-Zwitserlandtrail want vandaar uit ken ik de weg omhoog. Nu is het een lang recht stuk dat op en neer gaat richting checkpoint 4. Vlak hiervoor komen een zestal lopers mij achterop en zij vertellen mij dat het checpoint toch ietsje verder is dan ik dacht. Dus ik hobbel braaf mee.

Plotseling vraagt een loper naast mij; “Ben jij het?”. Huh, ja, ik ben het maar wie ben jij en wat bedoel je? “Ben jij het Henrie?” Ja, dat ben ik, zeg ik een beetje verbaasd. Maar wie ben jij vraag ik, want ik had nog even geen beeld bij het geluid. “Ken je me niet meer dan? Ik ben Joris”. Het kwartje viel nog steeds niet maar toen het duidelijk was dat hij Joris Sonneveld was en zo’n 30 jaar geleden in de E-pupillen voetbalde waar ik toen trainer was kwam het langzaam weer boven drijven. Nu bleek Joris qua verhalen vertellen in die 30 jaar nog niks te zijn veranderd. Zijn lopen maten moesten natuurlijk alle verhalen van de trails die ik wel eens gepost had bij André of Geert horen. Ik bloosde er bijna van. Joris bleek in de buurt van de Posbank te wonen en hier regelmatig te trainen. Hij had ook geen GPS-apparaat nodig want: “…hij kende alle paadjes en doorsteken hier”. Waarover later meer.

Gezamenlijk liepen wij naar checkpoint 5 en 6, de Teerose en het beeld van de Highlander. Ik besloot vanaf daar wel mijn eigen tempo te blijven lopen en wenste de jongens veel succes.

500 meter na de Highlander slaat het groepje dat 100 meter voor mij loopt rechts af dus ik denk zij gaan terug naar de finish en slaan de Schaapskooi bij Loenen over. Of ze weten inderdaad een veel beter paadje/doorsteek. Laat maar lopen dacht ik kan ik de laatste 18 km mooi mijn eigen tempo en ritme lopen. Na dik 3 ½ uur kom ik bij de schaapskooi aan, klok mijn strippenkaart en algemene kaart, en zie dat het groepje van Joris hier (nog) niet is geweest. Zij zullen al wel aan de soep zitten. Vul mij bidon met wat verse sneeuw en eet nog wat en zo gaat het terug voor de laatste 11 kilometer.

Die gaan relatief makkelijk. Kom op paden die ik ken van de Jutbergtrail, Klein Zwitserlandtrail en Veluwezoomtrail.  Nu was vooraf de tijd waarbij je nog een Viking Amulet zou ontvangen op 4.30 uur gezet. Dat haal ik op het vlakke niet eens dus die kwam niet in beeld maar zo’n 3 kilometer voor ’t eind kwam de volgende cut-off tijd van 5.00 wel weer in beeld. Nu nog maar even het gas er op en jawel na 4.58 uur was in weer binnen.

Nu lekker douchen en dan een bak soep. Hoe kan het tegenvallen; een WinterExtremeTrail en de douche is steenkoud. Toen bleek ook nog de erwtensoep te zijn aangebrand maar daar was dan wel weer een goed alternatief voor; stevige tomatensoep.

Ik nestel me op een bankje in de hal wat tevens dienst doet als Finishzone en Wedstrijdsecretariaat en geniet van de heerlijke soep. Na een poosje komen er nog wat lopers binnen druppelen en wat zie ik; ook de 4-mansformatie met Joris komt binnen. Enigszins verbaasd wisselen we wat info’s uit en het blijkt dat zij in plaats van de 41 km die ik gelopen heb er bijna 46 km op hebben zitten. Na de Highlander is er ergens iets helemaal misgelopen met hun navigatie. Kon het toch niet even te laten hun te herinneren aan de opmerking van Joris en zijn kennis van de paadjes 😊. Maar na enkele troostende woorden komt voor Joris ook het besef dat het eigenlijk ook niet kan dat een pupil voor zijn leermeester eindigt. Na dit gezegd te hebben komen er allerlei revanche voorstellen en wraakacties boven dus wellicht komt er op 23 februari bij de Jutbergtrail wel weer opnieuw een Battle.

Afstand :             41 km
Tijd        :             4.58 uur

Site van de organisatie
De gelopen route 

Taunus Medium Ultra

Om te voorkomen dat een korte winterpauze in een complete winterslaap doorschiet plannen Henrie en ik vaak een wedstrijd begin Januari. Dan heb je in ieder geval een stok achter de deur om toch je loopkloffie aan te trekken als het weer eens ’s avonds donker en regenachtig is. Vorig jaar deden Henrie en ik voor het eerst mee aan de Taunus Ultra, een kleinschalige van A naar B loop over de Taunus Hochstraβe. Het verslag hiervan kun je hier nog eens nalezen.

Dit jaar had organisator Bert met zijn vrouw Jessyca een ronde uitgedacht van 50 km of 70 km door het Taunus gebied. Start en finish bij een jeugdherberg, met een pizzeria op 500 meter loopafstand. Aanreizen op vrijdagmiddag, zaterdags lopen en dan zondagochtend na het ontbijt weer naar huis, en dat voor een klein prijsje. Naast Henrie en mijzelf ging ook Eric mee, die wilde graag zijn verst gelopen afstand naar boven bijstellen. We gingen voor de 70 km, voor mij ook een lange tijd geleden dat ik zo’n eind gelopen had.

ouderwets stapelen met zijn allen

Na een vlot verlopen reis reden we het laatste stuk naar de jeugdherberg door de sneeuw, zou het dan toch winterser worden dan we gedacht hadden? Zoetjes aan kwamen er steeds meer lopers binnen, zelfs nog twee Nederlanders. Sjaak en Liesbeth zouden de 50 km lopen. We gingen met zijn allen naar de pizzeria, die daarmee ineens bijna vol zat. Een mooie manier om kennis te maken met de andere deelnemers, of even bij te kletsen met bekenden.

Er was verder niets te doen in de jeugdherberg (er was zelfs geen TV te vinden en Wifi-ontvangst was alleen in de centrale ruimte beschikbaar. Blij met 4G internet!). Tijd genoeg om de rugzak in te pakken en vooral de kledingstrategie goed door te nemen. Met een temperatuur van 2-4 graden in het dal, regen en mogelijk sneeuw moesten we natuurlijk ruim extra kledingstukken meenemen voor geval van nood. Mocht er wat gebeuren dan lag onderkoeling op de loer en het kon wel even duren voor je gered zou kunnen worden. De rugzak was dan ook zwaarder dan me lief was, maar beter mee verlegen dan om verlegen.

Na het ontbijt hadden we nog een korte briefing en daarna werden we op pad gestuurd. Geen linten, geen pijlen, de hele route zouden we zelf met onze GPS handheld moeten vinden. Precies wat we leuk vinden dus. Vol goede moed liepen we de sneeuw in en meteen een leuke klim op. We hadden met ons drietjes meteen onze plaats achteraan in het peloton gevonden.

lange klimmen…

Na de eerste klim ging het een tijdje redelijk naar beneden. Mooie gelegenheid om in het rustige ritme te komen dat nodig zou zijn om deze klus te klaren. Na een eerste glijpartij op mijn billen waren we gewaarschuwd. Verder in het dal lag er gelukkig geen sneeuw meer, het was alleen wat modderig. Mijn koude natte achterwerk werd al snel weer warm door de eerste lange klim. Zulke lange klimmen vind je nergens in Nederland.

Ik was blij dat ik mijn stokken meegenomen had. Zo kon ik Henrie nog een beetje bijbenen, die is nl. een veel betere klimmer. Gespierde spijker Eric kon ook behoorlijk vlot omhoog met zijn gloednieuwe stokken en zo maakten we behoorlijk progressie. Voor vlaklanders dan, want bij de eerste verzorgingspost op 16 km bleken we alleen niet de laatste te zijn omdat twee andere deelnemers verkeerd gelopen waren. Lekker warme en mierzoete vruchtenthee, marsen, winegums, van alles lag er klaar om ons op krachten te houden. Ik stak een paar marsen in de zakken van mijn Fusion broek, lekker makkelijk te grijpen onderweg en smelten deden ze niet met dit weer.

enthousiaste vrijwilligers

Halverwege verzorgingspost één en twee, net voor de lange klim naar de top van de Altkönig wisten we nog bij een Waldcafe een bak koffie en warme choco to go te regelen. Slurpend van onze lekkere warme drankjes liepen we de berg op. Maar de klim was wel zo lang dat de bekers al lang leeg waren voor we zelfs maar halverwege waren. Een beste klim was het, tot in de wolken. Het uitzicht bovenop was dan ook heel erg beperkt. In de zomer en bij mooi weer ongetwijfeld een enorme toeristentrekker. De redelijk steile en lange afdaling die er op volgde vroeg ook behoorlijk wat van de beenspieren. We waren blij dat VP2, op 36 km, in beeld kwam en dat we weer even bij konden tanken.

Na weer een supergoede verzorging door de vrijwilligers gingen we weer op pad, nu officieel als laatsten in koers. Het ging meteen weer steil omhoog het bos in en we raakten even het spoor bijster. Door wat bushwacking kwamen we weer op de route die de GPS aangaf. Na een mooie afdaling bleken we echter weer bij de plek te staan waar een uur eerder VP2 stond. We hadden de route wel gevonden, maar waren domweg de verkeerde kant op gelopen! Wat nu?

Nog een keer de route lopen zou minstens een uur, misschien wel anderhalf uur vertraging opleveren. En we zouden al laat binnen zijn en dus urenlang in het donker in de regen moeten lopen. We besloten daarom een alternatieve route te kiezen en daarmee het tijdverlies te beperken. Een route werd bedacht en vol goede moed vervolgden we onze tocht. Na een tijd lopen bleek de route die we bedacht hadden echter dwars over een bergrug heen te voeren, waar de oorspronkelijke route daar meer omheen draaide.

af en toe best lastig lopen

Qua hoogtemeters kwamen we zeker niet tekort, we moesten af en toe even een heuvelruggetje dwars oversteken om de richting te houden en niet te veel uit koers te raken. De bestaande paden liepen allemaal de verkeerde kant op. Sporen van bosbouwvoertuigen die recht omhoog voerden bleken prima als pad te kunnen fungeren, afgezien van de vele takken, boomstronken en wortels die er dan lagen. Beter dan door de braamstruiken….

uitzicht net iets meer dan nul

Met een telefoontje naar organisator Bert lieten we weten dat we VP 3 oversloegen en dat de vrijwilligers daar niet op ons hoefden te wachten in de regen die inmiddels niet meer ophield. Het werd een bijzonder avontuurlijke tocht en we vermaakten ons eigenlijk prima, maar we moesten nog regelmatig onze route aanpassen om weer een beetje in de richting te komen van de officiële route.

De benen begonnen wel behoorlijk stijf te worden van alle geklauter en ik voelde een paar blaren opkomen door de hele dag met natte voeten te lopen. In het dorpje Glashütten stopten we nog één keer bij een bankje. Even wat eten, nieuwe batterijen in de GPS en om de koplampjes op te zetten. Het werd inmiddels donker en het weer verslechterde. We waren niet erg rouwig om het feit dat we de route iets afgekort hadden. Anders hadden we nog een paar uur door de natte sneeuw kunnen lopen die nu begon te vallen.

donker en nat op de laatste klim

De laatste klim was de beroemde Groβer Feldberg, het hoogste punt in de regio. Een vervelend steile klim van ruim anderhalve kilometer door de natte slush, met natte sneeuw die in je gezicht vloog en ook nog eens mist die het licht van je lichtbundel verspreidde tot een lichtvlek voor je gezicht. Een echte uitdaging dus. En eenmaal bovenaan was het niet lekker met een eindsprint naar de finish… nee, met je zere bovenbenen mocht je ook nog eens via de glibberige skihelling naar beneden. En dan, eindelijk na 10 uur en bijna 60 km lopen, met daarin bijna 2000 meter klimmen waren we binnen. De klus zat er op! We hadden weliswaar een soort van medium loop gedaan door precies tussen de 50 en de 70 km uit te komen, maar we waren er blij mee.

Een hartelijk ontvangst door Bert en Jessyca was ons deel en een heerlijk warme douche zorgde er voor dat we ons weer mens voelden. Her en der druppelden nog deelnemers binnen die wel de 70 gelopen hadden, sommigen hadden zelfs 80 km gehaald door ook fout te lopen. Ook de 50 km lopers die binnenkwamen hadden diverse afstanden op hun horloge staan. De omstandigheden waren blijkbaar redelijk gunstig om aan het dwalen te komen. Maar niemand die zich er over beklaagde, sterker nog, het leek meer iets om trots op te zijn.

Op de top even weer een reepje pakken

Je wist immers voor de start waar je aan begon. Verkeerd lopen is eigen schuld, een oplossing zoeken is je eigen verantwoording. Soms betekent dat meer kilometers en soms minder. Toch maakte de organisatie zich wel zorgen toen wij terugkwamen van de pizzeria en er alleen nog twee Holländer onderweg waren. Gelukkig waren het ervaren rotten die uiteindelijk ook zonder kleerscheuren bij de finish kwamen.

Na het ontbijt de volgende ochtend reden we door de stromende regen weer naar de Achterhoek. Het was nog slechter weer dan de dag er voor. Toch nog enigszins geluk gehad met het weer dus. Stijf en stram, maar vol mooie herinneringen en sterke verhalen keerden we huiswaarts. Op naar het volgende evenement.

de route

André

Filmpje van de route op Relive
De route die wij gevolgd hebben op Strava



Klein Zwitserlandtrail-experience in Luxemburg

(door Eric Hoogerbrug)
Bij deze een verslag van de Klein Zwitserlandtrail-experience.
Als ‘s morgens om 4:30 uur de wekker gaat om voor een trail van 21,5km naar Luxemburg af te reizen, vraag je je af of anderen dan toch gelijk hebben dat je “het good wies kapot hebt”. Maar goed, niet piepen en d’ran! Om effe voor 5:30 uur staan Linda & Martijn voor de deur om op pad te gaan. Ondanks het feit dat Martijn door een enigszins stevige omhelzing van een stukje buitengebied van Aalten niet mee kan lopen, gaat hij toch mee als chauffeur. En gaat hij daar een stuk aan de wandel.

Na 3,5 uur rijden komen we (uiteraard als eersten) aan op het startpunt bij camping “officiel” in Echternach. Alwaar langzamerhand iedereen binnen druppelde en Dorethea (volgens de ingewijden zoals wel vaker) nèt iets later onder licht commentaar haar entree maakte.  Dit uiteraard tot vermaak van iedereen. Na een soort van briefing ging de hele groep inclusief 6 cani-trailers (wat een onwijs mooie, en vooral enthousiaste dieren waren dat) op pad voor wat een supergave trail zou worden. Na een meter of 300 was het voor mij de lange reistijd en het vroeg opstaan al ruimschoots waard! Ik kan jullie verzekeren dat de foto’s het nog niet voor 50% laten zien hoe indrukwekkend was in het echie!

De ene mooie rotspartij volgde de andere op, en de vergezichten, ondanks dat het bewolkt en heiig was, logen er ook niet om. Dorethea had iedereen gewoon vrij gelaten in of mensen sneller of langzamer wilden lopen en of mensen ook door de kloven en grotten onderweg wilden gaan.Dit resulteerde in een groep die alleen maar opsplitste omdat de honden nietoveral door of over konden en de cani-trailers een alternatieve route liepen. De andere groep bleef telkens weer op elkaar wachten  en bleef dus mooi bij elkaar. Geweldig om tussen steeds nauwer wordende kloofjes door te kruipen, met één kloof die zelfs maar 30 cm breed was. Dan heb je het voordeel dat je niet stevig gebouwd bent, en er gewoon tussendoor past. Ook een gangetje dat behoorlijk kruip door -sluipdoor was kon niet worden overgeslagen door mij en een medetrailer (zijn naam ben ik ff vergeten. Sorry, niks nieuws voor mij). De grot was geen probleem, maarde klim terug naar boven over gladde keien en bladeren was de echte uitdaging.Toen ik boven kwam en achter mij iets naar beneden hoorde stuiteren was hetgoed schrikken. Gelukkig was het niet de andere klimmer, maar een kei die hij vastpakte en losschoot.

Gezamenlijk kon de groep dus gelukkig weer verder via allerlei mooie single-tracks. Bleef wel oppassen met al dat blad op keitjes en boomwortels. Een loopster verzwikte haar enkel, maar kon gelukkig (met wat moeite) wel tot het eind mee. Sommige passages konden alleen via trappen worden genomen. Maar dan ook in iedere vorm. Steen, klei, hout, staal en ook in iedere (on)mogelijke combi van deze materialen. Met name het “rovershol” was geweldig met z’n stalen ladders en “echte mensenbotten”. Na 14 km was het tijd voor lunch in restaurant de Trail-inn (waar anders), alwaar de cani-trailers op ons wachtten.Na een paar koppen slappe koffie (het koffie apparaat had kuren, waar deeigenaar zich uitgebreid voor excuseerde) ging het weer verder. Onder het genot van de zang van een van de dames (nooit geweten dat de tekst van band aid was:  let them know it’s crisis time again) ging het even vol gas over asfalt de bult af, en daarna weer het bos in.

Hier volgden nog meer single tracks en heul veul, maar dan ook écht heul errug veul trappetjes elkaar op. Zelfs toen Dorethea een deel van de route bestempelde als beter niet ivm de veiligheid werd er unaniem besloten om rivierbedding die verwoest was door een vloedstroom in juni toch te proberen en als iemand het niet zag zitten gezamenlijk terug te keren. Dit werd naar mijn (on)bescheiden mening één van de mooiste delen van de route! Daarna nog even een lange trap naar boven voor het uitzicht op de camping waar we vertrokken en via een alternatief paadje weer terug naar de auto’s. Helaas waren de honden niet welkom in het nabij gelegen Youth hostel en werd er voor het eten gekozen voor terugkeer naar de Trail-inn. Daar werd er gezamenlijk nog even de dag door genomen en was iedereen meer dan dik tevreden! Complimenten voor de organisatie van Dorethea Bil dus!!

Lochemtrail 18-11-2018

(door Rik Delsing)
Langzamerhand werd het tijd om langzaam mijn afstanden iets uit te bouwen voor de komende trailruns. De eerste die op het programma stond was de Lochemtrail. Binnen de zaterdagmorgengroep, waarmee we altijd in Lochem trainen, waren er wel meer wie hier zin in hadden en al snel hadden we een mooi groepje bij elkaar voor de 21km. Enkelen twijfelden nog en probeerden enkele zaterdagen van te voren al om de normale kilometers te verlengen met zo’n 5 km, om dan uit te komen op ruim 17 km.

Nu dat lukte, voor een aantal stond het licht op groen totdat we een appje van Annemarie kregen, met het bericht dat ze een breukje in haar voet had opgelopen op weg naar een training. Ap Scheers nam haar plaats in op voorwaarde dat hij een rokje aan zou doen. Maar met Vincent, John, Frank, Jan, Peter, Maria en ikzelf hadden we een mooie groep voor de 21 km. De dag ervoor ging ik nog snel even winkelen bij  Sport-balance in Breedenbroek voor een lange tight, een shirtje en een paar sokken. Aan de outfit kon het dus niet liggen.

Bij het ophalen van het startnummer kwamen we nog meer bekenden tegen. Zo deden Rene, Mark, Monique en Raymond ook mee, maar dan aan de 11 km, en Henrie deed zelfs de 31 km. Achteraf had ik nog een aantal bekenden gemist, volgens de berichtjes op Facebook. Het was dus weer een gezellig samenzijn. Maar veel tijd was er niet, we moesten op weg naar de start bij de Kale Berg. Nog snel nam onze fotograaf van vandaag, Carla, even een groepsfoto en toen gingen we op weg.

Stilzwijgend hadden we afgesproken om met de groep bij elkaar te blijven tot aan de drankpost, maar dat werkte niet. Peter was al snel in geen velden of wegen meer te zien en Inge en Vincent hadden ook een net te hoog tempo voor mij. Het is belangrijk om rustig te beginnen, omdat het venijn van deze 21 km in de staart zit. De eerste kilometers liepen we op voor ons bekend terrein, maar het was verraderlijk met al die bladeren op de boomwortels en dan ook nog vaak een verblindend zonnetje. Maar we hadden niets te klagen, het was perfect loopweer, droog een beetje fris en een lekker zonnetje.

Na het bos te hebben verlaten gingen we naar de overkant naar de toren en de ons bekende trap. Het liep tot nu toe wel lekker, maar ik kon geen tempo maken. De benen waren nog te zwaar van een training op vrijdagavond in de sportschool, achteraf dus geen goede combi. De laatste weken had ik een aantal weken weer op asfalt meegetraind, maar daar had ik toch last van met mijn achillespees. Ondanks dat ik goed had gerekt en warm had gelopen voelde ik deze wel, maar het was nog niet pijnlijk. Ik liet de rest van de groep lopen en ging mijn eigen tempo lopen samen met Ap. Ook hij had al lang deze afstand niet gelopen en had het ook zwaar. Bij het bungalowpark ging Ap zelfs onderuit, maar stond gelukkig meteen weer op.

Samen gingen we zo op weg naar de drankpost op zo’n 13 km. Er zaten lange rechte zandwegen in het parcours die keihard waren en dan ook nog stukken asfalt, dit liep niet fijn met trailschoenen aan. Ik was bang dat mijn achillespees zou gaan opspelen, maar dat viel mee. Bij de drankpost snel een stukje banaan en wat sportdrank genomen en toen weer verder. De stukken in het bos liepen lekker, al was het wel zwaarder aan het worden.

Na door een stal met koeien te hebben gelopenmoesten we door een droge sloot en toen weer zo’n lange rechte zandweg. Ik hoorde achteraf van andere deelnemers dat zij die stukken fijn vonden om bij te komen, maar voor mij waren ze saai en te hard. Langzaam kwamen we weer op bekend terrein en de kilometers gingen snel voorbij. Op zo’n 16 km nam ik nog even een gelletje om zo de laatste kilometers een beetje extra brandstof tehebben. We namen nog een slokje water en maakten ons op voor de finale. Bij de oversteek van de Barchemseweg, moesten we even stoppen voor enkele auto’s, en toen merkte ik dat ik er doorheen zat, ook Ap had het helemaal gehad, maar we moesten nog een pittig stuk.

Aan de overkant wachtte ons een pittig klimmetje en dan het pad naar de toren. Er was die dag ook een wandeltocht en de deelnemers keken ons vol bewondering aan en moedigden ons ook hartverwarmend aan. Ik was blij om boven bij de toren te zijn en toen kon afdalen. Dat ging wel weer lekker, in tegenstelling tot Ap, want afdalen vindt hij maar niets, zeker niet als je niet goed kunt zien waar je loopt. Eenmaal beneden wachten we op elkaar om samen de oversteek te maken naar de Barchemse kant.

We kwamen steeds dichterin de buurt van de finish en konden de speaker al horen, maar we wisten dat we nog een extra lusje moesten maken. Op karakter liepen we de laatste kilometer en daalden als laatste af in de kuil achter de Kale berg en kwamen hand in hand over de finish. We waren beide kapot en moesten eerst even wat drinken om op adem te komen. De rest van de groep stond ons op te wachten en was al weer fris en fruitig.

Met een bekertje cola in de hand liepen we naar de camping om ons om te kleden, want het was toch fris. Met moeite kleden we ons om, we waren stijf en kapot, en namen een lekker bakje erwtensoep in de kantine. Nog evennapraten, maar daarna gingen we toch snel op weg naar huis om te douchen. We hadden met de groep om16:00 uur alweer afgesproken bij het Brouwersnös in Groenlo om te borrelen en wat te eten. De speciaalbiertjes kwamen wel aan, maar smaakten ook heerlijk en het eten was perfect. Al met al een perfecte afsluiting van een mooie maar zware zondag. Er is nog ruimte voor verbetering zullen we maar zeggen.

Uitslagen staan hier
Foto’s van Misha Visser

Beachy Head Marathon, waarom loop ik hier?

(door Gerrit Dijkslag)

Waarom sta ik hier nu eigenlijk? Herhaaldelijk moet ik mezelf vertellen dat ik dit zelf wil, dat ik hier vrijwillig sta en dat niemand mij dit dus opgedrongen heeft. Hier, is een ijskoude plek in het Zuidelijkste puntje van Eastbourne, dat ook al in het Zuid (Oostelijkste) puntje van het Verenigd Koninkrijk ligt. Goed, voor dat ijskoude weer heb ik niet gekozen, twee weken geleden zat ik nog met ontbloot bovenlijf en korte broek achter in de tuin! Zie me nu staan, lange broek, T-shirt met lange mouwen onder mijn AVA wedstrijdhemdje en handschoenen! Handschoenen! Nog een wonder dat ik eraan gedacht heb om ze in mijn koffer te stoppen! Maar goed ook, want nog heb ik het niet echt warm. Samen met de kou gieren de zenuwen door mijn lijf, waarom sta ik hier eigenlijk, wat doe ik hier?

724

Ruim acht maanden geleden ben ik voor de tweede keer aan mijn hart geopereerd om mijn hartritmestoornissen tegen te gaan. Gelukkig is dat dit keer gelukt en in dat geluk en enthousiasme heb ik mij opgegeven voor de Beachy Head Marathon, een van de grootste off road marathons van de UK. Dit omdat ik hier 4,5 jaar geleden op vakantie ben geweest om de wereld beroemde krijtrotsen formatie “Seven Sisters” te bewandelen en bewonderen. Dit in combinatie met het bezoeken van het al even beroemde grastennistoernooi van Eastbourne, met deelname van de wereldtoppers als Wozniacki, Jankovic en Vesnina. Weer thuis gekomen kwam ik op het onzalige plan om op het internet te zoeken of er over de Seven Sisters geen hardloopwedstrijd gehouden werd. Ik had er een dag wandeling van bijna 40km overheen gelopen en heb daar erg van genoten, prachtige uitzichten over zee, de vuurtoren in de diepte, Engelse landweggetjes en uiteraard de overweldigende krijtrotsen met hun onpeilbare diepten. Hoe mooi zou het niet zijn om hier overheen hard te lopen?


Hoe mooi? Hoe mooi? Hoe zwaar zul je bedoelen, de Seven Sisters zijn al kilometers lang heuvel op – heuvel af, daarvoor zitten er ook al drie nog veel hogere beklimmingen in en hoelang is een marathon ook al weer? Juist ja, 42,195 meter!
Maar was mijn hartritmestoornis niet juist verholpen en zijn heuvels/bergen niet juist mijn ultieme geluk van hardlopen? Dat is beiden waar en tevens juist, maar mijn lichaam is na mijn operatie in een soort shock terechtgekomen. Klaar met al de zorgen om een verhoogde hartslag, blokkeerden nek, rug en bilspieren volledig. Ik kan je verzekeren dat dat niet ontsnappen loopt. Maar ja, ik heb wedstrijd, hotel en vliegticket al geboekt, dus gelopen gaat er worden! Vol optimisme een (wedstrijd) schema gemaakt, afspraak met Corine van fysio de Hofstraat gemaakt en er het beste maar van hopen. Met veel geduld en nog meer oefeningen ging het langzaam vooruit en steeg het vertrouwen op een goede afloop.

Samen met Niek worden de langere wedstrijden bezocht en dat ging eigenlijk verbazend gemakkelijk, tuurlijk koste het energie en werd ik ook moe. De volgende twee dagen was ik zo stijf als een plank, daarna herstelde ik weer en kon ik de training weer aan. Dat ging goed tot mijn laatste wedstrijd, de 28km lange Hoge Veluwe Trail. Of het kwam omdat Niek er niet bij was of omdat mij verteld was dat dit geen zware trail zou zijn (wat ik dus wel vond) of dat ik mijn lichaam het afgelopen jaar al genoeg gepijnigd heb, het laatste half uur verstijfde ik helemaal en dat werd de week erop alleen maar erger, In paniek de laatste 1,5 week voor Eastbourne drie keer bij Corine langs geweest en twee trainingen overgeslagen, had al moeite om een uur achter elkaar te rennen……
Waarom sta ik hier eigenlijk? Om te laten zien dat de opofferingen van het laatste half jaar niet voor niets zijn geweest, dat mijn hart een dergelijke inspanning weer aan kan, dat de laatste twee weken luisteren naar je lichaam en niet blind een schema volgen helpt, maar vooral omdat ik er zin in heb!

Daar klinkt het startschot en met ruim 2200 atleten zetten we ons in beweging! Al na 200 meter doemt de eerste heuvel op en stokt het tempo, de Engelsen kennen geen flessenhals start en het is dus dringen voor de smalle ingang van het duingebied. Gelukkig ontdek ik achter het talrijke publiek een paadje waar ik alle ruimte heb, geschrokken gaan de mensen achteruit en algauw heb ik een horde lopers achter me aan. Ongemerkt overwin ik zo de eerste 50 hoogte meters en ik voel mijn rug niet verstijven. Dit geeft vertrouwen en vol goede moed ren ik door. Het is nog steeds druk op het parcours en smal, maar kan redelijk mijn eigen tempo lopen. We rennen over graspaden op de top van de duinen, hoewel top, bijna top, we lopen een beetje schuin, wat we vandaag heel veel blijven doen met als gevolg een bloedblaar aan de binnenkant van mijn rechtervoet. Gelukkig zie ik dit pas onder de douche in mijn hotel. Om mij heen kijkend en vol verwondering ren ik verder, rechts Eastbourne, links de zee, langs weilanden, doorsneden door de typische Engelse muurtjes, over paden met hinderijke steentjes, vooral tijden het afdalen en overal aanmoedigingen.


Heuvelop haal ik veel mensen in, de helft gaat me in de afdaling weer voorbij. Maar waar ik het idee heb ontspannen te lopen kijken velen toch al vermoeid uit de ogen. Bij de verzorgingsposten is van alles te krijgen, verschillende soorten koek en drank, en ook snoepjes, maar om nu een hele mars te nemen? De passages door de dorpjes zijn een welkome afwisseling op het verder natuurlijke maar oh zo mooie landschap. Door de lange beklimmingen kom ik wel meer voorin het veld te liggen, maar geen idee hoeveelste ik ben of hoelang ik er over ga doen,  maar doet dat er toe?  Als de verzorgingsposten op de juiste plek staan, zit ik rond de vier uur schat ik zo in.

Wat me wel opvalt, is dat hoe meer ik voorin kom te lopen, hoe schaarser de lopers gekleed zijn. Waar in aan het begin met mijn handschoenen niet opviel, lopen ze hier in korte broek en soms zelfs hemdje. Ik heb het niet koud meer, maar ook niet echt warm, gewoon lekker. Nog steeds nergens last van hebbende, nader ik het halve marathon punt, hier staat in the middle of nowhere zelfs een klok met tijdsregistratie matten, over service gesproken! In iets minder dan 2 uur dender ik ontspannen over deze mat, nog steeds voornamelijk over gras en in de zon lopend kan ik dus onder de zo gehoopte 4 uur komen. De meeste hoogte meters zijn achter de rug maar de gevreesde traptreden, 300 stuks (!) en de Seven Sisters moeten nog komen en begint de marathon niet pas bij 35km? Stonden in de eerste helft de meeste hekjes netjes open, in de tweede helft word er van je verwacht dit zelf te doen.

De afdalingen bestaan nu niet meer uit paden met steentjes maar uit gras met konijnenholletjes. Nog steeds uitkijken dus. Na het langste stuk asfalt, wel omhoog, was ik ze bijna vergeten, de traptreden! Deze lagen gelukkig gelijkmatig, in een vlot ritme lagen de eerste 50 treden onder me. Twee kilometer verder begon het, vergeet die 50 eerste treden, die tellen niet mee, dat was kinderspel. In een verder mooi bos waren op een bergweg willekeurig 300 treden neergesmeten, hier heb je je trap en nog stijl ook! Diep ademhalen, verstand op nul en klimmen maar. Waar velen moesten wandelen kan ik de gang er (nog een beetje) inhouden. Met ontplofte bovenbenen zet ik de welverdiende afdaling in. Een afdeling verder moeten we over een muurtje klimmen, gelukkig staat er een aardige vrijwilligster de weg te wijzen, want halverwege dat muurtje moeten we linksaf slaan en door….


Bij het oversteken van een verharde weg weet ik ineens weer waar ik ben, hier heb ik rechts tijdens mijn lange wandeling vier jaar geleden heerlijk gegeten. Nu helaas geen tijd voor, want hier zijn ze, de Seven Sisters, zeven keer naar boven en ook weer naar beneden, na ruim 30km een enorme aanslag op mijn bovenbenen. Omdat de zon toch nog aan kracht wint en het bijna windstil is wordt het nog warm ook en daar loop ik dan met mijn handschoenen. Door dit alles en ook nog een enigszins hongerig gevoel, moet ik tot twee keer toe wandelen, maar waar ik denk dat ik het moeilijk heb, ga ik er nog steeds velen voorbij. Velen, op één na dan. Onderaan een van de vele Sisters staat een little sister met een snoepbakje. De inhoud biedt ze aan de atleten aan. De loopster voor me wil er eentje pakken, maar grijpt mis, een luide vloek is het gevolg. Onze little sister laat het er niet bij zitten en zet de achtervolging in, als een hinde rent ze me voorbij tot aan de atlete voor me, die zo alsnog uit het bakje kan snoepen. Vol verbazing roept ze “Oh what are you quick!” en dat was ze ook!


Helaas heeft ze hierdoor geen tijd om mij iets aan te bieden. Daarom neem ik op het laatste verzorgingspunt uitgebreid de tijd om te eten en drinken, zelfs een stuk mars. Hierdoor aangesterkt kan ik ook het laatste stuk redelijk doorlopen, de zon op het water zien schijnen, de oude en nieuwe vuurtoren zien en van verre het bezoekerscentrum van Beachy Head zien. Daar beneden ligt de zo lang verwachtte finish. Maar eerste moeten we de laatste top, vlak voor Eastbourne nog bereiken. Plots moet ik denken aan bijna een jaar geleden toen ik de laatste Terhill in mijn 750ste wedstrijd in België bijna niet opkwam en als diezelfde Terhill tegen mijn operatie opzag. Zowel operatie als deze laatste heuvel gaan goed. Mijn bovenbenen en bilspieren exploderen nog een keer waardoor de laatste afdaling erg verkrampt gaat, maar 200 meter verder gaan de beide armen de lucht in en wordt de welverdiende medaille om mijn nek gehangen. Net niet onder de 4 uur, maar met 4:04:40 ben ik zeer tevreden gezien de voorbereiding en vooral het zware parcours. In de tweede helft opgeschoven van plek 217 naar plaats 187, not bad for a flatlander.


Nu weten jullie waarom ik daar bij het vriespunt in Zuidoost Engeland aan de start stond. Als jullie mij een keer tegenkomen, vertel het mij dan ook, want aan de start wist ik het echt niet meer en nu ik gefinisht ben, kan ik het haast niet geloven, heb ik het echt gehaald?
Nog een vraag, waarom denken die Engelsen dat ik er als een soort doorbakken stuk vlees uitzie als ik langs kom rennen, iedereen schreeuwde en klapte “well done”  naar me. Raar volk die Engelsen maar deze wedstrijd was super georganiseerd en het publiek was “amazing”!

Greetings Gerrit Dijkslag

Grizzly-100 Griezelig geweldig

(door Henrie Drenthel)

De beer is los! Na een door een voetblessure ingekorte 100 km run van de La Chouffetrail in juli besloot ik een tijdje rustig aan te doen om in het najaar weer eens richting de 100 km te gaan. Oorspronkelijk stonden de Infinityloops op het programma maar door een minimale vooraanmelding en een concept van 7 herstarts zag ik dat toch niet zitten en besloot ik dat het toch maar een ééndaagse moest worden. Periode oktober beviel vorig jaar met de Bergischer Ultra ook prima dus na even zoeken kwam ik uit op de Bear Trail. Een ruim opgezet evenement met diverse afstanden, 16-25-39-58-83 km en voor de Die-Hards 100 km, oftewel de Grizzly-100. De start is zaterdag 27 oktober om 6.00 uur ’s ochtends en de maximale looptijd bedraagt 18 uur, oftewel 0.00 uur zondagmorgen.

Start en finish zijn in St Gravenvoeren in de Belgische Voerstreek ietsje ten zuidwesten van Maastricht. Het parkoers liep eerst ‘bovenlangs’ in oostelijke richting naar het Drielandenpunt in Vaals alwaar er een omloop van 18 km over Duits grondgebied gemaakt moest worden en daarna weer westwaarts richting de finish.

Vrijdag 26 oktober:

Na een langdradige reis met veel oponthoud en file parkeer ik omstreeks 18.30 uur op de parking bij de voetbalclub SK Moelingen en installeer direct alles voor de nacht. De organisatie is al druk bezig met opbouwen en ik heb geluk nu al mijn startnummer etc. op te kunnen halen, scheelt morgen vroeg weer wachten. Inmiddels is het gaan regenen en voelt het guur aan. In een nabij gelegen Vlaamse pub hebben zich al meer lopers getroffen en eet ik even een lekker Limburgse pasta en wat plaatselijke biertjes waarna ik rond 10.00 uur onder de wol kruip, het is immers om 4.30 uur weer dag.

Zaterdag 27 oktober:

De wekker loopt af en echt overdreven warm heb ik het niet. Even de neus buiten de deur en ik weet direct dat het jasje aan kan met de start. M’n drop-bag had ik al klaar gemaakt dus die kon ik om 5.45 uur snel afgeven en daarop is het nog maar kort tot de start om 6.00 uur.

124 lopers stonden er op de startlijst. In het donker is het slecht te zien hoeveel het er echt zijn want ook de 83 km start gelijk met ons. Vanaf het begin loop ik heel relaxed met de rem er op in het donker en blijf mijzelf in prenten vooral rustig te blijven want om mij heen vliegt iedereen naar voren. Ik weet uit de vele beginnersfouten die ik al heb gemaakt dat ik hier nu niet aan mee moet gaan doen.

In het donker gaat het gestaag op en af en we komen door enkele kleine plaatsjes als Sint-Martens-Voeren, De Plank, Teuven waarbij de laatste na ruim 25 km de eerste verzorgingspost is ingericht. Ik klok ongeveer 3.20 uur, en dat is ongeveer wat ik verwacht had.

Verder gaat het richting Drielandenpunt en het parkoers wordt behoorlijk heuvelachtig. Lijkt veel op de Koning van Spanje en de X-Trails Vaals. Niet gek natuurlijk, want dat is in dezelfde streek. Het gebied is veel natuurlijker en bosrijker geworden. Prachtig. De zon komt er langzaam flauwtjes door maar echt warm wordt het niet. Ten noorden van Gemmenich staat de tweede (en derde) verzorgingspost. Heerlijk in een grote partytent met allerlei lekkers; soep, koffie, Chouffe, pasta en een hete lucht kanon. Ook mijn drop-bag ligt hier en ik besluit even een droog shirtje en dun jasje aan te trekken en het eerste, nat bezweette setje uit te doen. Dat ging allemaal nog best soepel en ik begin aan het Drielandenpunt-lusje van 18 km. Ken het hier een beetje en weet dat er redelijk wat hoogtemeters aan komen dus doe rustig aan. Toch nog even een giga-dip waar ik na een half-uurtje en wat Beef-Jerky doorheen ben. Het 50 km punt passeer ik na 7.12 uur. Op de helft dus en op de terugweg.

Bij de tweede keer Gemmenich neem ik wat meer pauze; kleed mij om naar lange tight en thermoshirt. Ook weer koffie en soep en verder gaat het weer. Mijn loopmaatjes uit de eerste helft zijn al iets eerder vertrokken maar ik besluit toch mijn eigen tempo te volgen.

Na een km of 68 loop ik zo’n 100 meter achter een andere loper en blijf hem braaf volgen. Totdat hij bij een parkeerplaats komt en in z’n auto stapt. Het was gewoon een loper die lekker op zaterdagmiddag in het bos liep. Of het een dip was of een black-out weet ik niet maar plotseling was ik de blauwe markeringen kwijt. Pak gauw mijn GPS en zie al gauw dat ik mooi op de paarse lijn loop, gelukkig. Een kwartiertje verder bij Cottessen komt mij de omgeving wel heel erg bekend voor, hier heb ik vanmorgen ook nog gelopen??!! Zoom uit op mijn GPS en zie het al, heb de verkeerde richting van de paarse lijn gevolgd en zodoende een stuk van de ochtendroute tegengesteld gelopen, sukkel! Gelukkig kun je met zo’n GPS ook weer redelijk gemakkelijk de juiste route terug vinden en probeer redelijk op gevoel weer op de juiste afstand in te voegen. Na een uurtje is dit ook gelukt en kan ik de oorspronkelijke route weer volgen.

Richting laatste verzorgingspost in Veurs loop ik via een boerenerf waar de koeien op springen staan na blijkt. Direct achter mij doet de boer in overleg met de organisatie het pad dicht en mogen Bertha 11 t/m 57 eerst richting melkrobot voordat de lopers weer verder mogen. De ‘verloren’ tijd wordt door de organisatie hersteld naar blijkt.

Bij de laatste verzorging begint het behoorlijk donker te worden en is het nog maar een graad of 4. Ik besluit mijn regenjas er bij overheen te doen en steek mijn hoofdlamp aan. Het gevoel is nog goed. Nog ruim 15 km te gaan en ik weet eigenlijk al dat ik het, normaal gesproken,  ga halen. De meeste hoogtemeters hebben we wel gehad. Heuvelop gaat het stevig doorstappend in het donker en de afdalingen gaan voorzichtig dribbelend want er liggen erg veel keien onder het herfstblad. Wil ook nog niet vlak voor het eind uitvallen. Loop in op twee Belgen en de laatste 5 km lopen we samen. Nu blijkt de laatste 5 km ook nog eens 500 meter langer te zijn en prachtig is het om te zien hoe een ultraloper zich daar druk om kan maken.

Uiteindelijk komen we gedrieën binnen in 14 uur en 53 minuten waarbij ik de tweede 50,5 (😊)km in 7.41 uur heb afgelegd, oftewel een verval van 29 minuten. Dik tevreden duik ik met een “Bere”-grote medaille onder de warme douche.

Site van de organisatie
Uitslagen staan hier
Filmpje Marek Vis