Taunus Medium Ultra

Om te voorkomen dat een korte winterpauze in een complete winterslaap doorschiet plannen Henrie en ik vaak een wedstrijd begin Januari. Dan heb je in ieder geval een stok achter de deur om toch je loopkloffie aan te trekken als het weer eens ’s avonds donker en regenachtig is. Vorig jaar deden Henrie en ik voor het eerst mee aan de Taunus Ultra, een kleinschalige van A naar B loop over de Taunus Hochstraβe. Het verslag hiervan kun je hier nog eens nalezen.

Dit jaar had organisator Bert met zijn vrouw Jessyca een ronde uitgedacht van 50 km of 70 km door het Taunus gebied. Start en finish bij een jeugdherberg, met een pizzeria op 500 meter loopafstand. Aanreizen op vrijdagmiddag, zaterdags lopen en dan zondagochtend na het ontbijt weer naar huis, en dat voor een klein prijsje. Naast Henrie en mijzelf ging ook Eric mee, die wilde graag zijn verst gelopen afstand naar boven bijstellen. We gingen voor de 70 km, voor mij ook een lange tijd geleden dat ik zo’n eind gelopen had.

ouderwets stapelen met zijn allen

Na een vlot verlopen reis reden we het laatste stuk naar de jeugdherberg door de sneeuw, zou het dan toch winterser worden dan we gedacht hadden? Zoetjes aan kwamen er steeds meer lopers binnen, zelfs nog twee Nederlanders. Sjaak en Liesbeth zouden de 50 km lopen. We gingen met zijn allen naar de pizzeria, die daarmee ineens bijna vol zat. Een mooie manier om kennis te maken met de andere deelnemers, of even bij te kletsen met bekenden.

Er was verder niets te doen in de jeugdherberg (er was zelfs geen TV te vinden en Wifi-ontvangst was alleen in de centrale ruimte beschikbaar. Blij met 4G internet!). Tijd genoeg om de rugzak in te pakken en vooral de kledingstrategie goed door te nemen. Met een temperatuur van 2-4 graden in het dal, regen en mogelijk sneeuw moesten we natuurlijk ruim extra kledingstukken meenemen voor geval van nood. Mocht er wat gebeuren dan lag onderkoeling op de loer en het kon wel even duren voor je gered zou kunnen worden. De rugzak was dan ook zwaarder dan me lief was, maar beter mee verlegen dan om verlegen.

Na het ontbijt hadden we nog een korte briefing en daarna werden we op pad gestuurd. Geen linten, geen pijlen, de hele route zouden we zelf met onze GPS handheld moeten vinden. Precies wat we leuk vinden dus. Vol goede moed liepen we de sneeuw in en meteen een leuke klim op. We hadden met ons drietjes meteen onze plaats achteraan in het peloton gevonden.

lange klimmen…

Na de eerste klim ging het een tijdje redelijk naar beneden. Mooie gelegenheid om in het rustige ritme te komen dat nodig zou zijn om deze klus te klaren. Na een eerste glijpartij op mijn billen waren we gewaarschuwd. Verder in het dal lag er gelukkig geen sneeuw meer, het was alleen wat modderig. Mijn koude natte achterwerk werd al snel weer warm door de eerste lange klim. Zulke lange klimmen vind je nergens in Nederland.

Ik was blij dat ik mijn stokken meegenomen had. Zo kon ik Henrie nog een beetje bijbenen, die is nl. een veel betere klimmer. Gespierde spijker Eric kon ook behoorlijk vlot omhoog met zijn gloednieuwe stokken en zo maakten we behoorlijk progressie. Voor vlaklanders dan, want bij de eerste verzorgingspost op 16 km bleken we alleen niet de laatste te zijn omdat twee andere deelnemers verkeerd gelopen waren. Lekker warme en mierzoete vruchtenthee, marsen, winegums, van alles lag er klaar om ons op krachten te houden. Ik stak een paar marsen in de zakken van mijn Fusion broek, lekker makkelijk te grijpen onderweg en smelten deden ze niet met dit weer.

enthousiaste vrijwilligers

Halverwege verzorgingspost één en twee, net voor de lange klim naar de top van de Altkönig wisten we nog bij een Waldcafe een bak koffie en warme choco to go te regelen. Slurpend van onze lekkere warme drankjes liepen we de berg op. Maar de klim was wel zo lang dat de bekers al lang leeg waren voor we zelfs maar halverwege waren. Een beste klim was het, tot in de wolken. Het uitzicht bovenop was dan ook heel erg beperkt. In de zomer en bij mooi weer ongetwijfeld een enorme toeristentrekker. De redelijk steile en lange afdaling die er op volgde vroeg ook behoorlijk wat van de beenspieren. We waren blij dat VP2, op 36 km, in beeld kwam en dat we weer even bij konden tanken.

Na weer een supergoede verzorging door de vrijwilligers gingen we weer op pad, nu officieel als laatsten in koers. Het ging meteen weer steil omhoog het bos in en we raakten even het spoor bijster. Door wat bushwacking kwamen we weer op de route die de GPS aangaf. Na een mooie afdaling bleken we echter weer bij de plek te staan waar een uur eerder VP2 stond. We hadden de route wel gevonden, maar waren domweg de verkeerde kant op gelopen! Wat nu?

Nog een keer de route lopen zou minstens een uur, misschien wel anderhalf uur vertraging opleveren. En we zouden al laat binnen zijn en dus urenlang in het donker in de regen moeten lopen. We besloten daarom een alternatieve route te kiezen en daarmee het tijdverlies te beperken. Een route werd bedacht en vol goede moed vervolgden we onze tocht. Na een tijd lopen bleek de route die we bedacht hadden echter dwars over een bergrug heen te voeren, waar de oorspronkelijke route daar meer omheen draaide.

af en toe best lastig lopen

Qua hoogtemeters kwamen we zeker niet tekort, we moesten af en toe even een heuvelruggetje dwars oversteken om de richting te houden en niet te veel uit koers te raken. De bestaande paden liepen allemaal de verkeerde kant op. Sporen van bosbouwvoertuigen die recht omhoog voerden bleken prima als pad te kunnen fungeren, afgezien van de vele takken, boomstronken en wortels die er dan lagen. Beter dan door de braamstruiken….

uitzicht net iets meer dan nul

Met een telefoontje naar organisator Bert lieten we weten dat we VP 3 oversloegen en dat de vrijwilligers daar niet op ons hoefden te wachten in de regen die inmiddels niet meer ophield. Het werd een bijzonder avontuurlijke tocht en we vermaakten ons eigenlijk prima, maar we moesten nog regelmatig onze route aanpassen om weer een beetje in de richting te komen van de officiële route.

De benen begonnen wel behoorlijk stijf te worden van alle geklauter en ik voelde een paar blaren opkomen door de hele dag met natte voeten te lopen. In het dorpje Glashütten stopten we nog één keer bij een bankje. Even wat eten, nieuwe batterijen in de GPS en om de koplampjes op te zetten. Het werd inmiddels donker en het weer verslechterde. We waren niet erg rouwig om het feit dat we de route iets afgekort hadden. Anders hadden we nog een paar uur door de natte sneeuw kunnen lopen die nu begon te vallen.

donker en nat op de laatste klim

De laatste klim was de beroemde Groβer Feldberg, het hoogste punt in de regio. Een vervelend steile klim van ruim anderhalve kilometer door de natte slush, met natte sneeuw die in je gezicht vloog en ook nog eens mist die het licht van je lichtbundel verspreidde tot een lichtvlek voor je gezicht. Een echte uitdaging dus. En eenmaal bovenaan was het niet lekker met een eindsprint naar de finish… nee, met je zere bovenbenen mocht je ook nog eens via de glibberige skihelling naar beneden. En dan, eindelijk na 10 uur en bijna 60 km lopen, met daarin bijna 2000 meter klimmen waren we binnen. De klus zat er op! We hadden weliswaar een soort van medium loop gedaan door precies tussen de 50 en de 70 km uit te komen, maar we waren er blij mee.

Een hartelijk ontvangst door Bert en Jessyca was ons deel en een heerlijk warme douche zorgde er voor dat we ons weer mens voelden. Her en der druppelden nog deelnemers binnen die wel de 70 gelopen hadden, sommigen hadden zelfs 80 km gehaald door ook fout te lopen. Ook de 50 km lopers die binnenkwamen hadden diverse afstanden op hun horloge staan. De omstandigheden waren blijkbaar redelijk gunstig om aan het dwalen te komen. Maar niemand die zich er over beklaagde, sterker nog, het leek meer iets om trots op te zijn.

Op de top even weer een reepje pakken

Je wist immers voor de start waar je aan begon. Verkeerd lopen is eigen schuld, een oplossing zoeken is je eigen verantwoording. Soms betekent dat meer kilometers en soms minder. Toch maakte de organisatie zich wel zorgen toen wij terugkwamen van de pizzeria en er alleen nog twee Holländer onderweg waren. Gelukkig waren het ervaren rotten die uiteindelijk ook zonder kleerscheuren bij de finish kwamen.

Na het ontbijt de volgende ochtend reden we door de stromende regen weer naar de Achterhoek. Het was nog slechter weer dan de dag er voor. Toch nog enigszins geluk gehad met het weer dus. Stijf en stram, maar vol mooie herinneringen en sterke verhalen keerden we huiswaarts. Op naar het volgende evenement.

de route

André

Filmpje van de route op Relive
De route die wij gevolgd hebben op Strava



Bergischer Wuppertraining

Het Bergische Land, net onder het Ruhrgebied bij Solingen, hebben we al eerder bezocht. Zo liepen Henrie en ik hier al een paar keer de Bergischer Wupper Marathon. De rivier de Wupper slingert zich door de heuvels van dit gebied. Vakwerkhuizen geven het geheel de look van ouderwetse ansichtkaarten. De stevige heuvels, en het feit dat het redelijk dichtbij is vanuit de Achterhoek, maken het tot een ideaal gebied voor een flinke heuveltraining.

Henrie, Heini en ik stapten ’s morgens om 8 uur in de auto. We hadden niet echt een fijne dag uitgezocht. Volgens de weerberichten stond er zo’n 15 mm neerslag op het punt om zich over onze hoofden uit te storten. Regenjas en regenbroek konden dus eindelijk weer eens uit de kast getrokken worden en we verheugden ons op serieuze modderpartijen. Ik kon me niet eens meer herinneren wanneer ik voor het laast urenlang in de regen gelopen had.

Half tien liepen we de paden op, maar de beloofde regen viel reuze mee en de temperatuur ook. Zo vanuit de auto meteen flink heuvelop zorgde er voor dat onze temperatuur flink omhoog gejaagd werd. Na een paar minuten was dan ook al tijd voor de eerste pauze, eerst even een shirtje er onder uit. De heuvels in het Bergische Land zijn hoger en steiler dan in bijvoorbeeld het Teutoburger Wald.  Een stevige klim werd dan ook al snel een minutenlange powerhike. Hierbij liepen Henrie en Heini steeds makkelijk bij me weg, die kunnen enorm snel hiken. Maar ze wachtten steeds boven op me en in de afdaling kon ik dan weer even bijkomen.

Het gebied is ook behoorlijk rotsachtig. Goed oppassen dus op de paden, want niet alleen boomwortels, maar ook stenen verscholen zich onder het blad. De modder viel nog mee, maar je kon wel merken dat het al weer een paar dagen wat geregend had. De stroompjes en beken klaterden weer en ook de Wupper stroomde weer aardig.

Na een 14 km dachten we een eerste stop te doen voor koffie, maar het etablissement was nog niet open. Verder dus maar weer, een reep achter de kiezen en wegspoelen met water, en weer door. De combinatie van powerhiken om hoog en rennen naar beneden en op de vlakke stukken ligt ons vrij goed en we schoten dan ook lekker op. Echt makkelijk ging het niet, Henrie had niet echt zijn dag en mijn benen voelden ook niet top. Maar er was ook geen reden om het op te geven, echte pijntjes of zo hadden we niet. Een goede training in mentale weerbaarheid dus.

Bij 21 km hadden we eindelijk een plek waar we warme koffie konden scoren.  Maar binnenkomen mochten we niet, als we niet ook de brunch wilden nuttigen. Dat wilden we niet, dus werd het een Kaffee-to-go zonder Kuchen. Jammer, maar het was wel echte Nederlandse Beukenhorstkoffie uit de Achterhoek. Dat maakte een hoop goed. 

Tijdens de koffiebreak besloten we dat 30 km een mooie afstand zou zijn voor vandaag. Gezien de vorm van de dag en de zwaarte van het terrein was het dan mooi genoeg. Zo gezegd, zo gedaan. We maakten nog een mooie slinger door de heuvels en stonden uiteindelijk na zo’n 31 km, een kleine 1100 hoogtemeters en 4:15 uur netto looptijd weer bij de auto. Niet slecht voor een doorsnee zondag. Lekker dagje buitengespeeld weer. En een mooie training in voorbereiding voor de Taunus Ultra begin Januari.

Klein Zwitserlandtrail-experience in Luxemburg

(door Eric Hoogerbrug)
Bij deze een verslag van de Klein Zwitserlandtrail-experience.
Als ‘s morgens om 4:30 uur de wekker gaat om voor een trail van 21,5km naar Luxemburg af te reizen, vraag je je af of anderen dan toch gelijk hebben dat je “het good wies kapot hebt”. Maar goed, niet piepen en d’ran! Om effe voor 5:30 uur staan Linda & Martijn voor de deur om op pad te gaan. Ondanks het feit dat Martijn door een enigszins stevige omhelzing van een stukje buitengebied van Aalten niet mee kan lopen, gaat hij toch mee als chauffeur. En gaat hij daar een stuk aan de wandel.

Na 3,5 uur rijden komen we (uiteraard als eersten) aan op het startpunt bij camping “officiel” in Echternach. Alwaar langzamerhand iedereen binnen druppelde en Dorethea (volgens de ingewijden zoals wel vaker) nèt iets later onder licht commentaar haar entree maakte.  Dit uiteraard tot vermaak van iedereen. Na een soort van briefing ging de hele groep inclusief 6 cani-trailers (wat een onwijs mooie, en vooral enthousiaste dieren waren dat) op pad voor wat een supergave trail zou worden. Na een meter of 300 was het voor mij de lange reistijd en het vroeg opstaan al ruimschoots waard! Ik kan jullie verzekeren dat de foto’s het nog niet voor 50% laten zien hoe indrukwekkend was in het echie!

De ene mooie rotspartij volgde de andere op, en de vergezichten, ondanks dat het bewolkt en heiig was, logen er ook niet om. Dorethea had iedereen gewoon vrij gelaten in of mensen sneller of langzamer wilden lopen en of mensen ook door de kloven en grotten onderweg wilden gaan.Dit resulteerde in een groep die alleen maar opsplitste omdat de honden nietoveral door of over konden en de cani-trailers een alternatieve route liepen. De andere groep bleef telkens weer op elkaar wachten  en bleef dus mooi bij elkaar. Geweldig om tussen steeds nauwer wordende kloofjes door te kruipen, met één kloof die zelfs maar 30 cm breed was. Dan heb je het voordeel dat je niet stevig gebouwd bent, en er gewoon tussendoor past. Ook een gangetje dat behoorlijk kruip door -sluipdoor was kon niet worden overgeslagen door mij en een medetrailer (zijn naam ben ik ff vergeten. Sorry, niks nieuws voor mij). De grot was geen probleem, maarde klim terug naar boven over gladde keien en bladeren was de echte uitdaging.Toen ik boven kwam en achter mij iets naar beneden hoorde stuiteren was hetgoed schrikken. Gelukkig was het niet de andere klimmer, maar een kei die hij vastpakte en losschoot.

Gezamenlijk kon de groep dus gelukkig weer verder via allerlei mooie single-tracks. Bleef wel oppassen met al dat blad op keitjes en boomwortels. Een loopster verzwikte haar enkel, maar kon gelukkig (met wat moeite) wel tot het eind mee. Sommige passages konden alleen via trappen worden genomen. Maar dan ook in iedere vorm. Steen, klei, hout, staal en ook in iedere (on)mogelijke combi van deze materialen. Met name het “rovershol” was geweldig met z’n stalen ladders en “echte mensenbotten”. Na 14 km was het tijd voor lunch in restaurant de Trail-inn (waar anders), alwaar de cani-trailers op ons wachtten.Na een paar koppen slappe koffie (het koffie apparaat had kuren, waar deeigenaar zich uitgebreid voor excuseerde) ging het weer verder. Onder het genot van de zang van een van de dames (nooit geweten dat de tekst van band aid was:  let them know it’s crisis time again) ging het even vol gas over asfalt de bult af, en daarna weer het bos in.

Hier volgden nog meer single tracks en heul veul, maar dan ook écht heul errug veul trappetjes elkaar op. Zelfs toen Dorethea een deel van de route bestempelde als beter niet ivm de veiligheid werd er unaniem besloten om rivierbedding die verwoest was door een vloedstroom in juni toch te proberen en als iemand het niet zag zitten gezamenlijk terug te keren. Dit werd naar mijn (on)bescheiden mening één van de mooiste delen van de route! Daarna nog even een lange trap naar boven voor het uitzicht op de camping waar we vertrokken en via een alternatief paadje weer terug naar de auto’s. Helaas waren de honden niet welkom in het nabij gelegen Youth hostel en werd er voor het eten gekozen voor terugkeer naar de Trail-inn. Daar werd er gezamenlijk nog even de dag door genomen en was iedereen meer dan dik tevreden! Complimenten voor de organisatie van Dorethea Bil dus!!

Lochemtrail 18-11-2018

(door Rik Delsing)
Langzamerhand werd het tijd om langzaam mijn afstanden iets uit te bouwen voor de komende trailruns. De eerste die op het programma stond was de Lochemtrail. Binnen de zaterdagmorgengroep, waarmee we altijd in Lochem trainen, waren er wel meer wie hier zin in hadden en al snel hadden we een mooi groepje bij elkaar voor de 21km. Enkelen twijfelden nog en probeerden enkele zaterdagen van te voren al om de normale kilometers te verlengen met zo’n 5 km, om dan uit te komen op ruim 17 km.

Nu dat lukte, voor een aantal stond het licht op groen totdat we een appje van Annemarie kregen, met het bericht dat ze een breukje in haar voet had opgelopen op weg naar een training. Ap Scheers nam haar plaats in op voorwaarde dat hij een rokje aan zou doen. Maar met Vincent, John, Frank, Jan, Peter, Maria en ikzelf hadden we een mooie groep voor de 21 km. De dag ervoor ging ik nog snel even winkelen bij  Sport-balance in Breedenbroek voor een lange tight, een shirtje en een paar sokken. Aan de outfit kon het dus niet liggen.

Bij het ophalen van het startnummer kwamen we nog meer bekenden tegen. Zo deden Rene, Mark, Monique en Raymond ook mee, maar dan aan de 11 km, en Henrie deed zelfs de 31 km. Achteraf had ik nog een aantal bekenden gemist, volgens de berichtjes op Facebook. Het was dus weer een gezellig samenzijn. Maar veel tijd was er niet, we moesten op weg naar de start bij de Kale Berg. Nog snel nam onze fotograaf van vandaag, Carla, even een groepsfoto en toen gingen we op weg.

Stilzwijgend hadden we afgesproken om met de groep bij elkaar te blijven tot aan de drankpost, maar dat werkte niet. Peter was al snel in geen velden of wegen meer te zien en Inge en Vincent hadden ook een net te hoog tempo voor mij. Het is belangrijk om rustig te beginnen, omdat het venijn van deze 21 km in de staart zit. De eerste kilometers liepen we op voor ons bekend terrein, maar het was verraderlijk met al die bladeren op de boomwortels en dan ook nog vaak een verblindend zonnetje. Maar we hadden niets te klagen, het was perfect loopweer, droog een beetje fris en een lekker zonnetje.

Na het bos te hebben verlaten gingen we naar de overkant naar de toren en de ons bekende trap. Het liep tot nu toe wel lekker, maar ik kon geen tempo maken. De benen waren nog te zwaar van een training op vrijdagavond in de sportschool, achteraf dus geen goede combi. De laatste weken had ik een aantal weken weer op asfalt meegetraind, maar daar had ik toch last van met mijn achillespees. Ondanks dat ik goed had gerekt en warm had gelopen voelde ik deze wel, maar het was nog niet pijnlijk. Ik liet de rest van de groep lopen en ging mijn eigen tempo lopen samen met Ap. Ook hij had al lang deze afstand niet gelopen en had het ook zwaar. Bij het bungalowpark ging Ap zelfs onderuit, maar stond gelukkig meteen weer op.

Samen gingen we zo op weg naar de drankpost op zo’n 13 km. Er zaten lange rechte zandwegen in het parcours die keihard waren en dan ook nog stukken asfalt, dit liep niet fijn met trailschoenen aan. Ik was bang dat mijn achillespees zou gaan opspelen, maar dat viel mee. Bij de drankpost snel een stukje banaan en wat sportdrank genomen en toen weer verder. De stukken in het bos liepen lekker, al was het wel zwaarder aan het worden.

Na door een stal met koeien te hebben gelopenmoesten we door een droge sloot en toen weer zo’n lange rechte zandweg. Ik hoorde achteraf van andere deelnemers dat zij die stukken fijn vonden om bij te komen, maar voor mij waren ze saai en te hard. Langzaam kwamen we weer op bekend terrein en de kilometers gingen snel voorbij. Op zo’n 16 km nam ik nog even een gelletje om zo de laatste kilometers een beetje extra brandstof tehebben. We namen nog een slokje water en maakten ons op voor de finale. Bij de oversteek van de Barchemseweg, moesten we even stoppen voor enkele auto’s, en toen merkte ik dat ik er doorheen zat, ook Ap had het helemaal gehad, maar we moesten nog een pittig stuk.

Aan de overkant wachtte ons een pittig klimmetje en dan het pad naar de toren. Er was die dag ook een wandeltocht en de deelnemers keken ons vol bewondering aan en moedigden ons ook hartverwarmend aan. Ik was blij om boven bij de toren te zijn en toen kon afdalen. Dat ging wel weer lekker, in tegenstelling tot Ap, want afdalen vindt hij maar niets, zeker niet als je niet goed kunt zien waar je loopt. Eenmaal beneden wachten we op elkaar om samen de oversteek te maken naar de Barchemse kant.

We kwamen steeds dichterin de buurt van de finish en konden de speaker al horen, maar we wisten dat we nog een extra lusje moesten maken. Op karakter liepen we de laatste kilometer en daalden als laatste af in de kuil achter de Kale berg en kwamen hand in hand over de finish. We waren beide kapot en moesten eerst even wat drinken om op adem te komen. De rest van de groep stond ons op te wachten en was al weer fris en fruitig.

Met een bekertje cola in de hand liepen we naar de camping om ons om te kleden, want het was toch fris. Met moeite kleden we ons om, we waren stijf en kapot, en namen een lekker bakje erwtensoep in de kantine. Nog evennapraten, maar daarna gingen we toch snel op weg naar huis om te douchen. We hadden met de groep om16:00 uur alweer afgesproken bij het Brouwersnös in Groenlo om te borrelen en wat te eten. De speciaalbiertjes kwamen wel aan, maar smaakten ook heerlijk en het eten was perfect. Al met al een perfecte afsluiting van een mooie maar zware zondag. Er is nog ruimte voor verbetering zullen we maar zeggen.

Uitslagen staan hier
Foto’s van Misha Visser

Teutoburger Wald training

Het Teutoburgerwald is relatief dichtbij vanuit de Achterhoek en is een geweldig gebied om te trailen. Henrie en ik zijn er wel vaker geweest, maar het was weer hoog tijd voor een nieuw bezoekje. Henrie had een route gevonden op internet en deze een beetje aangepast. Voor een belangrijk gedeelte zaten er stukken van de Hermannsweg en de Teutoschleifen in.

We vertrokken vanaf Parkplatz Dörenther Klippen, vlabij Ibbenbüren. Op de parkeerplaats was het winderig en fris, dus nog maar even een jasje aan.  Dat jasje kon na vijf minuten weer uit, nadat we in het bos kwamen en meteen een flinke klim voor de kiezen kregen. De paden waren bezaaid met blad in allerlei herfstkleuren. Prachtig om te zien maar stenen en boomwortels waren hierdoor een stuk moeilijker te zien. Goed opletten dus.

We liepen eerst een heel eind over de Hermannsweg richting het westen, waarbij we een gedeelte van de Klippenlauf volgden. Het was weliswaar heuvelig, maar goed beloopbaar en met prachtige uitzichten. Het doel was om te trainen zoals we de lange trailwedstrijden lopen. Rustig tempo, heuvelop kalm aan en relaxed naar beneden. En onderweg zoveel mogelijk genieten natuurlijk.

Vanaf het meest westelijke punt van onze route volgden we een aangepaste weg terug. Deze voerde ons via allerlei singletracks en lange steile klimmen en afdalingen terug naar ons startpunt. De temperatuur was bijna 14 graden en op de gedeeltes waar geen wind was hadden we het erg warm voor de tijd van het jaar.

De geplande tussenstop na 20 kilometer kwam dan ook mooi op tijd om even de bidons bij te vullen. De Dörenther Almhütte was een lekker knus hutje waarin het haardvuur bijna te uitnodigend was. Een Kaffee met Kuchen ging er wel in natuurlijk. Daarna nog even de bidons bijvullen met kraanwater. Tot ontsteltenis van de bediening. Volgens hen was het officieel geen drinkwater en mochten alleen honden er van drinken. Na de vraag van Henrie of er wel eens een hond aan doodgegaan was, mocht hij toch op eigen risico zijn bidons vullen.

Het tweede deel van de route voerde ons oostwaarts. De heuvels in de buurt van de beroemde Dörenther Klippen waren nog hoger en steiler dan die in onze eerste ronde. Het heuvelop rennen hield dan ook al snel op en zo snel mogelijk omhoog hiken werd de norm. En zelfs dat viel niet mee, aangezien de paadjes allemaal supertechnisch waren.

De bomen hadden blijkbaar allemaal een hekel aan hardlopers, want ze staken massaal de wortels de lucht in om je te laten struikelen. En om het af te maken hadden ze hun blad er ook nog eens in een dikke laag overheen laten vallen. Zowel omhoog als omlaag vroeg dan ook alle concentratie. Een voordeel was wel dat het de laatste tijd wat geregend had. Die keer dat ik languit ging viel ik dus lekker zacht languit in de modder.

Tegen het eind van de tweede ronde begon het wat te regenen. Lang niet zoveel als voorspeld was gelukkig. Ik hoorde weliswaar veel regen vallen op het herfstblad, maar ik voelde niet zoveel regen dat ik een jasje aan moest doen. De temperatuur zakte iets, maar daardoor werd het eigenlijk nog lekkerder.

De klimmen begonnen me zoetjes aan in de benen te bijten. Op en neer, behoorlijk technisch allemaal, met maar heel weinig stukken waar je even lekker de benen los kon lopen. Alleen een stukje bushwacken, waar het pad niet meer te vinden was, bracht wat rust voor de benen. En één van de weinige lange afdalingen waar we lekker hadden kunnen lopen, was door anti- mountainbike activisten bezaaid met takken en stammetjes over het pad. 

Alles bij elkaar een perfecte trainingsdag dus voor het echte werk in de Taunus Ultra in januari. Terug bij de auto waren we wel wat moe, maar we hadden een prachtige dag in de bossen gehad. Helemaal tevreden stapten we weer in de auto voor de terugreis naar de Achterhoek. 35 kilometer genieten met bijna 1000 hoogtemeters, de helft van de Taunus Ultra dus, niet gek toch?

Meer foto’s 
de route op Strava

Sticky Grip Clinic

Afgelopen zaterdag werd er een trail clinic georganiseerd bij Sport-Balance in Breedenbroek, mijn favoriete winkel voor allerlei trailspullen. Inov-8 Benelux stelde in het kader van de Sticky Grip Tour testschoenen beschikbaar voor het praktijk gedeelte. Pascal Schepers, regionale trailtopper die ook op nationaal niveau goed met de top meekomt, zou zijn kennis en ervaringen delen. 

Ik was ruim op tijd in de winkel en had dus tijd genoeg om even lekker te snuffelen tussen de schoenen, kleding, rugzakken en andere trail en survivalspullen. Altijd lastig om in zo’n ‘snoepwinkel’ te komen en dan niets te kopen…. Deze keer is het gelukt, maar ongetwijfeld kom ik binnenkort nog een keertje langs.

Na een korte introductie vertelde Pascal het één en ander over allerlei dingen die bij het lopen van (ultra)trails van belang zijn. Zo had hij het over diverse trainingsvormen, trainingsschema’s, voeding en planning. Hierbij had hij diverse voorbeelden uit zijn deelname aan diverse wedstrijden, en met name de 113 km lange Scenic Trail van afgelopen jaar. Uiteraard was er ruimte voor vragen en daar werd ook volop gebruik van gemaakt.

Aan het eind van het verhaal konden we de Inov-8 XTalon 230 testschoenen passen. Met die schoenen vertrokken we daarna naar Engbergen, een klein heuvelgebiedje in de buurt. Daar deden we diverse oefeningen die Pascal in zijn verhaal al had genoemd in de praktijk. Uiteraard werd er ook gelopen. Heuveltje op en af, op diverse manieren, werd enthousiast geoefend. De stemming was perfect, maar het mooie weer droeg daar ook zeker aan bij. 

De schoenen van Inov-8 deden het ook prima overigens. Prima pasvorm en echte gripmonsters. Mochten we binnenkort eindelijk weer eens wat meer regen en lekkere vette modder krijgen dan zijn dit de aanbevolen schoenen 😉

Beachy Head Marathon, waarom loop ik hier?

(door Gerrit Dijkslag)

Waarom sta ik hier nu eigenlijk? Herhaaldelijk moet ik mezelf vertellen dat ik dit zelf wil, dat ik hier vrijwillig sta en dat niemand mij dit dus opgedrongen heeft. Hier, is een ijskoude plek in het Zuidelijkste puntje van Eastbourne, dat ook al in het Zuid (Oostelijkste) puntje van het Verenigd Koninkrijk ligt. Goed, voor dat ijskoude weer heb ik niet gekozen, twee weken geleden zat ik nog met ontbloot bovenlijf en korte broek achter in de tuin! Zie me nu staan, lange broek, T-shirt met lange mouwen onder mijn AVA wedstrijdhemdje en handschoenen! Handschoenen! Nog een wonder dat ik eraan gedacht heb om ze in mijn koffer te stoppen! Maar goed ook, want nog heb ik het niet echt warm. Samen met de kou gieren de zenuwen door mijn lijf, waarom sta ik hier eigenlijk, wat doe ik hier?

724

Ruim acht maanden geleden ben ik voor de tweede keer aan mijn hart geopereerd om mijn hartritmestoornissen tegen te gaan. Gelukkig is dat dit keer gelukt en in dat geluk en enthousiasme heb ik mij opgegeven voor de Beachy Head Marathon, een van de grootste off road marathons van de UK. Dit omdat ik hier 4,5 jaar geleden op vakantie ben geweest om de wereld beroemde krijtrotsen formatie “Seven Sisters” te bewandelen en bewonderen. Dit in combinatie met het bezoeken van het al even beroemde grastennistoernooi van Eastbourne, met deelname van de wereldtoppers als Wozniacki, Jankovic en Vesnina. Weer thuis gekomen kwam ik op het onzalige plan om op het internet te zoeken of er over de Seven Sisters geen hardloopwedstrijd gehouden werd. Ik had er een dag wandeling van bijna 40km overheen gelopen en heb daar erg van genoten, prachtige uitzichten over zee, de vuurtoren in de diepte, Engelse landweggetjes en uiteraard de overweldigende krijtrotsen met hun onpeilbare diepten. Hoe mooi zou het niet zijn om hier overheen hard te lopen?


Hoe mooi? Hoe mooi? Hoe zwaar zul je bedoelen, de Seven Sisters zijn al kilometers lang heuvel op – heuvel af, daarvoor zitten er ook al drie nog veel hogere beklimmingen in en hoelang is een marathon ook al weer? Juist ja, 42,195 meter!
Maar was mijn hartritmestoornis niet juist verholpen en zijn heuvels/bergen niet juist mijn ultieme geluk van hardlopen? Dat is beiden waar en tevens juist, maar mijn lichaam is na mijn operatie in een soort shock terechtgekomen. Klaar met al de zorgen om een verhoogde hartslag, blokkeerden nek, rug en bilspieren volledig. Ik kan je verzekeren dat dat niet ontsnappen loopt. Maar ja, ik heb wedstrijd, hotel en vliegticket al geboekt, dus gelopen gaat er worden! Vol optimisme een (wedstrijd) schema gemaakt, afspraak met Corine van fysio de Hofstraat gemaakt en er het beste maar van hopen. Met veel geduld en nog meer oefeningen ging het langzaam vooruit en steeg het vertrouwen op een goede afloop.

Samen met Niek worden de langere wedstrijden bezocht en dat ging eigenlijk verbazend gemakkelijk, tuurlijk koste het energie en werd ik ook moe. De volgende twee dagen was ik zo stijf als een plank, daarna herstelde ik weer en kon ik de training weer aan. Dat ging goed tot mijn laatste wedstrijd, de 28km lange Hoge Veluwe Trail. Of het kwam omdat Niek er niet bij was of omdat mij verteld was dat dit geen zware trail zou zijn (wat ik dus wel vond) of dat ik mijn lichaam het afgelopen jaar al genoeg gepijnigd heb, het laatste half uur verstijfde ik helemaal en dat werd de week erop alleen maar erger, In paniek de laatste 1,5 week voor Eastbourne drie keer bij Corine langs geweest en twee trainingen overgeslagen, had al moeite om een uur achter elkaar te rennen……
Waarom sta ik hier eigenlijk? Om te laten zien dat de opofferingen van het laatste half jaar niet voor niets zijn geweest, dat mijn hart een dergelijke inspanning weer aan kan, dat de laatste twee weken luisteren naar je lichaam en niet blind een schema volgen helpt, maar vooral omdat ik er zin in heb!

Daar klinkt het startschot en met ruim 2200 atleten zetten we ons in beweging! Al na 200 meter doemt de eerste heuvel op en stokt het tempo, de Engelsen kennen geen flessenhals start en het is dus dringen voor de smalle ingang van het duingebied. Gelukkig ontdek ik achter het talrijke publiek een paadje waar ik alle ruimte heb, geschrokken gaan de mensen achteruit en algauw heb ik een horde lopers achter me aan. Ongemerkt overwin ik zo de eerste 50 hoogte meters en ik voel mijn rug niet verstijven. Dit geeft vertrouwen en vol goede moed ren ik door. Het is nog steeds druk op het parcours en smal, maar kan redelijk mijn eigen tempo lopen. We rennen over graspaden op de top van de duinen, hoewel top, bijna top, we lopen een beetje schuin, wat we vandaag heel veel blijven doen met als gevolg een bloedblaar aan de binnenkant van mijn rechtervoet. Gelukkig zie ik dit pas onder de douche in mijn hotel. Om mij heen kijkend en vol verwondering ren ik verder, rechts Eastbourne, links de zee, langs weilanden, doorsneden door de typische Engelse muurtjes, over paden met hinderijke steentjes, vooral tijden het afdalen en overal aanmoedigingen.


Heuvelop haal ik veel mensen in, de helft gaat me in de afdaling weer voorbij. Maar waar ik het idee heb ontspannen te lopen kijken velen toch al vermoeid uit de ogen. Bij de verzorgingsposten is van alles te krijgen, verschillende soorten koek en drank, en ook snoepjes, maar om nu een hele mars te nemen? De passages door de dorpjes zijn een welkome afwisseling op het verder natuurlijke maar oh zo mooie landschap. Door de lange beklimmingen kom ik wel meer voorin het veld te liggen, maar geen idee hoeveelste ik ben of hoelang ik er over ga doen,  maar doet dat er toe?  Als de verzorgingsposten op de juiste plek staan, zit ik rond de vier uur schat ik zo in.

Wat me wel opvalt, is dat hoe meer ik voorin kom te lopen, hoe schaarser de lopers gekleed zijn. Waar in aan het begin met mijn handschoenen niet opviel, lopen ze hier in korte broek en soms zelfs hemdje. Ik heb het niet koud meer, maar ook niet echt warm, gewoon lekker. Nog steeds nergens last van hebbende, nader ik het halve marathon punt, hier staat in the middle of nowhere zelfs een klok met tijdsregistratie matten, over service gesproken! In iets minder dan 2 uur dender ik ontspannen over deze mat, nog steeds voornamelijk over gras en in de zon lopend kan ik dus onder de zo gehoopte 4 uur komen. De meeste hoogte meters zijn achter de rug maar de gevreesde traptreden, 300 stuks (!) en de Seven Sisters moeten nog komen en begint de marathon niet pas bij 35km? Stonden in de eerste helft de meeste hekjes netjes open, in de tweede helft word er van je verwacht dit zelf te doen.

De afdalingen bestaan nu niet meer uit paden met steentjes maar uit gras met konijnenholletjes. Nog steeds uitkijken dus. Na het langste stuk asfalt, wel omhoog, was ik ze bijna vergeten, de traptreden! Deze lagen gelukkig gelijkmatig, in een vlot ritme lagen de eerste 50 treden onder me. Twee kilometer verder begon het, vergeet die 50 eerste treden, die tellen niet mee, dat was kinderspel. In een verder mooi bos waren op een bergweg willekeurig 300 treden neergesmeten, hier heb je je trap en nog stijl ook! Diep ademhalen, verstand op nul en klimmen maar. Waar velen moesten wandelen kan ik de gang er (nog een beetje) inhouden. Met ontplofte bovenbenen zet ik de welverdiende afdaling in. Een afdeling verder moeten we over een muurtje klimmen, gelukkig staat er een aardige vrijwilligster de weg te wijzen, want halverwege dat muurtje moeten we linksaf slaan en door….


Bij het oversteken van een verharde weg weet ik ineens weer waar ik ben, hier heb ik rechts tijdens mijn lange wandeling vier jaar geleden heerlijk gegeten. Nu helaas geen tijd voor, want hier zijn ze, de Seven Sisters, zeven keer naar boven en ook weer naar beneden, na ruim 30km een enorme aanslag op mijn bovenbenen. Omdat de zon toch nog aan kracht wint en het bijna windstil is wordt het nog warm ook en daar loop ik dan met mijn handschoenen. Door dit alles en ook nog een enigszins hongerig gevoel, moet ik tot twee keer toe wandelen, maar waar ik denk dat ik het moeilijk heb, ga ik er nog steeds velen voorbij. Velen, op één na dan. Onderaan een van de vele Sisters staat een little sister met een snoepbakje. De inhoud biedt ze aan de atleten aan. De loopster voor me wil er eentje pakken, maar grijpt mis, een luide vloek is het gevolg. Onze little sister laat het er niet bij zitten en zet de achtervolging in, als een hinde rent ze me voorbij tot aan de atlete voor me, die zo alsnog uit het bakje kan snoepen. Vol verbazing roept ze “Oh what are you quick!” en dat was ze ook!


Helaas heeft ze hierdoor geen tijd om mij iets aan te bieden. Daarom neem ik op het laatste verzorgingspunt uitgebreid de tijd om te eten en drinken, zelfs een stuk mars. Hierdoor aangesterkt kan ik ook het laatste stuk redelijk doorlopen, de zon op het water zien schijnen, de oude en nieuwe vuurtoren zien en van verre het bezoekerscentrum van Beachy Head zien. Daar beneden ligt de zo lang verwachtte finish. Maar eerste moeten we de laatste top, vlak voor Eastbourne nog bereiken. Plots moet ik denken aan bijna een jaar geleden toen ik de laatste Terhill in mijn 750ste wedstrijd in België bijna niet opkwam en als diezelfde Terhill tegen mijn operatie opzag. Zowel operatie als deze laatste heuvel gaan goed. Mijn bovenbenen en bilspieren exploderen nog een keer waardoor de laatste afdaling erg verkrampt gaat, maar 200 meter verder gaan de beide armen de lucht in en wordt de welverdiende medaille om mijn nek gehangen. Net niet onder de 4 uur, maar met 4:04:40 ben ik zeer tevreden gezien de voorbereiding en vooral het zware parcours. In de tweede helft opgeschoven van plek 217 naar plaats 187, not bad for a flatlander.


Nu weten jullie waarom ik daar bij het vriespunt in Zuidoost Engeland aan de start stond. Als jullie mij een keer tegenkomen, vertel het mij dan ook, want aan de start wist ik het echt niet meer en nu ik gefinisht ben, kan ik het haast niet geloven, heb ik het echt gehaald?
Nog een vraag, waarom denken die Engelsen dat ik er als een soort doorbakken stuk vlees uitzie als ik langs kom rennen, iedereen schreeuwde en klapte “well done”  naar me. Raar volk die Engelsen maar deze wedstrijd was super georganiseerd en het publiek was “amazing”!

Greetings Gerrit Dijkslag

Grizzly-100 Griezelig geweldig

(door Henrie Drenthel)

De beer is los! Na een door een voetblessure ingekorte 100 km run van de La Chouffetrail in juli besloot ik een tijdje rustig aan te doen om in het najaar weer eens richting de 100 km te gaan. Oorspronkelijk stonden de Infinityloops op het programma maar door een minimale vooraanmelding en een concept van 7 herstarts zag ik dat toch niet zitten en besloot ik dat het toch maar een ééndaagse moest worden. Periode oktober beviel vorig jaar met de Bergischer Ultra ook prima dus na even zoeken kwam ik uit op de Bear Trail. Een ruim opgezet evenement met diverse afstanden, 16-25-39-58-83 km en voor de Die-Hards 100 km, oftewel de Grizzly-100. De start is zaterdag 27 oktober om 6.00 uur ’s ochtends en de maximale looptijd bedraagt 18 uur, oftewel 0.00 uur zondagmorgen.

Start en finish zijn in St Gravenvoeren in de Belgische Voerstreek ietsje ten zuidwesten van Maastricht. Het parkoers liep eerst ‘bovenlangs’ in oostelijke richting naar het Drielandenpunt in Vaals alwaar er een omloop van 18 km over Duits grondgebied gemaakt moest worden en daarna weer westwaarts richting de finish.

Vrijdag 26 oktober:

Na een langdradige reis met veel oponthoud en file parkeer ik omstreeks 18.30 uur op de parking bij de voetbalclub SK Moelingen en installeer direct alles voor de nacht. De organisatie is al druk bezig met opbouwen en ik heb geluk nu al mijn startnummer etc. op te kunnen halen, scheelt morgen vroeg weer wachten. Inmiddels is het gaan regenen en voelt het guur aan. In een nabij gelegen Vlaamse pub hebben zich al meer lopers getroffen en eet ik even een lekker Limburgse pasta en wat plaatselijke biertjes waarna ik rond 10.00 uur onder de wol kruip, het is immers om 4.30 uur weer dag.

Zaterdag 27 oktober:

De wekker loopt af en echt overdreven warm heb ik het niet. Even de neus buiten de deur en ik weet direct dat het jasje aan kan met de start. M’n drop-bag had ik al klaar gemaakt dus die kon ik om 5.45 uur snel afgeven en daarop is het nog maar kort tot de start om 6.00 uur.

124 lopers stonden er op de startlijst. In het donker is het slecht te zien hoeveel het er echt zijn want ook de 83 km start gelijk met ons. Vanaf het begin loop ik heel relaxed met de rem er op in het donker en blijf mijzelf in prenten vooral rustig te blijven want om mij heen vliegt iedereen naar voren. Ik weet uit de vele beginnersfouten die ik al heb gemaakt dat ik hier nu niet aan mee moet gaan doen.

In het donker gaat het gestaag op en af en we komen door enkele kleine plaatsjes als Sint-Martens-Voeren, De Plank, Teuven waarbij de laatste na ruim 25 km de eerste verzorgingspost is ingericht. Ik klok ongeveer 3.20 uur, en dat is ongeveer wat ik verwacht had.

Verder gaat het richting Drielandenpunt en het parkoers wordt behoorlijk heuvelachtig. Lijkt veel op de Koning van Spanje en de X-Trails Vaals. Niet gek natuurlijk, want dat is in dezelfde streek. Het gebied is veel natuurlijker en bosrijker geworden. Prachtig. De zon komt er langzaam flauwtjes door maar echt warm wordt het niet. Ten noorden van Gemmenich staat de tweede (en derde) verzorgingspost. Heerlijk in een grote partytent met allerlei lekkers; soep, koffie, Chouffe, pasta en een hete lucht kanon. Ook mijn drop-bag ligt hier en ik besluit even een droog shirtje en dun jasje aan te trekken en het eerste, nat bezweette setje uit te doen. Dat ging allemaal nog best soepel en ik begin aan het Drielandenpunt-lusje van 18 km. Ken het hier een beetje en weet dat er redelijk wat hoogtemeters aan komen dus doe rustig aan. Toch nog even een giga-dip waar ik na een half-uurtje en wat Beef-Jerky doorheen ben. Het 50 km punt passeer ik na 7.12 uur. Op de helft dus en op de terugweg.

Bij de tweede keer Gemmenich neem ik wat meer pauze; kleed mij om naar lange tight en thermoshirt. Ook weer koffie en soep en verder gaat het weer. Mijn loopmaatjes uit de eerste helft zijn al iets eerder vertrokken maar ik besluit toch mijn eigen tempo te volgen.

Na een km of 68 loop ik zo’n 100 meter achter een andere loper en blijf hem braaf volgen. Totdat hij bij een parkeerplaats komt en in z’n auto stapt. Het was gewoon een loper die lekker op zaterdagmiddag in het bos liep. Of het een dip was of een black-out weet ik niet maar plotseling was ik de blauwe markeringen kwijt. Pak gauw mijn GPS en zie al gauw dat ik mooi op de paarse lijn loop, gelukkig. Een kwartiertje verder bij Cottessen komt mij de omgeving wel heel erg bekend voor, hier heb ik vanmorgen ook nog gelopen??!! Zoom uit op mijn GPS en zie het al, heb de verkeerde richting van de paarse lijn gevolgd en zodoende een stuk van de ochtendroute tegengesteld gelopen, sukkel! Gelukkig kun je met zo’n GPS ook weer redelijk gemakkelijk de juiste route terug vinden en probeer redelijk op gevoel weer op de juiste afstand in te voegen. Na een uurtje is dit ook gelukt en kan ik de oorspronkelijke route weer volgen.

Richting laatste verzorgingspost in Veurs loop ik via een boerenerf waar de koeien op springen staan na blijkt. Direct achter mij doet de boer in overleg met de organisatie het pad dicht en mogen Bertha 11 t/m 57 eerst richting melkrobot voordat de lopers weer verder mogen. De ‘verloren’ tijd wordt door de organisatie hersteld naar blijkt.

Bij de laatste verzorging begint het behoorlijk donker te worden en is het nog maar een graad of 4. Ik besluit mijn regenjas er bij overheen te doen en steek mijn hoofdlamp aan. Het gevoel is nog goed. Nog ruim 15 km te gaan en ik weet eigenlijk al dat ik het, normaal gesproken,  ga halen. De meeste hoogtemeters hebben we wel gehad. Heuvelop gaat het stevig doorstappend in het donker en de afdalingen gaan voorzichtig dribbelend want er liggen erg veel keien onder het herfstblad. Wil ook nog niet vlak voor het eind uitvallen. Loop in op twee Belgen en de laatste 5 km lopen we samen. Nu blijkt de laatste 5 km ook nog eens 500 meter langer te zijn en prachtig is het om te zien hoe een ultraloper zich daar druk om kan maken.

Uiteindelijk komen we gedrieën binnen in 14 uur en 53 minuten waarbij ik de tweede 50,5 (😊)km in 7.41 uur heb afgelegd, oftewel een verval van 29 minuten. Dik tevreden duik ik met een “Bere”-grote medaille onder de warme douche.

Site van de organisatie
Uitslagen staan hier
Filmpje Marek Vis

Devilstrail Nijmegen 2018

(door Eric Hoogerbrug)

Vanmorgen (28-10) vertrokken naar Berg en Dal voor weer een zeer geslaagd rondje rijk van Nijmegen! Tweede Devil’s trail deze maand en het weer was geweldig. Zeker gezien de voorspellingen van eerder deze week waarin zelfs sneeuw genoemd werd. Het vertrekpunt was vanaf camping “de groote Flierenberg” en de sfeer was zoals altijd weer heerlijk gemoedelijk.

5 Minuten voor de start word iedereen naar de start gehaald voor de briefing die hoofdzakelijk gaat over dat je moet genieten en je rotzooi mee moet nemen uit het bos. 😁 Dan op de tonen van Van Halen’s running with the devil (what else) word het peleton losgelaten richting het bos. Wat een geweldig parcours weer met veel heuvels, vals plat, bos met lange stukken single-track en alles perfect uitgepijlt en met linten uitgezet.

Het eerste deel liepen we regelmatig tussen de vele mountain-bikers die daar ook een toerrit hadden. Niet heel handig, maar voor zo ver ik heb gehoord gaf dit geen gezeur. Zo hoort het ook, als iedereen een beetje rekening met elkaar houd…. Deze trail was zwaarder dan die in Doorn, dus het tempo deze keer bewust wat lager gehouden. Dat dit niet mijn sterkste punt is, is intussen wel bekend denk ik.

Bij de verzorgingsposten die ruim voldoende aanwezig waren rustig wat drinken en eten helpt aardig om even te herstellen. Maar dan kom er achter dat je even was vergeten dat het venijn hem hier echt in de (duivel)staart zit. 3km voor de finish nog twee nare bulten, dat levert genoeg spierspanning op in de kuiten en hamstrings dat je (weer) 1km voor de finish tijdens het maken van een foto nog ff lekker kramp krijgt. Nadat me dat was overkomen bij de Ketelwaldtrail op rechts overkwam, was het in de linker hamstring deze keer.

Gelukkig met wat rekken en toch nog maar een gelletje en wat extra drinken de laatste 800 meter hardlopend af kunnen leggen en dus in ieder geval glorieus over de finish kunnen gaan waar mijn top-supporter Anja enigszins verkleumd op me stond te wachten. Sorry schat.😘 Volgend jaar maar eens kijken of ik er 3 kan lopen en de titel “King of the trails” kan behalen.

Willems Berg en Dal marathon

Willem Mutze is een fenomeen binnen de Nederlandse ultrawereld met ontelbare (ultra)marathons op zijn palmares. Ik wilde al tijden een keer aan één van zijn kleinschalige loopevenementen meedoen, maar het was er nog steeds niet van gekomen. Dit jaar pastte de Berg en Dal editie eigenlijk perfect in de opbouw na mijn rugblessure. Maar dan wel de ‘bambini-afstand’ van een marathon in plaats van de 60 km die eigenlijk het hoofdonderdeel was. Er werd een zomerse dag voorspeld, maar met 4 verzorgingsposten onderweg zouden we niets tekort komen.

Deze keer zou ik alleen lopen, want Henrie wilde de 60 doen in de aanloop naar de 100 km lange Grizzly trail over twee weken. Maar voor de start hadden we nog tijd genoeg om even te kletsen en kwamen we meerdere bekenden tegen uit de ultra en trailwereld. Heerlijk ontspannen sfeer, iedereen had er zin in. Wat is er immers mooier dan bij een stralende zon door een mooi herfstbos te rennen.

Meteen na de start ging het bij mij al een beetje mis. Ik zat nog wat te prutsen met mijn Garmin en had iets te laat in de gaten dat mijn voorgangers een steen ontweken. Hoewel ik de grootste schade nog een beetje wist te vermijden door nog iets van een rolletje te doen had ik toch twee geschaafde knietjes. Maar aangezien het bewegende gedeelte van mijn knie nog OK voelde ging ik gewoon verder.

De eerste tien tot vijftien kilometer nam de organisatie de naam Berg en Dal wel heel serieus. Het ene klimmetje na het andere, al dan niet via een trappetje, kregen we om de oren. Even rustig aan beginnen zat er dus niet in. Ik liep al meteen vanaf de start samen met Petra Domhof, oud-clubgenoot dus genoeg stof om over te kletsen. Al keuvelend liepen we toch nog best vlot door, maar we hadden ook nog volop oog voor de mooie natuur. De eerste verzorgingspost hadden we dan ook al best snel bereikt. Een zorgzame dame gaf me eerst een lekker bekertje cola en poetste ook nog even mijn bebloede knieën een beetje schoon.

Na een kilometer of 15 kwam ik alleen te lopen na een sanitaire stop en een kleine vergissing waardoor ik een klein omweggetje maakte. Maar dat was op zich niet erg, want samenlopend dreigden we iets te snel te gaan. Ik genoot enorm van de paadjes door het bos en de doorkijkjes over de dalen. Bij de 20 km verzorgingspost zag ik Petra nog wel even maar tijdens een stuk vals plat moest ik meteen weer afhaken. 

Ik belandde ineens in een enorme dip, fysiek liep het even helemaal niet. Ik verkrampte in mijn kuiten en hamstrings en ook mijn rug begon op te spelen. En dat is uitermate ongelukkig als je net weer een stuk of wat gemene klimmetjes en afdalingen krijgt. Even wandelen met grote pas om de rust terug te vinden en wat ontspanning in mijn rug te krijgen was de enige optie, maar in de eerste de beste afdaling die ik naar beneden dribbelde schoot de kramp in mijn kuiten. 

Balen, maar geen reden tot paniek. Even goed eten en drinken en het lichaam de tijd geven om het op te nemen, oftewel nog meer rustig aan dus. De temperatuur was inmiddels aardig opgelopen, een graadje of 26, dus koud zou ik het niet krijgen. Ook haalde ik ondertussen regelmatig wandelaars in die ook de marathon deden. Die waren anderhalf uur eerder gestart. Kon ik af en toe toch even een praatje maken voor ik weer een dribbel in zette. En de uitzichten over alle herfstkleuren in het bos, die er door de zon nog eens extra uitsprongen, maakten het tot een hele mooie ervaring.

Ondanks de fysieke malheur viel ik gelukkig dus niet helemaal stil en zoetjes aan begon ik me weer beter te voelen. De laatste 10 kilometer begon het zelfs best wel weer redelijk te lopen. Uiteraard was dat een beetje te laat, maar liever te laat dan helemaal niet. Ik kwam in ieder geval heel tevreden over de streep, met in ieder geval de voldoening dat ik een megadip toch had weten te overwinnen.

Na de finish nog even heerlijk in de zon op het terras gezeten met een groot glas koude cola. Het leek wel zomer! En ook de douche was gewoon nog warm, meer kun je toch niet wensen? Even herstellen, beetje nieuw vel op mijn knie en dan weer op naar de volgende uitdaging. De lat lager leggen kan immers altijd nog…

Kijk hier voor een Relive filmpje van de route
Hier nog meer foto’s op Facebook