Stoom, zon en zweten

Stoom, zon en zweten, dat zijn toch niet direct termen die je associeert met Vikingen. Het was denk ik ook niet helemaal de bedoeling van Viking Adventure Sports om zo’n tropische run te organiseren als afgelopen zondag. Het was in de basis een geweldig idee: de stoomtrein van de Veluwse Stoomtrein Maatschappij afhuren en deze vol met traillopers vanuit Dieren laten vertrekken. Onderweg stop je een keer om de kortere afstanden (10/15 km) er uit te laten in Eerbeek en de langere afstanden (25/42 km)mogen er in Beekbergen uit. Voor alle afstanden gold dat ze via een toeristische route weer terug naar Dieren mochten lopen. Lekker ontspannen, geen uitslagen, geen tijdsregistratie, gewoon lekker een middagje buitenspelen.

Henrie en ik deden weer eens de lange afstand, hoewel de laatste ervaringen op de Veluwe me nog vers in het geheugen stonden. De weersvoorspellingen waren met een temperatuur van boven de 30 graden niet optimaal… Rustig aan doen en het tempo aanpassen aan de omstandigheden was het devies. Bovendien hadden we gezien dat er naast de reguliere posten ook nog wat horeca gelegenheden aan de route lagen. De portemonne ging mee in de rugzak voor een colaatje of een ijsje onderweg.

Een hele groep clubgenoten en andere loopvrienden deden ook mee aan de kortere afstanden, het was dan ook heel gezellig op het start-/finishterrein. In de stoomtrein leek het wel een schoolreisje qua lawaai en of het toeval was of niet, maar wij bezetten met ons clubje zo’n beetje de hele restauratiecoupé. Helaas bleef de bar dicht tijdens de reis. Het was in ieder geval een hele belevenis om met het boemeltje naar de start te gaan, de stemming steeg net zo hard als de temperatuur.

Nadat in Eerbeek de lopers voor de korte afstanden gelost waren werd het rustig in de trein. In Beekbergen mochten we zelf uitstappen. De temperatuur was inmiddels al boven de 25 graden… Na een stukje gezamenlijk lopen tot de oversteek van de grote weg mochten we echt van start, het bos in. In een rustig dribbeltje begonnen we aan onze marathonafstand, geheel op GPS. Deze keer geen lintjes of bordjes, maar zelf de weg zoeken.

In het bos was het best lekker en nadat Henrie door wat opstartproblemen was begonnen we in een fijn ritme te komen. Op de vlaktes brandde de zon genadeloos en dat zou alleen maar erger worden. Niet overdrijven in het begin was dan ook het devies. De eerste post op bijna acht kilometer had alleen water, maar ik had nog bijna niets gedronken. Ik liep al wel vanaf het begin met waterkoeling: door een lekje in mijn waterzak werd mijn rug continu nat gehouden. Best lekker met dit weer, maar wel even in de gaten houden hoeveel ik dan in mijn bidons overhield.

De heide was prachtig paars en het was gewoon een genot om naar te kijken. Maar toch verlangde ik bij ieder heideveldje weer naar het bos en de schaduw. En ik was niet de enige. Al heel vroeg in de wedstrijd zag ik links en rechts al mensen wandelen om even de temperatuur te laten dalen of even wat water over het hoofd te gieten. Heel verstandig. Ons eigen hitteplan trad in werking bij de eerste de beste ijsverkoper langs de route. Het eerste ijsje van de dag was een feit.

De tweede verzorgingspost was bij de beroemde Brandtoren. Midden in een grote open vlakte. Het was ook meteen de splitsing tussen de 25 km en de 42. Hier namen we iets meer tijd om even te koelen en te drinken. Veel lopers besloten hier ook dat ze hun marathon gingen inkorten vanwege de hitte. Wij hadden het heet, maar voor ons gevoel hadden we het nog goed onder controle en besloten in een rustig ultrashuffletje de hele wedstrijd uit te lopen. Het was immers ook niet heel ver meer naar de Posbank. En daar was niet alleen een waterpost, maar ook horeca. Maar eerst nog maar zorgen dat we de vlakte zouden overleven.

Eindelijk kwamen we het bos weer in. Even bijkomen in de schaduw. Het meest loopbare stuk hadden we inmiddels gehad en nu begonnen we in ons favoriete deel te komen. Heuvel na heuvel, mooie afdalingen en klimmen met heel veel wortels. Heuvelop rennen was niet te doen zonder uit elkaar te ploffen van de warmte, naar beneden ging nog wel. Maar je voelde wel dat de hitte langzaam maar zeker alle reserves weggevreten had. Het werd steeds meer een strijd tegen de elementen.

Bij de Posbank was het een drukte van belang met toeristen die de paarse heide kwamen bewonderen, hordes fietsers en andere dagjesmensen. We kochten een flesje koude frisdrank en maakten uitgebreid gebruik van het ‘hondekraantje’ om water over ons heen te gieten en de bidons te vullen. Even goed koelen, heerlijk. De mensen keken ons lopers wel een beetje vreemd aan, geen idee waarom…

Waar we het stuk rondom de Posbank bijna struikelden over de dagjesmensen, werd het daarna weer snel eenzamer in het bos. Op een enkele medeloper voor of achter ons na zag je bijna niemand meer. Het struikelen ging nu voornamelijk over de boomwortels. Ook omgevallen bomen en dergelijke zorgden voor de nodige afleiding. De klimmetjes zogen inmiddels de laatste energie uit mijn benen, maar we schoten nog goed op.

Bij de Carolinahoeve kochten we maar weer een ijsje en een koudecola. De hondebak gebruikten we ook hier om water over ons heen te gieten. Als je maar doet alsof het normaal is vraagt niemand waar je mee bezig bent 😉 Nog even een praatje met de laatste verzorgingspost en wat snaaien en op naar de finish. Nog maar een uurtje doorbikkelen of zo…

Het nadeel van het feit dat we in dit gebied meer wedstrijden en trainingen gedaan hebben was dat we de weg wisten. Op onze gps konden we heel goed zien dat we allerlei lusjes liepen om aan de 42 km te komen. Meerdere keren wezen we elkaar op een afslag die vrijwel rechtstreeks naar de finish liep, maar we bleven eigenwijs vasthouden aan de route. Dat moest ook wel want Henrie zou bij het finishen de honderdste (ultra/trail)marathon bij kunnen schrijven. Afsnijden was dan ook geen optie.

Ik zat er inmiddels aardig doorheen door de zon en had al een tijdje een weeiig gevoel in mijn buik. Teveel water drinken is ook niet handig, dan krijg je een klotsbuik. Als het tempo te hoog werd kreeg ik het gevoel dat ik even over moest geven. Maar als het tempo dan weer even zakte ging het wel weer. Dan maar rustig aan.

Samen hobbelden rustig we de laatste kilometers naar de finish. Daar werden we hartelijk ontvangen door de organisatie en een handjevol lopers die er nog waren. Maar ze zouden blijven wachten tot iedereen binnen was. Wij gingen eerst maar eens rustig zitten bijkomen in de kleedkamer, lekker in de schaduw. Het feit dat uit de douche alleen nog maar lauw water kwam zagen we deze keer zelfs als pluspunt.

Het was een prachtig parours met een goede organisatie, echt een wedstrijd naar mijn hart. Gelukkig is het evenement niet afgelast vanwege de warmte, dan hadden we toch maar weer een geweldig avontuur gemist. . De temperatuur heeft niemand in de hand, daar moet je gewoon verstandig mee omgaan. En dat deed iedereen die ik zag onderweg ook. Een aantal mensen besloot niet te starten en ook een flink aantal stapte uit of kortte de route in. Heel verstandig, luisteren naar je lichaam.

meer foto’s op Facebook

Devils Trail Maasduinen

(door Eric Hoogerbrug)

Vandaag was het de primeur van de Devil’s Trail Maasduinen.
Vanuit het immer pittoreske Arcen (uiteraard bekend van de tuinen en ook van een of ander biermerk) was een ivm de temperatuur langgerekt parcours uitgezet. Dit gaf eenieder de gelegenheid om bij verschillende “raakpunten” de route wat in te korten. Dat hiervan regelmatig gebruik werd gemaakt (onder andere door ondergetekende) was niet verbazingwekkend.

De start was weer in de categorie typische trail starts. Kort voor de start werd iedereen naar de startboog bij de brouwerij van Hertog Jan geroepen voor een korte briefing over het parcours en het niets van rotzooi achterlaten op je pad. Op de vraag of er mensen waren die daar hun eerste trail gingen doen werden twee handen opgestoken. Deze mensen kregen een spontaan applaus van de andere deelnemers. Het is tenslotte niet effe een rondje park, zo’n 33km trail… Hierna werd het traditionele “running with the devil” van Van Halen ingezet en konden we vertrekken voor een qua gevoelstemperatuur voorbode van het vagevuur.

Het eerste stuk ging langs weilanden met een redelijk verkoelend windje. Daarna in het bos kon je nog was gebruik maken van de schaduw. Na de eerste drankpost op 4,5km (lijkt overdreven vroeg, maar was zeker niet overbodig) ging het afwisselend door bos en over de hei. Wat. Een. Plörishitte. Daar. Soms geen zuchtje wind, maar wel volle bak in de zon. Bospaadjes en lange (soms tergend lang in mijn beleving) paden over de hei met afwisselend hard zand, mul zand en nóg muller zand wisselden elkaar af.

Na 8km begon de hitte, de buurtbbq van gisteren, slechte nachtrust door de Zeehondjes-griep (als je gaat liggen blaf je zo hard dat je bang bent dat ze je naar Pieterburen brengen) en een voorhoofdholte vol met niet te vertrouwen rommel zich te wreken. Hoofdpijn en stramme spieren gingen van af en toe afwisselen naar een geweldige samenwerking om het plezier in de loop stevig te vergallen.

Na de tweede verzorgingspost op 10km dan toch maar (voor de tweede keer dit jaar, ja mensen er is nog hoop….) een verstandig besluit genomen en de route van de 22km te volgen. De terugweg liep zonodig nog waardeloze dan de heenweg. Iedere lange helling (lees vals plat stukje) ging moeizaam en de wandelingetje werden steeds frequenter. Maar het genieten van de omgeving bleef ik gelukkig wel doen. Je komt iedere keer net weer een ander landschap tegen. Niet zo mooi en afwisselend als onze eigen Achterhoek, maar toch….

Met de finish in zicht rustig doorgehobbeld en eenmaal binnen was er een “cold-tub” en een koude douche waar je je even kon opfrissen. Dat was wel welkom na de uiteindelijk 23 km en een lichaamsgeur die niet echt meer naar bosviooltjes rook… Ook het finish drankje was goed geregeld. Je kon uit een aantal Hertog Jan biertjes kiezen, koffie, thee of frisdrank. Zelf heb ik het bij een Hertog Jan Bastaard (Radler) gehouden. Mein Gott wat smaakte die lekker….

Een compliment voor de organisatie van de Devil’s Trail, hij was eigenlijk zoals al hun evenementen weer strak voor elkaar! Netjes bepijld en met linten aangegeven. Erg vriendelijke en vooral positieve vrijwilligers (had ik af en toe best nodig) bij de verzorgingsposten en de verkeersregelaars. Super gedaan dames en heren! Hopelijk volgend jaar weer deze in het rijtje en dan hoop ik dat het 10graden minder warm is.

Tropische uitdaging Veluwezoomtrail

“Serieus? Met dit weer?” De monden van de wandelende mannen met de grote rugzakken valt zover open dat het zand van de Veluwezoom er zowat binnenkomt. Ik heb ze net verteld dat de rennende mensen waarschijnlijk de 30 km lopen en de wandelende sportievelingen hoogstwaarschijnlijk de 60 km hopen te volbrengen. Zelf hoopten ze in het hele weekend 40 km af te leggen, maar of dat ging lukken met die blakerende zon wisten ze nog niet. Ik wenste ze succces en probeerde weer een dribbel in te zetten in het mulle zand.

’s Morgens begon de Veluwezoomtrail al bijtijds. Zeven uur startnummer ophalen en half acht starten, op tijd uit bed dus. Maar goed dat Dieren niet zo ver rijden is. Het tienjarig bestaan van de Veluwezoomtrail werd op gepaste wijze gevierd met een trailweekend waarin van alles mogelijk was. Kort, lang, meerdere wedstrijden, alles kon. Met een expo terrein waar allerlei trailgerelateerde zaken bekeken en gekocht konden worden en waar een superrelaxte sfeer hing was het ondanks het vroege uur best feestelijk.

Ik had voor de 60 km ingeschreven, een beetje vanuit een ingeving omdat ik het weekend ervoor zo lekker liep. Maar in de loop van de week liep de temperatuur van de weersvoorspelling steeds verder op…. Dat, in combinatie met het feit dat de Veluwezoomtrail normaal goed ‘renbaar’ is, in tegenstelling tot zo’n beetje iedere wedstrijd die ik de laatste tijd gedaan heb, baarde me toch enigszins zorgen. Maar met de Achterhoekse slogan ‘Vaak bu’j te bange’ in het achterhoofd toch vol goede moed gestart.

Het eerste uur verliep een beetje rommelig voor mijn gevoel en ik had wat moeite om in mijn ritme te komen. Ruim gedronken van te voren, dus twee keer binnen een half uur na de start even een plaspauze. De drukte lokte me steeds weer naar een tempo dat eigenlijk net te hoog was en toen viel ik ook nog eens wat ongelukkig waardoor een tussenribspiertje een uur lang bleef zeuren.

Na verloop van tijd werd het echter rustiger op het parcours en ook in mijn hoofd. Ik kwam beter in mijn ritme en liep rustig te genieten van de mooie paadjes in de natuur. Ik probeerde mijn eigen tempo te lopen en met niet teveel door anderen te laten beïnvloeden. Dat lukte aardig, soms haalde ik mensen in en later haalden dezelfde mensen mij weer in na een korte eet- en drinkstop. De zon scheen al voordat we gestart waren maar op de open vlaktes begon de temperatuur nu toch aardig op te lopen.

De extra drankposten waren dan ook niet overbodig. Ik had weliswaar redelijk wat reserve water bij me, maar even wat vers en vooral koeler water was welkom. Ook de cola die op sommige posten aanwezig was ging er vlot in. Helaas hadden ze niet op alle posten cola, daar loop ik nl. op als een tierelier. Maar wel genoeg andere lekkere dingen en vooral veel hartelijkheid en opbeurende woorden van de vrijwilligers.

Op de 30 kilometerpost had ik al een aantal keren stuivertje gewisseld met Bertus, Anne en Elsa. Bertus stopte hier en ik liep vanaf toen een heel eind met de dames mee. De hitte begon zijn tol te eisen. De lange paden in de zon op de vlaktes hadden mij al doen besluiten om maar gewoon stukken te wandelen onm mijn temperatuur omlaag te krijgen en te houden. Ook Anne had last van de hitte en zo konden we mooi elkaar ondersteunen. Elsa had niet zoveel last en liep dan ook vrolijk fotograferend rond. Een aantal van haar foto’s heb ik dan ook gebruikt in dit verslag. Bovendien had ze net voor de 30 kilometerpost ook nog eens toevallig mijn Garmin GPSmap gevonden die bij een struikeling uit mijn rugzak gevallen was.

In de bossen was het een stuk lekkerder en daar konden we nog redelijk doorlopen zonder ons op te blazen. Maar op een gegeven moment begon ik wat in de problemen te komen met drinken en eten. Het leek wel alsof ik het niet meer opnam en ik liep een aantal kilometer met een nare klotsbuik aan de ene kant en dorst en energiegebrek aan de andere kant. Aangezien we in het laatste derde deel weer meer heuvels voor de kiezen kregen moest ik even passen en de dames laten gaan.

Bij de laatste verzorgingspost haalde ik ze weliswaar tijdelijk weer in doordat ik minder tijd nam bij de post en met mijn handen vol met appel en rozijnen doorwandelde. Al hikend at ik alles rustig op en nam nog een blikje warme cola uit mijn rugzak om het weg te spoelen. Het mocht niet veel baten. Mijn bovenbenen verkrampten behoorlijk en mijn kuiten begonnen ook wat spastisch te doen als ik een onverwachte beweging maakte. Rustig blijven hiken dus maar en waar het kon een dribbeltje inzetten tot de benen weer tegen begonnen te sputteren. Ik had echter geen moment het idee dat ik het op zou moeten geven. Ik kwam immers nog steeds vooruit.

Gelukkig was ik niet de enige die het moeilijk had. Ik werd weliswaar regelmatig ingehaald, maar meestal waren het deelnemers aan de 30 km. Verder werd er voor en achter me vooral veel gewandeld met af en toe een dribbeltje. Ik bevond met in goed gezelschap dus. Op een gegeven moment hoorde ik in de verte de speaker bij de finish, het eind was in zicht. Na het laatste stukje nog even aanzetten om vlot rennend over de streep te komen, kreeg ik dan eindelijk een welverdiend alcoholvrij biertje in de hand en een mooie medaille om de nek. Toch weer mooi 60 km weggetikt en dat met die warmte! Elsa en Anne bleken zo’n tien minuten voor me over de streep gekomen te zijn.

Na afloop vroegen meerdere mensen mij of het nu eigenlijk wel verantwoord was. Sprekend voor mezelf denk ik van wel. Het hoofd er goed bij houden en goed letten op de symptomen van oververhitting. Indien nodig je tempo aanpassen, zelfs als dat betekent dat je stukken moet wandelen of even stoppen bij een post in de schaduw om de temperatuur naar beneden te krijgen. Uiteindelijk moeten we allemaal gewoon de volgende dag weer naar het werk, dus als het dan iets meer tijd kost om te finishen op een gezonden manier heb ik daar geen problemen mee.

Uit het feit dat er maar een handvol mensen onderweg uitgestapt is blijkt ook dat het overgrote deel van deelnemers heel goed weet waar hij/zij mee bezig is. Ook door de professionaliteit van de organisatie en de vrijwilligers die heel veel moeite gedaan hebben om zelfs nog extra posten in het veld te krijgen was het mogelijk dit tot een goed eind te brengen. Nu eerst even herstellen en dan op naar de volgende uitdaging.

Stuwwaltrail 2019

(door Linda de Vries)

Een tijdje geleden had ik mij samen met Yvette ingeschreven voor de Stuwwaltrail in Oosterbeek. Zag er vaak mooie foto’s van, dus maar eens ingeschreven. Zaterdag ’s morgens eerst bij AVA ’70 het team van mijn dochter geholpen. Ze zijn trouwens 3e geworden met de Athletic Champs.

Kon de uitslag helaas niet afwachten want zo rond half 3 had ik met Yvette afgesproken. Maar die had die ochtend ook nog een afspraakje ergens in het westen, dus strakke planning. Dat ging niet helemaal lekker, dus ze was iets verlaat. Ik snel in haar auto acher het stuur zodat ze zich in de auto kon omkleden.

De rit erheen verliep vlot. Maar dan als we er bijna zijn houdt een verkeersregelaar ons tegen. Parkeerplaats vol! Snel een ander plekje zoeken dus. Het is inmiddels kwart over 4 en de start is om 5 voor half 5. Worden inmiddels toch wel een beetje zenuwachtig of we de start wel gaan halen… Snel schoenen aan bij de auto, tas mee en rennen naar de start. Nummer ophalen en tas in de opslag. Pff we hebben het gered! Ongeveer 1 min voor de start in het startvak.!

Toch wel een beetje gestresst door dit alles begonnen aan de trail, maar bij de eerste bocht was ik het wel weer kwijt. We beginnen in een soort parkachtige omgeving met mooie paadjes, later lopen we in de bossen. Ongeveer halverwege komen we bij de 21 km op de route en lopen de rest samen met hun.

Tussen de stevige klimmetjes door prachtige uitzichten op het rivieren gebied. Fijne verzorgingspost onderweg met alles aanwezig wat je maar wil. Dan komt langzaam de finishlijn weer dichter bij. Het was een prachtige route hebben er van genoten.

Bij de start/finish is van alles te doen:  muziek, bbq enz. Later op de avond is er ook nog een 5 km wegwedstrijd. Na een redelijke douche maar eens opzoek naar een eettentje. Google vond een leuke italiaan dus daar gingen we naartoe. Zag er leuk uit. We zijn buiten gaan zitten want binnen was vol. Er zat nog een andere tafel buiten. Na een tijdje toch maar weer naar binnen want er was nog geen bediening geweest

Komen we binnen een drukke eigenaresse tegen die zegt ons geen tijd meer te hebben om nog wat te maken voor ons, iets met stuwwal trail of zo. Komt ons bekend voor ha ha. Dus maar weer vertrokken aan de overkant van de straat zit ook een tentje. Ziet er leuk uit daar is nog plek. Alleen is het geen restaurant, maar kan je er wat drinken en diverse hapjes bestellen. Nou hebben inmiddels wel zin in iets. Na een paar kleine foutjes onze hapjes gekregen, bleek later dat het hun eerste avond open was. Dat verklaart een hoop.

Lekker gegeten en wat gedronken voldaan weer richting huis. Volgend jaar weer, maar dan de 21 km hebben we afgesproken. Yvette bedankt voor weer een gezellige dag.

Zie ook hier voor de foto’s van de Kiekjesdief

INOV-8 Innsbruck trailfestival 2019

(door Bianca Rougoor)

Eindelijk kan ik dat bucketlist dingetje afvinken 😊
Een paar maanden geleden zag ik op facebook een bericht voorbij komen van INOV-8 Benelux om mee te doen aan het trailfestival in Innsbruck. Al langer heb ik de wens om een keer een trail in de bergen te lopen, maar het komt er maar niet van. De agenda erbij gepakt, deze valt in de meivakantie. Dat is perfect want dan kunnen we ofwel Jelle meenemen, of onderbrengen bij familie. Ik besluit voor de nighttrail (7km) en de 25 km trail te gaan. Ik heb nog nooit een trail van 25 km gelopen, zelfs geen halve marathon op de weg, dus de afstand is al uitdagend, zeker met de nodige hoogtemeters (ca 1000).

Dit gedeeld met wat andere vrienden, klanten en bekenden en uiteindelijk verschenen we met een leuke groep aan de start. We hebben ervoor gekozen om er een vakantie van te maken, want Oostenrijk is toch wel een stukje rijden, zeker met een ommetje via Brabant om Jelle naar opa en oma te brengen. Herbert loopt daar eerst nog een survivalrun met mijn broertje Dennis, en beland samen met hem nog op het podium ook! De reis liep voorspoedig, geen files of problemen. Onze hotelkamer bij Eagles Inn in Igls was geupgrade naar de suite, omdat die vrij was en we zo lang bleven. Dus een grote kamer, relaxte hoekbank en groot bad. Wat een luxe.

Vanaf Igls konden we gemakkelijk met de bus naar Innsbruck en weer terug en als we ons hotel uitstapten zaten we in de bergen, waar we mooie trails konden lopen en fietsen. Daar kon ik ook goed uitproberen op welke schoenen ik ging lopen. De Trailroc of de Terra Ultra van INOV-8. Het wordt de laatste, maar beide waren prima. De eerste hele dag gestart met een wandeling samen met Herbert, nog in lange broek, best frisjes. ’S Middags met Aukje en Hermi die inmiddels ook aangekomen waren de 7 km nighttrail voor verkend. Dat liep nog niet geheel vloeiend. Het GPX bestand op mijn horloge kwam niet helemaal overeen met de werkelijkheid, maar er stonden gelukkig al pijltjes. Die bleken ook van een andere afstand te zijn… dus we zaten al te hoog. Ach, kan het donderdag alleen maar meevallen, en we hebben een mooi uitzicht over de stad. Hermi en Auk zijn superfit, ik hobbel er wat achteraan. Daarna hebben zij voor ons gekookt en hebben we een gezellige avond in hun appartement.

De volgende dag start Herbert met een mountainbiketochtje, ook al mag dat officieel nog niet vanwege mogelijke sneeuw op de routes. Ik zoek een rustig plekje in de zon met wat leesvoer. Later komen Ellen en Gerrit aan in Igls. Gerrit kan niet wachten om zijn fiets uit te pakken en in het zonnetje rond te gaan racen. Herbert gidst ons via een mooie route door het bos naar de stad. Waar we natuurlijk een lekker taartje verdient hebben. Gerrit komt later ook die kant op. ’S Avonds een pizzaria geboekt om met zijn allen te eten. Aukje, Hermi, Gerrit, Ellen, Astrid, Stefan en Herbert en ik. Gezellig.

Donderdag rustdag. Vanavond mogen we aan de bak. Mark en Klaas arriveren ook na een nachtelijk ritje. Ik zoek weer mijn fijne plekje in de zon op, dit keer met strandlaken om op te liggen, een fles zonnebrand en mijn fancy Goodr brilletje. Het weer wisselt nogal deze week. Regenachtig, sneeuw en zon, maar is elke keer nog beter als de weersapp voorspelt heeft. Herbert maakt weer een fietstochtje. ’S Middags de stad in zodat we op tijd kunnen eten en onze materiaalcheck kunnen laten uitvoeren en startnummer ophalen. Ik besluit deze avond met het UD Halo vest te lopen. Deze is net nieuw en ik heb hem nog niet getest. Mijn EHBO setje, een paar gelletjes en regenjasje passen er prima in. Op de voorkant 2 softflasks met drinken. Een superlicht vest, je kunt makkelijk bij je spullen en het is onderweg prima te verstellen. Maar veel meer als basisspulletjes kun je er niet in kwijt. Voor langere trails heb je wellicht een grotere tas nodig.

De materiaalcheck en nummeruitgifte is prima geregeld. Na het eten worden we bij Aukje en Hermi uitgenodigd om de tijd tot de start door te brengen. Het koelt af en het weer veranderd. Voor de start lever ik mijn rugzak met droge kleding in, die netjes bewaard wordt en later met mijn startnummer weer opgehaald kan worden. In het startvak begint het te regenen. De muziek gaat harder en dan wordt er afgeteld. Om 20.30 u klinkt het startschot, we lopen de stad uit, met een mooie houten brug over de Inn en dan gaan we omhoog. Een paar kilometer de kuitjes op spanning zetten.

In het begin lukt het nog om te dribbelen, maar dit wordt al gauw wandelen in mijn geval. Ook wel met de gedachte dat ik hier zaterdag nog een keer omhoog mag. Gelukkig ben ik niet de enige die moet wandelen. Soms stopt het wat op, maar niet ernstig. Boven hebben we een mooi uitzicht over de stad, allemaal lampjes in een dal. De paden gaan van breed en verhard naar smal en technischer. Naar beneden is dit omgekeerd. Smalle paadjes, met wortels en drops. Een goed lampje is geen luxe. Door de regen zijn sommige stukken glad. We lopen wel met een groep. De route is prima aangegeven. Totdat we bij een houten hek komen, ik volg de rest en let niet op het bordje op het hek. Dom….. we lopen de verkeerde kant op.

Weer een lesje dat je altijd zelf scherp moet blijven en niet op een ander moet vertrouwen. Dus weer terug, en kan ik weer al die mensen in halen die ik net voorbij was gelopen. Dalen gaat me een stuk beter af als klimmen. Astrid snapt er al niks van hoe ik haar voor de tweede keer kan inhalen. Zij sjouwde met en flink tempo omhoog. Maar nu was de snelheid wat lager. Met een bril in het donker in de regen lopen is ook niet ideaal. Aukje en Hermi zitten een stuk voor ons. Hermi begeleid zijn vrouw vloeiend over de donkere paadjes. Het laatste stuk kun je lekker gas geven, gravel en asfalt naar beneden met het laatste stuk redelijk vlak naar de finish. Ook Klaas en Mark zijn gefinisht. Nu Stefan en Ellen nog binnenhalen. Helaas is Ellen ook verkeerd gelopen met een hele groep, zij heeft haar grenzen wel moeten verleggen tijdens de afdalingen, maar ze heeft het wel gedaan!!Nu lekker in bad op ons hotel. Er is wel douchegelegenheid bij de finish maar ik ga liever relaxed in bad. Aukje blijkt nog prijs te hebben in haar leeftijdscategorie. Wat een topper!

Vrijdag gaat Herbert weer met zijn fietsje op pad. Ik rij met Gerrit en Ellen naar Innsbruck om daar wat souvenirtjes te scoren. Herbert komt later ook met de bus. Gerrit is enthousiast gemaakt door Herbert en leent zijn fiets om nog een rondje te gaat mountainbiken. Een dag stilzitten in zo’n mooie omgeving valt niet mee. Herbert en ik lopen nog wat rond in de leuke stad en eten daar wat. We halen onze startnummers op voor zaterdag en ik laat de materiaalcheck weer uitvoeren. Op tijd naar bed want volgende dag moeten we vroeg op. Onze hoteleigenaar was zo aardig om het ontbijt om 6.00 u al klaar te zetten. 7.15 u is de briefing en 8.00 u starten we in Innsbruck. Onze tas kunnen we afgeven en wordt naar de finish bij Nattersee gebracht. Super geregeld.

Herbert komt op de fiets en wil ons zo op een aantal punten opzoeken. Helaas heeft hij al snel panne…..hij ziet me wel op 1 punt en vervolgd zijn weg in de auto met Stefan naar de finish. De route is mooi, een stukje door de stad, veel publiek, daarna dezelfde klim als donderdag, maar nu gaat hij nog even door. Mooie uitzichten, stukjes lopen we letterlijk in de wolken. Het is droog en de zon breekt door. Wel af en toe wat asfalt, dat zou wat mij betreft nog wat minder mogen. Na de klim komt een mooie afdaling en wat glooiende stukken. Met technische singletracks afgewisseld met bredere paden. Op ons startnummer staat het hoogteprofiel geprint, en ik kan het ook op mijn Garmin volgen waar we zitten.

Nu komt er een klim van een paar kilometer. Deze is niet zo stijl als de eerste, maar houdt langer aan. Deze is mooier, afwisselender, met stukjes vlak of dalen tussendoor, maar overwegend omhoog. Bovenaan gekomen dacht ik dat we vooral moesten dalen naar de finish, maar ook dit wordt afgewisseld met korte klimmetjes. We lopen door bos, langs snelstromende riviertjes/watervalletjes. Af en toe een dorpje door waar mensen ons met koeienbellen staan aan te moedigen. Geen Herbert te zien, maar later blijkt waarom. Soms maak ik een fotootje tijdens het omhoog wandelen. Want ik red het echt niet allemaal hardlopend meer.

Bij 18 km raken mijn benen flink vermoeid en begin ik af te tellen. Ik wordt ingehaald, maar haal ook mensen in. Kanttekening dat we samen met de 65 km gestart zijn. Net voor de finish komt er nog een pittig klimmetje. Links en rechts staat het vol met supporters en je wordt daar letterlijk omhoog gejuigd. Bij de finish staan Aukje en Hermi me aan te moedigen, die ongeveer 10 minuutjes voor mij samen over de finish kwamen. Terwijl ze beiden hun eigen race liepen. Pascal is inmiddels ook daar, die start in Nattersee voor de 42 km. Hij legt me nog even vast op de gevoelige plaat als ik helemaal kapot finish.

Als ik ga douchen, fijne warme douches, zie ik Astrid en Klaas ook finishen. Mark haalde me in de eerste beklimming in en zat tussen Aukje en mij in. Met de shuttlebus laten we ons terug brengen naar de stad. Daar drink ik nog een glaasje Apfelsaft gespritzt met Aukje en Hermi en pak de bus naar het hotel.  Zij gaan vandaag al rijden, willen de sneeuw voor blijven. Ik ga even in relaxstand en goed mijn vocht en eiwitten aanvullen. Herbert baalt van zijn fietspech en pakt zijn loopschoenen en gaat nog een rondje rennen. Ik pak de spullen alvast in zodat we morgen vroeg kunnen vertrekken. Er is sneeuw voorspelt en Jelle en ik willen elkaar ook graag weer zien.

Stefan maakt zich klaar voor zijn avontuur. De 15 km trail. Hij start ergens anders en finisht in Innsbruck. Wij gaan later naar de stad om hem binnen te halen. Inmiddels regent het helaas….Maar na een kleine 2 uur komt deze onervaren hardloper ook over de finish. Hij is gaan sporten toen we het plan opvatten om naar Innsbruck te gaan, en heeft het supergoed gedaan. Na een afsluitend dinertje met Astrid, Stefan, Klaas en Mark beland ik al vroeg in mijn mandje. Slapen doe ik nog niet, rusteloze benen. En alles is stram…..

Om 6.45u gaat de wekker om gezamenlijk om 7.00u te ontbijten en vertrekken. Als ik de gordijnen open doe zie ik een witte wereld. De voorspelde sneeuw. Na advies ingewonnen te hebben bij onze gastheer toch besloten de kortste weg te nemen, en gelukkig zijn de wegen goed begaanbaar met onze winterbanden. Nu zit ik in de auto, met flinke spierpijn na te genieten van de onze mooie sportieve week.

Viking Extreme Winter Trail 2019

(Door Henrie Drenthel)
Oftewel: spoorzoeken in een Waanzinnig Wit Wonderland en waar de leerling het nog steeds aflegt tegen de meester.

Zaterdag 2 februari staat er een volgend evenement gepland; een trailrun van 40+ kilometers over de Posbank met Start/Finish in Dieren. Niet een gewone uitgepijlde route maar nee, eentje die je zelf op GPS moet bepalen en lopen. Nu vind ik dit al jaren een prachtige manier van lopen dus de inschrijving was snel gebeurd.

Twee dagen van te voren krijgen we de 7 waypoints/checkpoints die we verplicht moeten aanlopen. De kortste route hierbij mogelijk is 40 km. Ik had snel mijn route klaar en besloot hem met de klok mee via het zuiden te doen dan had ik na zo’n 23 kilometer de eerste 6 stuks binnen en hoefde ik daarna alleen maar even op en neer naar de schaapskooi en klaar is klara.

Na een korte briefing starten we iets na tienen (ja, ’t was luxe dit keer) en de hele meute zet zich in beweging. De helft van de 40km-lopers gaan rechts want die lopen hem tegengesteld aan mijn plan. Ik ga links want kende daar nog een paadje van een vorig Viking-evenement en zie dat alle andere rechts gaan en zodoende een langer aanloopstuk hebben. Zet hem lekker in de ultra-modus en kom na 3,5 km bij het eerste checkpoint aan tegelijk met 2 jonge jongens die de 20 km-variant doen. We blijken daar de eersten te zijn, ha, paadje was dus toch een slimme zet. Even later gaan de veel snellere jongens rechts naar hun volgende waypoint en ik ga rechtdoor richting uitkijkpost bij restaurant De Posbank. Hier heb ik geen GPS nodig, dit is bekend gebied. Dit is tevens al de enige verzorgingspost na 6,7 km, best wel vlot. Ben daar volgens de vrijwilligers de eerste en na het knipje in mijn strippenkaart en wat ijskoude cola met een stuk banaan duik ik de heidevelden in richting de vijver bij Beekhuizen. Het is prachtig hier met de verse sneeuw op de heide zover als je kunt kijken.

Elk moment verwacht ik een horde lopers in mijn nek maar hoor of zie niks en dit geeft toch wel een beetje opgejaagd gevoel. Hoe kan het dat ze mij, met mijn lage snelheid niet voorbij denderen? Laat het maar gebeuren en hobbel door naar het derde waypoint bij de vijver Beekhuizen. Daarna heb ik getwijfeld om links van de hockeyvelden via de Beekhuizenseweg omhoog te lopen, maar dat is een verharde weg en dus een no-go van de organisatie. Ik kies er voor om tussen fietspad en de weg terug te lopen tot het startpunt van de Klein-Zwitserlandtrail want vandaar uit ken ik de weg omhoog. Nu is het een lang recht stuk dat op en neer gaat richting checkpoint 4. Vlak hiervoor komen een zestal lopers mij achterop en zij vertellen mij dat het checpoint toch ietsje verder is dan ik dacht. Dus ik hobbel braaf mee.

Plotseling vraagt een loper naast mij; “Ben jij het?”. Huh, ja, ik ben het maar wie ben jij en wat bedoel je? “Ben jij het Henrie?” Ja, dat ben ik, zeg ik een beetje verbaasd. Maar wie ben jij vraag ik, want ik had nog even geen beeld bij het geluid. “Ken je me niet meer dan? Ik ben Joris”. Het kwartje viel nog steeds niet maar toen het duidelijk was dat hij Joris Sonneveld was en zo’n 30 jaar geleden in de E-pupillen voetbalde waar ik toen trainer was kwam het langzaam weer boven drijven. Nu bleek Joris qua verhalen vertellen in die 30 jaar nog niks te zijn veranderd. Zijn lopen maten moesten natuurlijk alle verhalen van de trails die ik wel eens gepost had bij André of Geert horen. Ik bloosde er bijna van. Joris bleek in de buurt van de Posbank te wonen en hier regelmatig te trainen. Hij had ook geen GPS-apparaat nodig want: “…hij kende alle paadjes en doorsteken hier”. Waarover later meer.

Gezamenlijk liepen wij naar checkpoint 5 en 6, de Teerose en het beeld van de Highlander. Ik besloot vanaf daar wel mijn eigen tempo te blijven lopen en wenste de jongens veel succes.

500 meter na de Highlander slaat het groepje dat 100 meter voor mij loopt rechts af dus ik denk zij gaan terug naar de finish en slaan de Schaapskooi bij Loenen over. Of ze weten inderdaad een veel beter paadje/doorsteek. Laat maar lopen dacht ik kan ik de laatste 18 km mooi mijn eigen tempo en ritme lopen. Na dik 3 ½ uur kom ik bij de schaapskooi aan, klok mijn strippenkaart en algemene kaart, en zie dat het groepje van Joris hier (nog) niet is geweest. Zij zullen al wel aan de soep zitten. Vul mij bidon met wat verse sneeuw en eet nog wat en zo gaat het terug voor de laatste 11 kilometer.

Die gaan relatief makkelijk. Kom op paden die ik ken van de Jutbergtrail, Klein Zwitserlandtrail en Veluwezoomtrail.  Nu was vooraf de tijd waarbij je nog een Viking Amulet zou ontvangen op 4.30 uur gezet. Dat haal ik op het vlakke niet eens dus die kwam niet in beeld maar zo’n 3 kilometer voor ’t eind kwam de volgende cut-off tijd van 5.00 wel weer in beeld. Nu nog maar even het gas er op en jawel na 4.58 uur was in weer binnen.

Nu lekker douchen en dan een bak soep. Hoe kan het tegenvallen; een WinterExtremeTrail en de douche is steenkoud. Toen bleek ook nog de erwtensoep te zijn aangebrand maar daar was dan wel weer een goed alternatief voor; stevige tomatensoep.

Ik nestel me op een bankje in de hal wat tevens dienst doet als Finishzone en Wedstrijdsecretariaat en geniet van de heerlijke soep. Na een poosje komen er nog wat lopers binnen druppelen en wat zie ik; ook de 4-mansformatie met Joris komt binnen. Enigszins verbaasd wisselen we wat info’s uit en het blijkt dat zij in plaats van de 41 km die ik gelopen heb er bijna 46 km op hebben zitten. Na de Highlander is er ergens iets helemaal misgelopen met hun navigatie. Kon het toch niet even te laten hun te herinneren aan de opmerking van Joris en zijn kennis van de paadjes 😊. Maar na enkele troostende woorden komt voor Joris ook het besef dat het eigenlijk ook niet kan dat een pupil voor zijn leermeester eindigt. Na dit gezegd te hebben komen er allerlei revanche voorstellen en wraakacties boven dus wellicht komt er op 23 februari bij de Jutbergtrail wel weer opnieuw een Battle.

Afstand :             41 km
Tijd        :             4.58 uur

Site van de organisatie
De gelopen route 

Taunus Medium Ultra

Om te voorkomen dat een korte winterpauze in een complete winterslaap doorschiet plannen Henrie en ik vaak een wedstrijd begin Januari. Dan heb je in ieder geval een stok achter de deur om toch je loopkloffie aan te trekken als het weer eens ’s avonds donker en regenachtig is. Vorig jaar deden Henrie en ik voor het eerst mee aan de Taunus Ultra, een kleinschalige van A naar B loop over de Taunus Hochstraβe. Het verslag hiervan kun je hier nog eens nalezen.

Dit jaar had organisator Bert met zijn vrouw Jessyca een ronde uitgedacht van 50 km of 70 km door het Taunus gebied. Start en finish bij een jeugdherberg, met een pizzeria op 500 meter loopafstand. Aanreizen op vrijdagmiddag, zaterdags lopen en dan zondagochtend na het ontbijt weer naar huis, en dat voor een klein prijsje. Naast Henrie en mijzelf ging ook Eric mee, die wilde graag zijn verst gelopen afstand naar boven bijstellen. We gingen voor de 70 km, voor mij ook een lange tijd geleden dat ik zo’n eind gelopen had.

ouderwets stapelen met zijn allen

Na een vlot verlopen reis reden we het laatste stuk naar de jeugdherberg door de sneeuw, zou het dan toch winterser worden dan we gedacht hadden? Zoetjes aan kwamen er steeds meer lopers binnen, zelfs nog twee Nederlanders. Sjaak en Liesbeth zouden de 50 km lopen. We gingen met zijn allen naar de pizzeria, die daarmee ineens bijna vol zat. Een mooie manier om kennis te maken met de andere deelnemers, of even bij te kletsen met bekenden.

Er was verder niets te doen in de jeugdherberg (er was zelfs geen TV te vinden en Wifi-ontvangst was alleen in de centrale ruimte beschikbaar. Blij met 4G internet!). Tijd genoeg om de rugzak in te pakken en vooral de kledingstrategie goed door te nemen. Met een temperatuur van 2-4 graden in het dal, regen en mogelijk sneeuw moesten we natuurlijk ruim extra kledingstukken meenemen voor geval van nood. Mocht er wat gebeuren dan lag onderkoeling op de loer en het kon wel even duren voor je gered zou kunnen worden. De rugzak was dan ook zwaarder dan me lief was, maar beter mee verlegen dan om verlegen.

Na het ontbijt hadden we nog een korte briefing en daarna werden we op pad gestuurd. Geen linten, geen pijlen, de hele route zouden we zelf met onze GPS handheld moeten vinden. Precies wat we leuk vinden dus. Vol goede moed liepen we de sneeuw in en meteen een leuke klim op. We hadden met ons drietjes meteen onze plaats achteraan in het peloton gevonden.

lange klimmen…

Na de eerste klim ging het een tijdje redelijk naar beneden. Mooie gelegenheid om in het rustige ritme te komen dat nodig zou zijn om deze klus te klaren. Na een eerste glijpartij op mijn billen waren we gewaarschuwd. Verder in het dal lag er gelukkig geen sneeuw meer, het was alleen wat modderig. Mijn koude natte achterwerk werd al snel weer warm door de eerste lange klim. Zulke lange klimmen vind je nergens in Nederland.

Ik was blij dat ik mijn stokken meegenomen had. Zo kon ik Henrie nog een beetje bijbenen, die is nl. een veel betere klimmer. Gespierde spijker Eric kon ook behoorlijk vlot omhoog met zijn gloednieuwe stokken en zo maakten we behoorlijk progressie. Voor vlaklanders dan, want bij de eerste verzorgingspost op 16 km bleken we alleen niet de laatste te zijn omdat twee andere deelnemers verkeerd gelopen waren. Lekker warme en mierzoete vruchtenthee, marsen, winegums, van alles lag er klaar om ons op krachten te houden. Ik stak een paar marsen in de zakken van mijn Fusion broek, lekker makkelijk te grijpen onderweg en smelten deden ze niet met dit weer.

enthousiaste vrijwilligers

Halverwege verzorgingspost één en twee, net voor de lange klim naar de top van de Altkönig wisten we nog bij een Waldcafe een bak koffie en warme choco to go te regelen. Slurpend van onze lekkere warme drankjes liepen we de berg op. Maar de klim was wel zo lang dat de bekers al lang leeg waren voor we zelfs maar halverwege waren. Een beste klim was het, tot in de wolken. Het uitzicht bovenop was dan ook heel erg beperkt. In de zomer en bij mooi weer ongetwijfeld een enorme toeristentrekker. De redelijk steile en lange afdaling die er op volgde vroeg ook behoorlijk wat van de beenspieren. We waren blij dat VP2, op 36 km, in beeld kwam en dat we weer even bij konden tanken.

Na weer een supergoede verzorging door de vrijwilligers gingen we weer op pad, nu officieel als laatsten in koers. Het ging meteen weer steil omhoog het bos in en we raakten even het spoor bijster. Door wat bushwacking kwamen we weer op de route die de GPS aangaf. Na een mooie afdaling bleken we echter weer bij de plek te staan waar een uur eerder VP2 stond. We hadden de route wel gevonden, maar waren domweg de verkeerde kant op gelopen! Wat nu?

Nog een keer de route lopen zou minstens een uur, misschien wel anderhalf uur vertraging opleveren. En we zouden al laat binnen zijn en dus urenlang in het donker in de regen moeten lopen. We besloten daarom een alternatieve route te kiezen en daarmee het tijdverlies te beperken. Een route werd bedacht en vol goede moed vervolgden we onze tocht. Na een tijd lopen bleek de route die we bedacht hadden echter dwars over een bergrug heen te voeren, waar de oorspronkelijke route daar meer omheen draaide.

af en toe best lastig lopen

Qua hoogtemeters kwamen we zeker niet tekort, we moesten af en toe even een heuvelruggetje dwars oversteken om de richting te houden en niet te veel uit koers te raken. De bestaande paden liepen allemaal de verkeerde kant op. Sporen van bosbouwvoertuigen die recht omhoog voerden bleken prima als pad te kunnen fungeren, afgezien van de vele takken, boomstronken en wortels die er dan lagen. Beter dan door de braamstruiken….

uitzicht net iets meer dan nul

Met een telefoontje naar organisator Bert lieten we weten dat we VP 3 oversloegen en dat de vrijwilligers daar niet op ons hoefden te wachten in de regen die inmiddels niet meer ophield. Het werd een bijzonder avontuurlijke tocht en we vermaakten ons eigenlijk prima, maar we moesten nog regelmatig onze route aanpassen om weer een beetje in de richting te komen van de officiële route.

De benen begonnen wel behoorlijk stijf te worden van alle geklauter en ik voelde een paar blaren opkomen door de hele dag met natte voeten te lopen. In het dorpje Glashütten stopten we nog één keer bij een bankje. Even wat eten, nieuwe batterijen in de GPS en om de koplampjes op te zetten. Het werd inmiddels donker en het weer verslechterde. We waren niet erg rouwig om het feit dat we de route iets afgekort hadden. Anders hadden we nog een paar uur door de natte sneeuw kunnen lopen die nu begon te vallen.

donker en nat op de laatste klim

De laatste klim was de beroemde Groβer Feldberg, het hoogste punt in de regio. Een vervelend steile klim van ruim anderhalve kilometer door de natte slush, met natte sneeuw die in je gezicht vloog en ook nog eens mist die het licht van je lichtbundel verspreidde tot een lichtvlek voor je gezicht. Een echte uitdaging dus. En eenmaal bovenaan was het niet lekker met een eindsprint naar de finish… nee, met je zere bovenbenen mocht je ook nog eens via de glibberige skihelling naar beneden. En dan, eindelijk na 10 uur en bijna 60 km lopen, met daarin bijna 2000 meter klimmen waren we binnen. De klus zat er op! We hadden weliswaar een soort van medium loop gedaan door precies tussen de 50 en de 70 km uit te komen, maar we waren er blij mee.

Een hartelijk ontvangst door Bert en Jessyca was ons deel en een heerlijk warme douche zorgde er voor dat we ons weer mens voelden. Her en der druppelden nog deelnemers binnen die wel de 70 gelopen hadden, sommigen hadden zelfs 80 km gehaald door ook fout te lopen. Ook de 50 km lopers die binnenkwamen hadden diverse afstanden op hun horloge staan. De omstandigheden waren blijkbaar redelijk gunstig om aan het dwalen te komen. Maar niemand die zich er over beklaagde, sterker nog, het leek meer iets om trots op te zijn.

Op de top even weer een reepje pakken

Je wist immers voor de start waar je aan begon. Verkeerd lopen is eigen schuld, een oplossing zoeken is je eigen verantwoording. Soms betekent dat meer kilometers en soms minder. Toch maakte de organisatie zich wel zorgen toen wij terugkwamen van de pizzeria en er alleen nog twee Holländer onderweg waren. Gelukkig waren het ervaren rotten die uiteindelijk ook zonder kleerscheuren bij de finish kwamen.

Na het ontbijt de volgende ochtend reden we door de stromende regen weer naar de Achterhoek. Het was nog slechter weer dan de dag er voor. Toch nog enigszins geluk gehad met het weer dus. Stijf en stram, maar vol mooie herinneringen en sterke verhalen keerden we huiswaarts. Op naar het volgende evenement.

de route

André

Filmpje van de route op Relive
De route die wij gevolgd hebben op Strava



Lochemtrail 18-11-2018

(door Rik Delsing)
Langzamerhand werd het tijd om langzaam mijn afstanden iets uit te bouwen voor de komende trailruns. De eerste die op het programma stond was de Lochemtrail. Binnen de zaterdagmorgengroep, waarmee we altijd in Lochem trainen, waren er wel meer wie hier zin in hadden en al snel hadden we een mooi groepje bij elkaar voor de 21km. Enkelen twijfelden nog en probeerden enkele zaterdagen van te voren al om de normale kilometers te verlengen met zo’n 5 km, om dan uit te komen op ruim 17 km.

Nu dat lukte, voor een aantal stond het licht op groen totdat we een appje van Annemarie kregen, met het bericht dat ze een breukje in haar voet had opgelopen op weg naar een training. Ap Scheers nam haar plaats in op voorwaarde dat hij een rokje aan zou doen. Maar met Vincent, John, Frank, Jan, Peter, Maria en ikzelf hadden we een mooie groep voor de 21 km. De dag ervoor ging ik nog snel even winkelen bij  Sport-balance in Breedenbroek voor een lange tight, een shirtje en een paar sokken. Aan de outfit kon het dus niet liggen.

Bij het ophalen van het startnummer kwamen we nog meer bekenden tegen. Zo deden Rene, Mark, Monique en Raymond ook mee, maar dan aan de 11 km, en Henrie deed zelfs de 31 km. Achteraf had ik nog een aantal bekenden gemist, volgens de berichtjes op Facebook. Het was dus weer een gezellig samenzijn. Maar veel tijd was er niet, we moesten op weg naar de start bij de Kale Berg. Nog snel nam onze fotograaf van vandaag, Carla, even een groepsfoto en toen gingen we op weg.

Stilzwijgend hadden we afgesproken om met de groep bij elkaar te blijven tot aan de drankpost, maar dat werkte niet. Peter was al snel in geen velden of wegen meer te zien en Inge en Vincent hadden ook een net te hoog tempo voor mij. Het is belangrijk om rustig te beginnen, omdat het venijn van deze 21 km in de staart zit. De eerste kilometers liepen we op voor ons bekend terrein, maar het was verraderlijk met al die bladeren op de boomwortels en dan ook nog vaak een verblindend zonnetje. Maar we hadden niets te klagen, het was perfect loopweer, droog een beetje fris en een lekker zonnetje.

Na het bos te hebben verlaten gingen we naar de overkant naar de toren en de ons bekende trap. Het liep tot nu toe wel lekker, maar ik kon geen tempo maken. De benen waren nog te zwaar van een training op vrijdagavond in de sportschool, achteraf dus geen goede combi. De laatste weken had ik een aantal weken weer op asfalt meegetraind, maar daar had ik toch last van met mijn achillespees. Ondanks dat ik goed had gerekt en warm had gelopen voelde ik deze wel, maar het was nog niet pijnlijk. Ik liet de rest van de groep lopen en ging mijn eigen tempo lopen samen met Ap. Ook hij had al lang deze afstand niet gelopen en had het ook zwaar. Bij het bungalowpark ging Ap zelfs onderuit, maar stond gelukkig meteen weer op.

Samen gingen we zo op weg naar de drankpost op zo’n 13 km. Er zaten lange rechte zandwegen in het parcours die keihard waren en dan ook nog stukken asfalt, dit liep niet fijn met trailschoenen aan. Ik was bang dat mijn achillespees zou gaan opspelen, maar dat viel mee. Bij de drankpost snel een stukje banaan en wat sportdrank genomen en toen weer verder. De stukken in het bos liepen lekker, al was het wel zwaarder aan het worden.

Na door een stal met koeien te hebben gelopenmoesten we door een droge sloot en toen weer zo’n lange rechte zandweg. Ik hoorde achteraf van andere deelnemers dat zij die stukken fijn vonden om bij te komen, maar voor mij waren ze saai en te hard. Langzaam kwamen we weer op bekend terrein en de kilometers gingen snel voorbij. Op zo’n 16 km nam ik nog even een gelletje om zo de laatste kilometers een beetje extra brandstof tehebben. We namen nog een slokje water en maakten ons op voor de finale. Bij de oversteek van de Barchemseweg, moesten we even stoppen voor enkele auto’s, en toen merkte ik dat ik er doorheen zat, ook Ap had het helemaal gehad, maar we moesten nog een pittig stuk.

Aan de overkant wachtte ons een pittig klimmetje en dan het pad naar de toren. Er was die dag ook een wandeltocht en de deelnemers keken ons vol bewondering aan en moedigden ons ook hartverwarmend aan. Ik was blij om boven bij de toren te zijn en toen kon afdalen. Dat ging wel weer lekker, in tegenstelling tot Ap, want afdalen vindt hij maar niets, zeker niet als je niet goed kunt zien waar je loopt. Eenmaal beneden wachten we op elkaar om samen de oversteek te maken naar de Barchemse kant.

We kwamen steeds dichterin de buurt van de finish en konden de speaker al horen, maar we wisten dat we nog een extra lusje moesten maken. Op karakter liepen we de laatste kilometer en daalden als laatste af in de kuil achter de Kale berg en kwamen hand in hand over de finish. We waren beide kapot en moesten eerst even wat drinken om op adem te komen. De rest van de groep stond ons op te wachten en was al weer fris en fruitig.

Met een bekertje cola in de hand liepen we naar de camping om ons om te kleden, want het was toch fris. Met moeite kleden we ons om, we waren stijf en kapot, en namen een lekker bakje erwtensoep in de kantine. Nog evennapraten, maar daarna gingen we toch snel op weg naar huis om te douchen. We hadden met de groep om16:00 uur alweer afgesproken bij het Brouwersnös in Groenlo om te borrelen en wat te eten. De speciaalbiertjes kwamen wel aan, maar smaakten ook heerlijk en het eten was perfect. Al met al een perfecte afsluiting van een mooie maar zware zondag. Er is nog ruimte voor verbetering zullen we maar zeggen.

Uitslagen staan hier
Foto’s van Misha Visser

Beachy Head Marathon, waarom loop ik hier?

(door Gerrit Dijkslag)

Waarom sta ik hier nu eigenlijk? Herhaaldelijk moet ik mezelf vertellen dat ik dit zelf wil, dat ik hier vrijwillig sta en dat niemand mij dit dus opgedrongen heeft. Hier, is een ijskoude plek in het Zuidelijkste puntje van Eastbourne, dat ook al in het Zuid (Oostelijkste) puntje van het Verenigd Koninkrijk ligt. Goed, voor dat ijskoude weer heb ik niet gekozen, twee weken geleden zat ik nog met ontbloot bovenlijf en korte broek achter in de tuin! Zie me nu staan, lange broek, T-shirt met lange mouwen onder mijn AVA wedstrijdhemdje en handschoenen! Handschoenen! Nog een wonder dat ik eraan gedacht heb om ze in mijn koffer te stoppen! Maar goed ook, want nog heb ik het niet echt warm. Samen met de kou gieren de zenuwen door mijn lijf, waarom sta ik hier eigenlijk, wat doe ik hier?

724

Ruim acht maanden geleden ben ik voor de tweede keer aan mijn hart geopereerd om mijn hartritmestoornissen tegen te gaan. Gelukkig is dat dit keer gelukt en in dat geluk en enthousiasme heb ik mij opgegeven voor de Beachy Head Marathon, een van de grootste off road marathons van de UK. Dit omdat ik hier 4,5 jaar geleden op vakantie ben geweest om de wereld beroemde krijtrotsen formatie “Seven Sisters” te bewandelen en bewonderen. Dit in combinatie met het bezoeken van het al even beroemde grastennistoernooi van Eastbourne, met deelname van de wereldtoppers als Wozniacki, Jankovic en Vesnina. Weer thuis gekomen kwam ik op het onzalige plan om op het internet te zoeken of er over de Seven Sisters geen hardloopwedstrijd gehouden werd. Ik had er een dag wandeling van bijna 40km overheen gelopen en heb daar erg van genoten, prachtige uitzichten over zee, de vuurtoren in de diepte, Engelse landweggetjes en uiteraard de overweldigende krijtrotsen met hun onpeilbare diepten. Hoe mooi zou het niet zijn om hier overheen hard te lopen?


Hoe mooi? Hoe mooi? Hoe zwaar zul je bedoelen, de Seven Sisters zijn al kilometers lang heuvel op – heuvel af, daarvoor zitten er ook al drie nog veel hogere beklimmingen in en hoelang is een marathon ook al weer? Juist ja, 42,195 meter!
Maar was mijn hartritmestoornis niet juist verholpen en zijn heuvels/bergen niet juist mijn ultieme geluk van hardlopen? Dat is beiden waar en tevens juist, maar mijn lichaam is na mijn operatie in een soort shock terechtgekomen. Klaar met al de zorgen om een verhoogde hartslag, blokkeerden nek, rug en bilspieren volledig. Ik kan je verzekeren dat dat niet ontsnappen loopt. Maar ja, ik heb wedstrijd, hotel en vliegticket al geboekt, dus gelopen gaat er worden! Vol optimisme een (wedstrijd) schema gemaakt, afspraak met Corine van fysio de Hofstraat gemaakt en er het beste maar van hopen. Met veel geduld en nog meer oefeningen ging het langzaam vooruit en steeg het vertrouwen op een goede afloop.

Samen met Niek worden de langere wedstrijden bezocht en dat ging eigenlijk verbazend gemakkelijk, tuurlijk koste het energie en werd ik ook moe. De volgende twee dagen was ik zo stijf als een plank, daarna herstelde ik weer en kon ik de training weer aan. Dat ging goed tot mijn laatste wedstrijd, de 28km lange Hoge Veluwe Trail. Of het kwam omdat Niek er niet bij was of omdat mij verteld was dat dit geen zware trail zou zijn (wat ik dus wel vond) of dat ik mijn lichaam het afgelopen jaar al genoeg gepijnigd heb, het laatste half uur verstijfde ik helemaal en dat werd de week erop alleen maar erger, In paniek de laatste 1,5 week voor Eastbourne drie keer bij Corine langs geweest en twee trainingen overgeslagen, had al moeite om een uur achter elkaar te rennen……
Waarom sta ik hier eigenlijk? Om te laten zien dat de opofferingen van het laatste half jaar niet voor niets zijn geweest, dat mijn hart een dergelijke inspanning weer aan kan, dat de laatste twee weken luisteren naar je lichaam en niet blind een schema volgen helpt, maar vooral omdat ik er zin in heb!

Daar klinkt het startschot en met ruim 2200 atleten zetten we ons in beweging! Al na 200 meter doemt de eerste heuvel op en stokt het tempo, de Engelsen kennen geen flessenhals start en het is dus dringen voor de smalle ingang van het duingebied. Gelukkig ontdek ik achter het talrijke publiek een paadje waar ik alle ruimte heb, geschrokken gaan de mensen achteruit en algauw heb ik een horde lopers achter me aan. Ongemerkt overwin ik zo de eerste 50 hoogte meters en ik voel mijn rug niet verstijven. Dit geeft vertrouwen en vol goede moed ren ik door. Het is nog steeds druk op het parcours en smal, maar kan redelijk mijn eigen tempo lopen. We rennen over graspaden op de top van de duinen, hoewel top, bijna top, we lopen een beetje schuin, wat we vandaag heel veel blijven doen met als gevolg een bloedblaar aan de binnenkant van mijn rechtervoet. Gelukkig zie ik dit pas onder de douche in mijn hotel. Om mij heen kijkend en vol verwondering ren ik verder, rechts Eastbourne, links de zee, langs weilanden, doorsneden door de typische Engelse muurtjes, over paden met hinderijke steentjes, vooral tijden het afdalen en overal aanmoedigingen.


Heuvelop haal ik veel mensen in, de helft gaat me in de afdaling weer voorbij. Maar waar ik het idee heb ontspannen te lopen kijken velen toch al vermoeid uit de ogen. Bij de verzorgingsposten is van alles te krijgen, verschillende soorten koek en drank, en ook snoepjes, maar om nu een hele mars te nemen? De passages door de dorpjes zijn een welkome afwisseling op het verder natuurlijke maar oh zo mooie landschap. Door de lange beklimmingen kom ik wel meer voorin het veld te liggen, maar geen idee hoeveelste ik ben of hoelang ik er over ga doen,  maar doet dat er toe?  Als de verzorgingsposten op de juiste plek staan, zit ik rond de vier uur schat ik zo in.

Wat me wel opvalt, is dat hoe meer ik voorin kom te lopen, hoe schaarser de lopers gekleed zijn. Waar in aan het begin met mijn handschoenen niet opviel, lopen ze hier in korte broek en soms zelfs hemdje. Ik heb het niet koud meer, maar ook niet echt warm, gewoon lekker. Nog steeds nergens last van hebbende, nader ik het halve marathon punt, hier staat in the middle of nowhere zelfs een klok met tijdsregistratie matten, over service gesproken! In iets minder dan 2 uur dender ik ontspannen over deze mat, nog steeds voornamelijk over gras en in de zon lopend kan ik dus onder de zo gehoopte 4 uur komen. De meeste hoogte meters zijn achter de rug maar de gevreesde traptreden, 300 stuks (!) en de Seven Sisters moeten nog komen en begint de marathon niet pas bij 35km? Stonden in de eerste helft de meeste hekjes netjes open, in de tweede helft word er van je verwacht dit zelf te doen.

De afdalingen bestaan nu niet meer uit paden met steentjes maar uit gras met konijnenholletjes. Nog steeds uitkijken dus. Na het langste stuk asfalt, wel omhoog, was ik ze bijna vergeten, de traptreden! Deze lagen gelukkig gelijkmatig, in een vlot ritme lagen de eerste 50 treden onder me. Twee kilometer verder begon het, vergeet die 50 eerste treden, die tellen niet mee, dat was kinderspel. In een verder mooi bos waren op een bergweg willekeurig 300 treden neergesmeten, hier heb je je trap en nog stijl ook! Diep ademhalen, verstand op nul en klimmen maar. Waar velen moesten wandelen kan ik de gang er (nog een beetje) inhouden. Met ontplofte bovenbenen zet ik de welverdiende afdaling in. Een afdeling verder moeten we over een muurtje klimmen, gelukkig staat er een aardige vrijwilligster de weg te wijzen, want halverwege dat muurtje moeten we linksaf slaan en door….


Bij het oversteken van een verharde weg weet ik ineens weer waar ik ben, hier heb ik rechts tijdens mijn lange wandeling vier jaar geleden heerlijk gegeten. Nu helaas geen tijd voor, want hier zijn ze, de Seven Sisters, zeven keer naar boven en ook weer naar beneden, na ruim 30km een enorme aanslag op mijn bovenbenen. Omdat de zon toch nog aan kracht wint en het bijna windstil is wordt het nog warm ook en daar loop ik dan met mijn handschoenen. Door dit alles en ook nog een enigszins hongerig gevoel, moet ik tot twee keer toe wandelen, maar waar ik denk dat ik het moeilijk heb, ga ik er nog steeds velen voorbij. Velen, op één na dan. Onderaan een van de vele Sisters staat een little sister met een snoepbakje. De inhoud biedt ze aan de atleten aan. De loopster voor me wil er eentje pakken, maar grijpt mis, een luide vloek is het gevolg. Onze little sister laat het er niet bij zitten en zet de achtervolging in, als een hinde rent ze me voorbij tot aan de atlete voor me, die zo alsnog uit het bakje kan snoepen. Vol verbazing roept ze “Oh what are you quick!” en dat was ze ook!


Helaas heeft ze hierdoor geen tijd om mij iets aan te bieden. Daarom neem ik op het laatste verzorgingspunt uitgebreid de tijd om te eten en drinken, zelfs een stuk mars. Hierdoor aangesterkt kan ik ook het laatste stuk redelijk doorlopen, de zon op het water zien schijnen, de oude en nieuwe vuurtoren zien en van verre het bezoekerscentrum van Beachy Head zien. Daar beneden ligt de zo lang verwachtte finish. Maar eerste moeten we de laatste top, vlak voor Eastbourne nog bereiken. Plots moet ik denken aan bijna een jaar geleden toen ik de laatste Terhill in mijn 750ste wedstrijd in België bijna niet opkwam en als diezelfde Terhill tegen mijn operatie opzag. Zowel operatie als deze laatste heuvel gaan goed. Mijn bovenbenen en bilspieren exploderen nog een keer waardoor de laatste afdaling erg verkrampt gaat, maar 200 meter verder gaan de beide armen de lucht in en wordt de welverdiende medaille om mijn nek gehangen. Net niet onder de 4 uur, maar met 4:04:40 ben ik zeer tevreden gezien de voorbereiding en vooral het zware parcours. In de tweede helft opgeschoven van plek 217 naar plaats 187, not bad for a flatlander.


Nu weten jullie waarom ik daar bij het vriespunt in Zuidoost Engeland aan de start stond. Als jullie mij een keer tegenkomen, vertel het mij dan ook, want aan de start wist ik het echt niet meer en nu ik gefinisht ben, kan ik het haast niet geloven, heb ik het echt gehaald?
Nog een vraag, waarom denken die Engelsen dat ik er als een soort doorbakken stuk vlees uitzie als ik langs kom rennen, iedereen schreeuwde en klapte “well done”  naar me. Raar volk die Engelsen maar deze wedstrijd was super georganiseerd en het publiek was “amazing”!

Greetings Gerrit Dijkslag

Grizzly-100 Griezelig geweldig

(door Henrie Drenthel)

De beer is los! Na een door een voetblessure ingekorte 100 km run van de La Chouffetrail in juli besloot ik een tijdje rustig aan te doen om in het najaar weer eens richting de 100 km te gaan. Oorspronkelijk stonden de Infinityloops op het programma maar door een minimale vooraanmelding en een concept van 7 herstarts zag ik dat toch niet zitten en besloot ik dat het toch maar een ééndaagse moest worden. Periode oktober beviel vorig jaar met de Bergischer Ultra ook prima dus na even zoeken kwam ik uit op de Bear Trail. Een ruim opgezet evenement met diverse afstanden, 16-25-39-58-83 km en voor de Die-Hards 100 km, oftewel de Grizzly-100. De start is zaterdag 27 oktober om 6.00 uur ’s ochtends en de maximale looptijd bedraagt 18 uur, oftewel 0.00 uur zondagmorgen.

Start en finish zijn in St Gravenvoeren in de Belgische Voerstreek ietsje ten zuidwesten van Maastricht. Het parkoers liep eerst ‘bovenlangs’ in oostelijke richting naar het Drielandenpunt in Vaals alwaar er een omloop van 18 km over Duits grondgebied gemaakt moest worden en daarna weer westwaarts richting de finish.

Vrijdag 26 oktober:

Na een langdradige reis met veel oponthoud en file parkeer ik omstreeks 18.30 uur op de parking bij de voetbalclub SK Moelingen en installeer direct alles voor de nacht. De organisatie is al druk bezig met opbouwen en ik heb geluk nu al mijn startnummer etc. op te kunnen halen, scheelt morgen vroeg weer wachten. Inmiddels is het gaan regenen en voelt het guur aan. In een nabij gelegen Vlaamse pub hebben zich al meer lopers getroffen en eet ik even een lekker Limburgse pasta en wat plaatselijke biertjes waarna ik rond 10.00 uur onder de wol kruip, het is immers om 4.30 uur weer dag.

Zaterdag 27 oktober:

De wekker loopt af en echt overdreven warm heb ik het niet. Even de neus buiten de deur en ik weet direct dat het jasje aan kan met de start. M’n drop-bag had ik al klaar gemaakt dus die kon ik om 5.45 uur snel afgeven en daarop is het nog maar kort tot de start om 6.00 uur.

124 lopers stonden er op de startlijst. In het donker is het slecht te zien hoeveel het er echt zijn want ook de 83 km start gelijk met ons. Vanaf het begin loop ik heel relaxed met de rem er op in het donker en blijf mijzelf in prenten vooral rustig te blijven want om mij heen vliegt iedereen naar voren. Ik weet uit de vele beginnersfouten die ik al heb gemaakt dat ik hier nu niet aan mee moet gaan doen.

In het donker gaat het gestaag op en af en we komen door enkele kleine plaatsjes als Sint-Martens-Voeren, De Plank, Teuven waarbij de laatste na ruim 25 km de eerste verzorgingspost is ingericht. Ik klok ongeveer 3.20 uur, en dat is ongeveer wat ik verwacht had.

Verder gaat het richting Drielandenpunt en het parkoers wordt behoorlijk heuvelachtig. Lijkt veel op de Koning van Spanje en de X-Trails Vaals. Niet gek natuurlijk, want dat is in dezelfde streek. Het gebied is veel natuurlijker en bosrijker geworden. Prachtig. De zon komt er langzaam flauwtjes door maar echt warm wordt het niet. Ten noorden van Gemmenich staat de tweede (en derde) verzorgingspost. Heerlijk in een grote partytent met allerlei lekkers; soep, koffie, Chouffe, pasta en een hete lucht kanon. Ook mijn drop-bag ligt hier en ik besluit even een droog shirtje en dun jasje aan te trekken en het eerste, nat bezweette setje uit te doen. Dat ging allemaal nog best soepel en ik begin aan het Drielandenpunt-lusje van 18 km. Ken het hier een beetje en weet dat er redelijk wat hoogtemeters aan komen dus doe rustig aan. Toch nog even een giga-dip waar ik na een half-uurtje en wat Beef-Jerky doorheen ben. Het 50 km punt passeer ik na 7.12 uur. Op de helft dus en op de terugweg.

Bij de tweede keer Gemmenich neem ik wat meer pauze; kleed mij om naar lange tight en thermoshirt. Ook weer koffie en soep en verder gaat het weer. Mijn loopmaatjes uit de eerste helft zijn al iets eerder vertrokken maar ik besluit toch mijn eigen tempo te volgen.

Na een km of 68 loop ik zo’n 100 meter achter een andere loper en blijf hem braaf volgen. Totdat hij bij een parkeerplaats komt en in z’n auto stapt. Het was gewoon een loper die lekker op zaterdagmiddag in het bos liep. Of het een dip was of een black-out weet ik niet maar plotseling was ik de blauwe markeringen kwijt. Pak gauw mijn GPS en zie al gauw dat ik mooi op de paarse lijn loop, gelukkig. Een kwartiertje verder bij Cottessen komt mij de omgeving wel heel erg bekend voor, hier heb ik vanmorgen ook nog gelopen??!! Zoom uit op mijn GPS en zie het al, heb de verkeerde richting van de paarse lijn gevolgd en zodoende een stuk van de ochtendroute tegengesteld gelopen, sukkel! Gelukkig kun je met zo’n GPS ook weer redelijk gemakkelijk de juiste route terug vinden en probeer redelijk op gevoel weer op de juiste afstand in te voegen. Na een uurtje is dit ook gelukt en kan ik de oorspronkelijke route weer volgen.

Richting laatste verzorgingspost in Veurs loop ik via een boerenerf waar de koeien op springen staan na blijkt. Direct achter mij doet de boer in overleg met de organisatie het pad dicht en mogen Bertha 11 t/m 57 eerst richting melkrobot voordat de lopers weer verder mogen. De ‘verloren’ tijd wordt door de organisatie hersteld naar blijkt.

Bij de laatste verzorging begint het behoorlijk donker te worden en is het nog maar een graad of 4. Ik besluit mijn regenjas er bij overheen te doen en steek mijn hoofdlamp aan. Het gevoel is nog goed. Nog ruim 15 km te gaan en ik weet eigenlijk al dat ik het, normaal gesproken,  ga halen. De meeste hoogtemeters hebben we wel gehad. Heuvelop gaat het stevig doorstappend in het donker en de afdalingen gaan voorzichtig dribbelend want er liggen erg veel keien onder het herfstblad. Wil ook nog niet vlak voor het eind uitvallen. Loop in op twee Belgen en de laatste 5 km lopen we samen. Nu blijkt de laatste 5 km ook nog eens 500 meter langer te zijn en prachtig is het om te zien hoe een ultraloper zich daar druk om kan maken.

Uiteindelijk komen we gedrieën binnen in 14 uur en 53 minuten waarbij ik de tweede 50,5 (😊)km in 7.41 uur heb afgelegd, oftewel een verval van 29 minuten. Dik tevreden duik ik met een “Bere”-grote medaille onder de warme douche.

Site van de organisatie
Uitslagen staan hier
Filmpje Marek Vis