Beachy Head Marathon, waarom loop ik hier?

(door Gerrit Dijkslag)

Waarom sta ik hier nu eigenlijk? Herhaaldelijk moet ik mezelf vertellen dat ik dit zelf wil, dat ik hier vrijwillig sta en dat niemand mij dit dus opgedrongen heeft. Hier, is een ijskoude plek in het Zuidelijkste puntje van Eastbourne, dat ook al in het Zuid (Oostelijkste) puntje van het Verenigd Koninkrijk ligt. Goed, voor dat ijskoude weer heb ik niet gekozen, twee weken geleden zat ik nog met ontbloot bovenlijf en korte broek achter in de tuin! Zie me nu staan, lange broek, T-shirt met lange mouwen onder mijn AVA wedstrijdhemdje en handschoenen! Handschoenen! Nog een wonder dat ik eraan gedacht heb om ze in mijn koffer te stoppen! Maar goed ook, want nog heb ik het niet echt warm. Samen met de kou gieren de zenuwen door mijn lijf, waarom sta ik hier eigenlijk, wat doe ik hier?

724

Ruim acht maanden geleden ben ik voor de tweede keer aan mijn hart geopereerd om mijn hartritmestoornissen tegen te gaan. Gelukkig is dat dit keer gelukt en in dat geluk en enthousiasme heb ik mij opgegeven voor de Beachy Head Marathon, een van de grootste off road marathons van de UK. Dit omdat ik hier 4,5 jaar geleden op vakantie ben geweest om de wereld beroemde krijtrotsen formatie “Seven Sisters” te bewandelen en bewonderen. Dit in combinatie met het bezoeken van het al even beroemde grastennistoernooi van Eastbourne, met deelname van de wereldtoppers als Wozniacki, Jankovic en Vesnina. Weer thuis gekomen kwam ik op het onzalige plan om op het internet te zoeken of er over de Seven Sisters geen hardloopwedstrijd gehouden werd. Ik had er een dag wandeling van bijna 40km overheen gelopen en heb daar erg van genoten, prachtige uitzichten over zee, de vuurtoren in de diepte, Engelse landweggetjes en uiteraard de overweldigende krijtrotsen met hun onpeilbare diepten. Hoe mooi zou het niet zijn om hier overheen hard te lopen?


Hoe mooi? Hoe mooi? Hoe zwaar zul je bedoelen, de Seven Sisters zijn al kilometers lang heuvel op – heuvel af, daarvoor zitten er ook al drie nog veel hogere beklimmingen in en hoelang is een marathon ook al weer? Juist ja, 42,195 meter!
Maar was mijn hartritmestoornis niet juist verholpen en zijn heuvels/bergen niet juist mijn ultieme geluk van hardlopen? Dat is beiden waar en tevens juist, maar mijn lichaam is na mijn operatie in een soort shock terechtgekomen. Klaar met al de zorgen om een verhoogde hartslag, blokkeerden nek, rug en bilspieren volledig. Ik kan je verzekeren dat dat niet ontsnappen loopt. Maar ja, ik heb wedstrijd, hotel en vliegticket al geboekt, dus gelopen gaat er worden! Vol optimisme een (wedstrijd) schema gemaakt, afspraak met Corine van fysio de Hofstraat gemaakt en er het beste maar van hopen. Met veel geduld en nog meer oefeningen ging het langzaam vooruit en steeg het vertrouwen op een goede afloop.

Samen met Niek worden de langere wedstrijden bezocht en dat ging eigenlijk verbazend gemakkelijk, tuurlijk koste het energie en werd ik ook moe. De volgende twee dagen was ik zo stijf als een plank, daarna herstelde ik weer en kon ik de training weer aan. Dat ging goed tot mijn laatste wedstrijd, de 28km lange Hoge Veluwe Trail. Of het kwam omdat Niek er niet bij was of omdat mij verteld was dat dit geen zware trail zou zijn (wat ik dus wel vond) of dat ik mijn lichaam het afgelopen jaar al genoeg gepijnigd heb, het laatste half uur verstijfde ik helemaal en dat werd de week erop alleen maar erger, In paniek de laatste 1,5 week voor Eastbourne drie keer bij Corine langs geweest en twee trainingen overgeslagen, had al moeite om een uur achter elkaar te rennen……
Waarom sta ik hier eigenlijk? Om te laten zien dat de opofferingen van het laatste half jaar niet voor niets zijn geweest, dat mijn hart een dergelijke inspanning weer aan kan, dat de laatste twee weken luisteren naar je lichaam en niet blind een schema volgen helpt, maar vooral omdat ik er zin in heb!

Daar klinkt het startschot en met ruim 2200 atleten zetten we ons in beweging! Al na 200 meter doemt de eerste heuvel op en stokt het tempo, de Engelsen kennen geen flessenhals start en het is dus dringen voor de smalle ingang van het duingebied. Gelukkig ontdek ik achter het talrijke publiek een paadje waar ik alle ruimte heb, geschrokken gaan de mensen achteruit en algauw heb ik een horde lopers achter me aan. Ongemerkt overwin ik zo de eerste 50 hoogte meters en ik voel mijn rug niet verstijven. Dit geeft vertrouwen en vol goede moed ren ik door. Het is nog steeds druk op het parcours en smal, maar kan redelijk mijn eigen tempo lopen. We rennen over graspaden op de top van de duinen, hoewel top, bijna top, we lopen een beetje schuin, wat we vandaag heel veel blijven doen met als gevolg een bloedblaar aan de binnenkant van mijn rechtervoet. Gelukkig zie ik dit pas onder de douche in mijn hotel. Om mij heen kijkend en vol verwondering ren ik verder, rechts Eastbourne, links de zee, langs weilanden, doorsneden door de typische Engelse muurtjes, over paden met hinderijke steentjes, vooral tijden het afdalen en overal aanmoedigingen.


Heuvelop haal ik veel mensen in, de helft gaat me in de afdaling weer voorbij. Maar waar ik het idee heb ontspannen te lopen kijken velen toch al vermoeid uit de ogen. Bij de verzorgingsposten is van alles te krijgen, verschillende soorten koek en drank, en ook snoepjes, maar om nu een hele mars te nemen? De passages door de dorpjes zijn een welkome afwisseling op het verder natuurlijke maar oh zo mooie landschap. Door de lange beklimmingen kom ik wel meer voorin het veld te liggen, maar geen idee hoeveelste ik ben of hoelang ik er over ga doen,  maar doet dat er toe?  Als de verzorgingsposten op de juiste plek staan, zit ik rond de vier uur schat ik zo in.

Wat me wel opvalt, is dat hoe meer ik voorin kom te lopen, hoe schaarser de lopers gekleed zijn. Waar in aan het begin met mijn handschoenen niet opviel, lopen ze hier in korte broek en soms zelfs hemdje. Ik heb het niet koud meer, maar ook niet echt warm, gewoon lekker. Nog steeds nergens last van hebbende, nader ik het halve marathon punt, hier staat in the middle of nowhere zelfs een klok met tijdsregistratie matten, over service gesproken! In iets minder dan 2 uur dender ik ontspannen over deze mat, nog steeds voornamelijk over gras en in de zon lopend kan ik dus onder de zo gehoopte 4 uur komen. De meeste hoogte meters zijn achter de rug maar de gevreesde traptreden, 300 stuks (!) en de Seven Sisters moeten nog komen en begint de marathon niet pas bij 35km? Stonden in de eerste helft de meeste hekjes netjes open, in de tweede helft word er van je verwacht dit zelf te doen.

De afdalingen bestaan nu niet meer uit paden met steentjes maar uit gras met konijnenholletjes. Nog steeds uitkijken dus. Na het langste stuk asfalt, wel omhoog, was ik ze bijna vergeten, de traptreden! Deze lagen gelukkig gelijkmatig, in een vlot ritme lagen de eerste 50 treden onder me. Twee kilometer verder begon het, vergeet die 50 eerste treden, die tellen niet mee, dat was kinderspel. In een verder mooi bos waren op een bergweg willekeurig 300 treden neergesmeten, hier heb je je trap en nog stijl ook! Diep ademhalen, verstand op nul en klimmen maar. Waar velen moesten wandelen kan ik de gang er (nog een beetje) inhouden. Met ontplofte bovenbenen zet ik de welverdiende afdaling in. Een afdeling verder moeten we over een muurtje klimmen, gelukkig staat er een aardige vrijwilligster de weg te wijzen, want halverwege dat muurtje moeten we linksaf slaan en door….


Bij het oversteken van een verharde weg weet ik ineens weer waar ik ben, hier heb ik rechts tijdens mijn lange wandeling vier jaar geleden heerlijk gegeten. Nu helaas geen tijd voor, want hier zijn ze, de Seven Sisters, zeven keer naar boven en ook weer naar beneden, na ruim 30km een enorme aanslag op mijn bovenbenen. Omdat de zon toch nog aan kracht wint en het bijna windstil is wordt het nog warm ook en daar loop ik dan met mijn handschoenen. Door dit alles en ook nog een enigszins hongerig gevoel, moet ik tot twee keer toe wandelen, maar waar ik denk dat ik het moeilijk heb, ga ik er nog steeds velen voorbij. Velen, op één na dan. Onderaan een van de vele Sisters staat een little sister met een snoepbakje. De inhoud biedt ze aan de atleten aan. De loopster voor me wil er eentje pakken, maar grijpt mis, een luide vloek is het gevolg. Onze little sister laat het er niet bij zitten en zet de achtervolging in, als een hinde rent ze me voorbij tot aan de atlete voor me, die zo alsnog uit het bakje kan snoepen. Vol verbazing roept ze “Oh what are you quick!” en dat was ze ook!


Helaas heeft ze hierdoor geen tijd om mij iets aan te bieden. Daarom neem ik op het laatste verzorgingspunt uitgebreid de tijd om te eten en drinken, zelfs een stuk mars. Hierdoor aangesterkt kan ik ook het laatste stuk redelijk doorlopen, de zon op het water zien schijnen, de oude en nieuwe vuurtoren zien en van verre het bezoekerscentrum van Beachy Head zien. Daar beneden ligt de zo lang verwachtte finish. Maar eerste moeten we de laatste top, vlak voor Eastbourne nog bereiken. Plots moet ik denken aan bijna een jaar geleden toen ik de laatste Terhill in mijn 750ste wedstrijd in België bijna niet opkwam en als diezelfde Terhill tegen mijn operatie opzag. Zowel operatie als deze laatste heuvel gaan goed. Mijn bovenbenen en bilspieren exploderen nog een keer waardoor de laatste afdaling erg verkrampt gaat, maar 200 meter verder gaan de beide armen de lucht in en wordt de welverdiende medaille om mijn nek gehangen. Net niet onder de 4 uur, maar met 4:04:40 ben ik zeer tevreden gezien de voorbereiding en vooral het zware parcours. In de tweede helft opgeschoven van plek 217 naar plaats 187, not bad for a flatlander.


Nu weten jullie waarom ik daar bij het vriespunt in Zuidoost Engeland aan de start stond. Als jullie mij een keer tegenkomen, vertel het mij dan ook, want aan de start wist ik het echt niet meer en nu ik gefinisht ben, kan ik het haast niet geloven, heb ik het echt gehaald?
Nog een vraag, waarom denken die Engelsen dat ik er als een soort doorbakken stuk vlees uitzie als ik langs kom rennen, iedereen schreeuwde en klapte “well done”  naar me. Raar volk die Engelsen maar deze wedstrijd was super georganiseerd en het publiek was “amazing”!

Greetings Gerrit Dijkslag

Grizzly-100 Griezelig geweldig

(door Henrie Drenthel)

De beer is los! Na een door een voetblessure ingekorte 100 km run van de La Chouffetrail in juli besloot ik een tijdje rustig aan te doen om in het najaar weer eens richting de 100 km te gaan. Oorspronkelijk stonden de Infinityloops op het programma maar door een minimale vooraanmelding en een concept van 7 herstarts zag ik dat toch niet zitten en besloot ik dat het toch maar een ééndaagse moest worden. Periode oktober beviel vorig jaar met de Bergischer Ultra ook prima dus na even zoeken kwam ik uit op de Bear Trail. Een ruim opgezet evenement met diverse afstanden, 16-25-39-58-83 km en voor de Die-Hards 100 km, oftewel de Grizzly-100. De start is zaterdag 27 oktober om 6.00 uur ’s ochtends en de maximale looptijd bedraagt 18 uur, oftewel 0.00 uur zondagmorgen.

Start en finish zijn in St Gravenvoeren in de Belgische Voerstreek ietsje ten zuidwesten van Maastricht. Het parkoers liep eerst ‘bovenlangs’ in oostelijke richting naar het Drielandenpunt in Vaals alwaar er een omloop van 18 km over Duits grondgebied gemaakt moest worden en daarna weer westwaarts richting de finish.

Vrijdag 26 oktober:

Na een langdradige reis met veel oponthoud en file parkeer ik omstreeks 18.30 uur op de parking bij de voetbalclub SK Moelingen en installeer direct alles voor de nacht. De organisatie is al druk bezig met opbouwen en ik heb geluk nu al mijn startnummer etc. op te kunnen halen, scheelt morgen vroeg weer wachten. Inmiddels is het gaan regenen en voelt het guur aan. In een nabij gelegen Vlaamse pub hebben zich al meer lopers getroffen en eet ik even een lekker Limburgse pasta en wat plaatselijke biertjes waarna ik rond 10.00 uur onder de wol kruip, het is immers om 4.30 uur weer dag.

Zaterdag 27 oktober:

De wekker loopt af en echt overdreven warm heb ik het niet. Even de neus buiten de deur en ik weet direct dat het jasje aan kan met de start. M’n drop-bag had ik al klaar gemaakt dus die kon ik om 5.45 uur snel afgeven en daarop is het nog maar kort tot de start om 6.00 uur.

124 lopers stonden er op de startlijst. In het donker is het slecht te zien hoeveel het er echt zijn want ook de 83 km start gelijk met ons. Vanaf het begin loop ik heel relaxed met de rem er op in het donker en blijf mijzelf in prenten vooral rustig te blijven want om mij heen vliegt iedereen naar voren. Ik weet uit de vele beginnersfouten die ik al heb gemaakt dat ik hier nu niet aan mee moet gaan doen.

In het donker gaat het gestaag op en af en we komen door enkele kleine plaatsjes als Sint-Martens-Voeren, De Plank, Teuven waarbij de laatste na ruim 25 km de eerste verzorgingspost is ingericht. Ik klok ongeveer 3.20 uur, en dat is ongeveer wat ik verwacht had.

Verder gaat het richting Drielandenpunt en het parkoers wordt behoorlijk heuvelachtig. Lijkt veel op de Koning van Spanje en de X-Trails Vaals. Niet gek natuurlijk, want dat is in dezelfde streek. Het gebied is veel natuurlijker en bosrijker geworden. Prachtig. De zon komt er langzaam flauwtjes door maar echt warm wordt het niet. Ten noorden van Gemmenich staat de tweede (en derde) verzorgingspost. Heerlijk in een grote partytent met allerlei lekkers; soep, koffie, Chouffe, pasta en een hete lucht kanon. Ook mijn drop-bag ligt hier en ik besluit even een droog shirtje en dun jasje aan te trekken en het eerste, nat bezweette setje uit te doen. Dat ging allemaal nog best soepel en ik begin aan het Drielandenpunt-lusje van 18 km. Ken het hier een beetje en weet dat er redelijk wat hoogtemeters aan komen dus doe rustig aan. Toch nog even een giga-dip waar ik na een half-uurtje en wat Beef-Jerky doorheen ben. Het 50 km punt passeer ik na 7.12 uur. Op de helft dus en op de terugweg.

Bij de tweede keer Gemmenich neem ik wat meer pauze; kleed mij om naar lange tight en thermoshirt. Ook weer koffie en soep en verder gaat het weer. Mijn loopmaatjes uit de eerste helft zijn al iets eerder vertrokken maar ik besluit toch mijn eigen tempo te volgen.

Na een km of 68 loop ik zo’n 100 meter achter een andere loper en blijf hem braaf volgen. Totdat hij bij een parkeerplaats komt en in z’n auto stapt. Het was gewoon een loper die lekker op zaterdagmiddag in het bos liep. Of het een dip was of een black-out weet ik niet maar plotseling was ik de blauwe markeringen kwijt. Pak gauw mijn GPS en zie al gauw dat ik mooi op de paarse lijn loop, gelukkig. Een kwartiertje verder bij Cottessen komt mij de omgeving wel heel erg bekend voor, hier heb ik vanmorgen ook nog gelopen??!! Zoom uit op mijn GPS en zie het al, heb de verkeerde richting van de paarse lijn gevolgd en zodoende een stuk van de ochtendroute tegengesteld gelopen, sukkel! Gelukkig kun je met zo’n GPS ook weer redelijk gemakkelijk de juiste route terug vinden en probeer redelijk op gevoel weer op de juiste afstand in te voegen. Na een uurtje is dit ook gelukt en kan ik de oorspronkelijke route weer volgen.

Richting laatste verzorgingspost in Veurs loop ik via een boerenerf waar de koeien op springen staan na blijkt. Direct achter mij doet de boer in overleg met de organisatie het pad dicht en mogen Bertha 11 t/m 57 eerst richting melkrobot voordat de lopers weer verder mogen. De ‘verloren’ tijd wordt door de organisatie hersteld naar blijkt.

Bij de laatste verzorging begint het behoorlijk donker te worden en is het nog maar een graad of 4. Ik besluit mijn regenjas er bij overheen te doen en steek mijn hoofdlamp aan. Het gevoel is nog goed. Nog ruim 15 km te gaan en ik weet eigenlijk al dat ik het, normaal gesproken,  ga halen. De meeste hoogtemeters hebben we wel gehad. Heuvelop gaat het stevig doorstappend in het donker en de afdalingen gaan voorzichtig dribbelend want er liggen erg veel keien onder het herfstblad. Wil ook nog niet vlak voor het eind uitvallen. Loop in op twee Belgen en de laatste 5 km lopen we samen. Nu blijkt de laatste 5 km ook nog eens 500 meter langer te zijn en prachtig is het om te zien hoe een ultraloper zich daar druk om kan maken.

Uiteindelijk komen we gedrieën binnen in 14 uur en 53 minuten waarbij ik de tweede 50,5 (😊)km in 7.41 uur heb afgelegd, oftewel een verval van 29 minuten. Dik tevreden duik ik met een “Bere”-grote medaille onder de warme douche.

Site van de organisatie
Uitslagen staan hier
Filmpje Marek Vis

Devilstrail Nijmegen 2018

(door Eric Hoogerbrug)

Vanmorgen (28-10) vertrokken naar Berg en Dal voor weer een zeer geslaagd rondje rijk van Nijmegen! Tweede Devil’s trail deze maand en het weer was geweldig. Zeker gezien de voorspellingen van eerder deze week waarin zelfs sneeuw genoemd werd. Het vertrekpunt was vanaf camping “de groote Flierenberg” en de sfeer was zoals altijd weer heerlijk gemoedelijk.

5 Minuten voor de start word iedereen naar de start gehaald voor de briefing die hoofdzakelijk gaat over dat je moet genieten en je rotzooi mee moet nemen uit het bos. 😁 Dan op de tonen van Van Halen’s running with the devil (what else) word het peleton losgelaten richting het bos. Wat een geweldig parcours weer met veel heuvels, vals plat, bos met lange stukken single-track en alles perfect uitgepijlt en met linten uitgezet.

Het eerste deel liepen we regelmatig tussen de vele mountain-bikers die daar ook een toerrit hadden. Niet heel handig, maar voor zo ver ik heb gehoord gaf dit geen gezeur. Zo hoort het ook, als iedereen een beetje rekening met elkaar houd…. Deze trail was zwaarder dan die in Doorn, dus het tempo deze keer bewust wat lager gehouden. Dat dit niet mijn sterkste punt is, is intussen wel bekend denk ik.

Bij de verzorgingsposten die ruim voldoende aanwezig waren rustig wat drinken en eten helpt aardig om even te herstellen. Maar dan kom er achter dat je even was vergeten dat het venijn hem hier echt in de (duivel)staart zit. 3km voor de finish nog twee nare bulten, dat levert genoeg spierspanning op in de kuiten en hamstrings dat je (weer) 1km voor de finish tijdens het maken van een foto nog ff lekker kramp krijgt. Nadat me dat was overkomen bij de Ketelwaldtrail op rechts overkwam, was het in de linker hamstring deze keer.

Gelukkig met wat rekken en toch nog maar een gelletje en wat extra drinken de laatste 800 meter hardlopend af kunnen leggen en dus in ieder geval glorieus over de finish kunnen gaan waar mijn top-supporter Anja enigszins verkleumd op me stond te wachten. Sorry schat.😘 Volgend jaar maar eens kijken of ik er 3 kan lopen en de titel “King of the trails” kan behalen.

Willems Berg en Dal marathon

Willem Mutze is een fenomeen binnen de Nederlandse ultrawereld met ontelbare (ultra)marathons op zijn palmares. Ik wilde al tijden een keer aan één van zijn kleinschalige loopevenementen meedoen, maar het was er nog steeds niet van gekomen. Dit jaar pastte de Berg en Dal editie eigenlijk perfect in de opbouw na mijn rugblessure. Maar dan wel de ‘bambini-afstand’ van een marathon in plaats van de 60 km die eigenlijk het hoofdonderdeel was. Er werd een zomerse dag voorspeld, maar met 4 verzorgingsposten onderweg zouden we niets tekort komen.

Deze keer zou ik alleen lopen, want Henrie wilde de 60 doen in de aanloop naar de 100 km lange Grizzly trail over twee weken. Maar voor de start hadden we nog tijd genoeg om even te kletsen en kwamen we meerdere bekenden tegen uit de ultra en trailwereld. Heerlijk ontspannen sfeer, iedereen had er zin in. Wat is er immers mooier dan bij een stralende zon door een mooi herfstbos te rennen.

Meteen na de start ging het bij mij al een beetje mis. Ik zat nog wat te prutsen met mijn Garmin en had iets te laat in de gaten dat mijn voorgangers een steen ontweken. Hoewel ik de grootste schade nog een beetje wist te vermijden door nog iets van een rolletje te doen had ik toch twee geschaafde knietjes. Maar aangezien het bewegende gedeelte van mijn knie nog OK voelde ging ik gewoon verder.

De eerste tien tot vijftien kilometer nam de organisatie de naam Berg en Dal wel heel serieus. Het ene klimmetje na het andere, al dan niet via een trappetje, kregen we om de oren. Even rustig aan beginnen zat er dus niet in. Ik liep al meteen vanaf de start samen met Petra Domhof, oud-clubgenoot dus genoeg stof om over te kletsen. Al keuvelend liepen we toch nog best vlot door, maar we hadden ook nog volop oog voor de mooie natuur. De eerste verzorgingspost hadden we dan ook al best snel bereikt. Een zorgzame dame gaf me eerst een lekker bekertje cola en poetste ook nog even mijn bebloede knieën een beetje schoon.

Na een kilometer of 15 kwam ik alleen te lopen na een sanitaire stop en een kleine vergissing waardoor ik een klein omweggetje maakte. Maar dat was op zich niet erg, want samenlopend dreigden we iets te snel te gaan. Ik genoot enorm van de paadjes door het bos en de doorkijkjes over de dalen. Bij de 20 km verzorgingspost zag ik Petra nog wel even maar tijdens een stuk vals plat moest ik meteen weer afhaken. 

Ik belandde ineens in een enorme dip, fysiek liep het even helemaal niet. Ik verkrampte in mijn kuiten en hamstrings en ook mijn rug begon op te spelen. En dat is uitermate ongelukkig als je net weer een stuk of wat gemene klimmetjes en afdalingen krijgt. Even wandelen met grote pas om de rust terug te vinden en wat ontspanning in mijn rug te krijgen was de enige optie, maar in de eerste de beste afdaling die ik naar beneden dribbelde schoot de kramp in mijn kuiten. 

Balen, maar geen reden tot paniek. Even goed eten en drinken en het lichaam de tijd geven om het op te nemen, oftewel nog meer rustig aan dus. De temperatuur was inmiddels aardig opgelopen, een graadje of 26, dus koud zou ik het niet krijgen. Ook haalde ik ondertussen regelmatig wandelaars in die ook de marathon deden. Die waren anderhalf uur eerder gestart. Kon ik af en toe toch even een praatje maken voor ik weer een dribbel in zette. En de uitzichten over alle herfstkleuren in het bos, die er door de zon nog eens extra uitsprongen, maakten het tot een hele mooie ervaring.

Ondanks de fysieke malheur viel ik gelukkig dus niet helemaal stil en zoetjes aan begon ik me weer beter te voelen. De laatste 10 kilometer begon het zelfs best wel weer redelijk te lopen. Uiteraard was dat een beetje te laat, maar liever te laat dan helemaal niet. Ik kwam in ieder geval heel tevreden over de streep, met in ieder geval de voldoening dat ik een megadip toch had weten te overwinnen.

Na de finish nog even heerlijk in de zon op het terras gezeten met een groot glas koude cola. Het leek wel zomer! En ook de douche was gewoon nog warm, meer kun je toch niet wensen? Even herstellen, beetje nieuw vel op mijn knie en dan weer op naar de volgende uitdaging. De lat lager leggen kan immers altijd nog…

Kijk hier voor een Relive filmpje van de route
Hier nog meer foto’s op Facebook

Wisenttrail 2018

(door Hans Sielias)

Bij deze een verslagje van de Wisenttrail op Zondag 02-09-2018. Ik ben niet zo’n schrijver, maar zal kijken of ik er iets van kan maken.

In April zat ik naar de marathon van Rotterdam te kijken en dacht misschien wel weer eens leuk om het ook nog een keer te proberen. In de zomer is het voor mij te warm voor hele lange stukken omdat ik veel te veel vocht verlies. Ik heb mij een keer gewogen voor en na een uurtje trainen en ik was 1,5 kg. lichter. Voor mij is een buitje regen het gunstigste tijdens de wedstrijd. Athene lijkt mij daarom wel weer eens een leuke uitdaging op 11 November. De start is om 09.00 uur en dan is het nog lekker fris. In de loop van de dag kan het wel weer 20 graden worden, maar dan zit het grootste gedeelte erop.

Om toch wat langere stukken te lopen had ik mij ingeschreven voor de Ermeloop trail 20 km. en de Wisenttrail. Ermelo is al ruim 2 weken geleden en daar kon ik mij net handhaven in een groep die 5’30’’ per km. ging lopen. Na afloop zag ik dat we 5’23’’ gelopen hadden en dat was mij eigenlijk iets te hard, ook al omdat het parcours niet heel makkelijk was. Maar goed, een goede training  in ieder geval.

In de Wisenttrail had ik echt veel zin, omdat het gelopen zou worden in mijn oude trainingsgebied tussen Apeldoorn en Kootwijk. Wij liepen vroeger bij Av34 en Av Veluwe op zaterdagmorgen altijd vrij lange stukken richting Asselt, Kootwijk, Hoog Buurlo en Hoog  Soeren. Hoewel je aan de oostkant van de Amersfoortseweg ook prachtig kunt lopen. Achter de echoput zeg maar.

Vorige week dondermorgen wilde ik nog een loopje van  15 km. maken en na ongeveer 5 km. moest ik voor een auto even de berm in en struikelde even later over een steen die ik over het hoofd had gezien. Ik had al wat last van de aanhechting van mijn hamstring aan het bil bot(zal wel een naam voor zijn, maar deze ken ik niet), vooral met het fietsen eigenlijk, met het lopen ging het wel, maar na die struikeling schoot er flinke pijnscheut door mijn bil en kon ik nauwelijks nog hardlopen, omdat ik mijn rechter been niet ver naar voren kon plaatsen.

Na een flinke hoeveelheid krachtermen, ik zag mijn Wisenttrail en de marathon van Athene al in rook opgaan ben ik naar huis gestrompeld. Ik had nog 3 dagen om te herstellen, dus elke dag 3 keer flink ingesmeerd met Voltaren en niet te veel bewegen. Ik heb lang getwijfeld of ik zou starten, maar zaterdag de knoop doorgehakt en gezegd, als het niet gaat stap ik uit en wandel terug naar Cecarea. Ik wist in dat gebied de weg, dus verdwalen kon haast niet. Het is daar tenslotte geen Lochemse berg.

Ik ben om 08.00 uur zondagmorgen van huis gegaan en was om 09.00 uur al bij de start, waar ik mijn nummer ophaalde en een kop koffie heb gedronken. Ik dacht wel veel van mijn oude loopmaatjes tegen te komen, maar dat viel tegen. Als je ouder wordt zijn er ook al veel gestopt met hardlopen denk ik. Om 10.00 uur werden we weggeschoten en daar ging die dan , helemaal achteraan, hopende dat ik niet te veel zou voelen.

De passen vrij klein gehouden en op deze manier kon ik het aardig uithouden. Voelde wel iets, maar dat zou als alles een beetje warm werd snel beter worden. Op een bepaald moment ging ik iemand voorbij en op dat moment riep hij mijn naam. Hij kwam mij wel bekend voor , maar een naam kon ik er nog niet bij bedenken. Hij bleek Eric Burger te heten en toen hij dat zei wist ik het ook wel weer. We hebben vroeger nog een keer samen meegedaan aan de 24-uursloop van  av Veluwe. Al pratend kwamen we al vrij snel bij de verzorgingspost op 12,5 km. Dat stuk was mij meegevallen.

De volgende 12,5 km. ging zeker niet meevallen, want daar zit de zandverstuiving van Kootwijk in. Op die zandverstuiving had je echt het idee dat je alleen liep. We liepen behoorlijk achteraan waarschijnlijk,  want voor ons was weinig beweging. Dit houd wel in dat je de pijlen goed in de gaten moet houden. Dit was soms lastig op die grote zandvlakte. Eric was ondertussen iets achterop geraakt, maar ik dacht hem bij de volgende post wel weer op te wachten. Ik had al een cola en een banaan naar binnen gewerkt, maar zag nog steeds geen Eric en ben dus maar verder gegaan.

Die zandverstuiving had er dermate ingehakt, dat ik bij enkele steile heuvels ben gaan wandelen, ook bij de heuvel waar de fotograaf op een bankje zat. En dan moet je voor de foto toch nog even aanzetten. Het laatste gedeelte was echt afzien, het was vrij warm geworden ondertussen en ik kreeg last van steken in mijn zij.

Uiteindelijk gefinished in 4 uur en 21 min. Toen snel naar huis voor de buurt barbeque. Als het allemaal wat makkelijker was gegaan, vooral aan het eind, had ik mij ingeschreven voor Athene, maar nu twijfel ik nog… Maar het vliegtuig, hotelkamer en parkeerplaats is al geregeld, dus we gaan zo wie zo!!

Groetjes,

Hans Sielias

Uitslagen

Site van de organisatie

Hete Ketelwaldtrail 2018

(door Eric Hoogerbrug)

Ketelwaldtrail 2018 in het altijd gezellige Milsbeek. Wat een lekker rustig aan 17 km trailrondje zou worden, werd 1,5 week geleden toch maar omgezet naar een 33 km ronde. Maar dan komen de weersvoorspellingen….31 graden met volle bak zon… Lekker dan, ga je met je goeie gedrag! Maar ja, wie A zegt moet ook zweet zeggen of zo.

Dus vanmorgen met Sandra, Nico, en Judith om 8:45 uur op pad om er voor de volle 100% van te genieten. Ruim op tijd om Henry nog even te spreken die de 33 km alvast vroeger had uitgeprobeerd in verband met een feestje later op de dag, maar ineens door de op het vroege tijdstip nog ontbrekende splitsingsbordjes met 20 km alweer back to base was. 


Dan valt dan toch het startschot…uuhm bel dus. En gaat het 33 km peloton op pad, de anderen moeten nog even geduld hebben voor hun startmoment. De lichaamstemperatuur loopt vlot op en de bijbehorende klotsende oksels laten ook niet lang op zich wachten. Maar met zo’n mooi parcours en goede verzorgingsposten onderweg (zelfs met tuinslang om de kop even af te koelen) gaat het boven verwachting goed. Dat er hoofdzakelijk in het bos, dus schaduw word gelopen is ook niet echt vervelend. Bij 27 km begint het dan toch te regenen. Dit is ook volgens de lopers om mij heen erg welkom…maar dan ook ècht heel erg welkom!

Op één punt was er even verwarring waarheen gelopen moest worden ivm ontbreken van borden en/of linten. Maar gelukkig had ik de pas aangeschafte gps mee mét de gedownloade route er in en is het spoor weer snel gevonden en kunnen we richting de finish! Maar dan slaat op 1 km voor deze finish het lot toch nog even toe….Kent u dat, kramp in de hamstring? Hoop dat de kindjes in de buurt hun oren even dicht hebben gehouden, wat ik daar gezegd heb was niet echt geschikt voor herhaling…
Na een minuut of 10 rekken en strekken maar weer voorzichtig dribbelen en rustig aan naar de eindstreep.

Daar werd ik opgewacht door de andere leden van het Ava trailcollectief, die hun prestatie al vol verve hadden volbracht. AVA-lid Mathias was zelfs tweede op de 33 KM geworden! Al met al weer een geslaagd trailfeestje met een gezellige club mensen. 

 

Verslag Vertical K Serie NL

(Door Ricardo Boerkamp)

In de Alpenlanden is het een specialisme voor de klimgeiten, de Vertical K races. Over een korte afstand zo snel mogelijk minimaal 1.000 meter stijgen. Vorig jaar volgde ik met bewondering de prestaties van de deelnemers van het WK Vertical K in Limone, Italië. Daar liep de winnaar de wedstrijd over 3.700 m met 1.080 D+ in 36 minuten en 24 seconden. Bij het zien van die beelden dacht ik, dat wil ik ook wel eens een keer. Ik ben geen snelle loper, maar vind het stijgen en klimmen eigenlijk altijd wel leuk. Vorige zomer op vakantie in Oostenrijk keek ik eens naar de kabelbaan die de berg op ging en dacht: Daar moet toch ook een pad omhoog lopen?!? En zie daar, gewapend met wat proviand en trailstokken trok ik erop uit en was m’n eerste VK daar. Over een afstand van een kleine 10 km tikte ik de 1.033 D+ aan en ik genoot van de inspanning, de vergezichten in de bergen en van de voldoening na deze uitdaging. Terug in Nederland moest ik het weer doen met een rondje N70 bij Berg en Dal of op de Lochemseberg. Mooie gebieden om te trailen, alleen blijven de verticale meters dan steken bij zo’n 500.

In november las ik een stukje van de trail-fanaten van MudSweatTrails die wat bedacht hadden: Een Nederlandse Vertical K Serie! Voor een groep van 25 liefhebbers werd de inschrijving open gezet voor 3 VK’s, met als bonus een vierde in de sneeuwhal van SnowPlanet. Ik schreef me direct in en was één van de 25 gelukkigen die mee konden doen. Waarvan hier een verslag.

In maart ging de serie van start. Wat moet ik me voorstellen bij 1.000 hoogtemeters in Nederland? Simpel… Zoek een heuvel met een steile opgang, ga deze op, en weer af, ga deze op, en weer af… enfin, dit totdat je er tureluurs van wordt en de 1.000 D+ op je hoogtemeter ziet verschijnen. Ik heb de behoefte om dit eens te oefenen voordat de serie van start gaat. De week voor de eerste VK van de serie, parkeer ik m’n auto bij Hotel Bon Aparte in Lochem, loop naar de voet van de Lochemseberg en start daar bij het witte hek van het Geldersch Landschap met de korte beklimming naar de Belvedère.  Best een steil ding, de helling van die kant, en meer richting de toren wordt ‘ie wat vlakker. Na de eerste keer boven te zijn gekomen, zie ik 28 hoogtemeters in het scherm van m’n Garmin Fenix 3 verschijnen. Al hijgend en grof rekenend bedenk ik dat ik dan meer dan 30 keer naar boven mag… Enfin, na 35 keer de Belvedère van dichtbij te hebben gezien, zie ik uiteindelijk 1.008 D+ op m’n horloge verschijnen. Dus zo ziet een VK eruit in “the Dutch mountains”…

Zaterdag 24 maart, Pyramide van Austerlitz

Daar staat ‘ie, op een vlakte in het heuvelachtige terrein richting Utrecht, de Pyramide van Austerlitz. Een monument uit de tijd van Napoleon, normaal na het betalen van entree te bekijken en nu het decor van de eerste VK uit de serie van MST. Het groepje van zo’n 30 deelnemers heeft zicht verzameld aan het begin van de trapopgang van de pyramide en daar krijgen we een korte briefing. 23 stijgende meters op de trappen omhoog betekent dat we 44 keer die pyramide op mogen. De organiserende mensen tellen voor iedere deelnemer hoe vaak die langskomt, zodat je zelf gerust de tel kwijt mag raken bij het aantal bestijgingen die je maakt. Na het luiden van de alpen koebel, maken we eerst een startronde om de piramide heen en beginnen we met het bestijgen van de trap.

Velen zetten er meteen een voor mij moordend tempo in en ik probeer vooral mijn hartslag in toom te houden en pas m’n tempo daarop aan. De trap gaan we rechts op, lopen bovenop rechtsom een rondje om de obelisk en gaan langs de opgaande rij weer de trap af. De trap is zo smal dat passeren nèt gaat als je je allebei smal maakt. Na een aantal afdalingen beginnen de traptreden mij voor m’n ogen te duizelen. Om mijn coördinatie te behouden ga ik geconcentreerd stappend in een laag tempo naar beneden. Ik ben dolgelukkig als ‘mijn teller’ op een gegeven moment roept “nog maar 8 keer naar boven Ricardo!”. Hijgend en met mijn benen mijn lichaam omhoog duwend de trappen op, tel ik af, totdat ik na 44 piramide-bestijgingen en -afdalingen beneden finish. Na 4 km en iets meer dan 1.000 hoogtemeters ben ik moe en voldaan. Wat was dit gaaf en gek zeg! En gezellig met een leuke groep Nederlandse klimgeiten en enthousiaste mensen van de organisatie!

De dag erna krijg ik een spierpijn die na drie dagen op z’n hoogtepunt is. Kuiten zo hard als beton, quadriceps die voelen als uitgehard cement… De Nederlandse VK laat haar sporen na…

Zaterdag 14 april, Emma-piramide

Na de ‘trappenloop’ in Austerlitz staat er nu een heel andere VK op het programma. Achter het scoutinggebouw van de Markesteen in Velp, staan we aan de voet van de Emma-piramide. Geen door mensenhanden gemaakte landmark, maar gewoon een uitloper op de Veluwezoom, dichtbij de Posbank. Als toetje hebben ze een uitkijktoren op het hoogste punt van de heuvel neergezet. En de helling van de Pyramide tezamen met de treden van de toren zorgen ervoor dat we met één opgang zo’n 57 hoogtemeters overbruggen. Dat betekent 18 keer omhoog en weer naar beneden vandaag, dat klinkt op de een of andere manier een stuk vriendelijker dan de 44 keer van de vorige VK. Het natuurlijke terrein met de zanderige ondergrond met boomwortels en een uitgesleten paadje zorgen ervoor dat het na een keer of 10 toch best zwaar begint te worden om weer boven te komen.

De enthousiaste aanmoedigingen van de paar toeschouwers en de MST-crew zorgen ervoor dat ik telkens met nieuwe moraal de gang naar boven weer start. Beneden bij het keerpunt wordt er weer geteld hoe vaak we de ronden voltooid hebben. Als ik volgens mijn eigen telling de 18 keer voltooid heb, hoor ik dat ze voor mij 17 keer geteld hebben en twijfel ik aan mijn eigen waarneming… Voor de zekerheid maak ik nog een extra ronde naar boven en achteraf gezien blijkt dat een 19e bonusronde te zijn geweest. Ik eindig die dag dus met een kleine 18 km en 1.069 D+ en mijn tijd wordt gecorrigeerd door de 19e ronde van mijn tijd af te halen.

Zaterdag 21 april, Wilheminaberg Landgraaf

508 treden telt dat ding. Als je er van beneden af naar boven kijkt zie je de top niet liggen. Vooraf hebben de organisatoren hun huiswerk weer gedaan en uitgerekend hoe vaak we de trap op de Wilhelminaberg omhoog mogen. Om de VK aan te tikken zullen we 13 keer die trap op gaan vandaag. 6.604 treden… tsssss. De treden zijn gelukkig minder ondiep dan in Austerlitz dus m’n voeten kunnen er wat makkelijker op landen. En naar beneden gaat ook wat makkelijker, ook al door een aantal tussenliggende plateaus in de trap. Naast de trap ligt een soort van uitgesleten paadje in het gras waarop je de afdeling ook kan doen. Na een poging van me om op dat nog wat natte gras naar beneden te gaan, houd ik het na een glijpartij voor gezien en besluit gewoon de trap op en af te gaan.

De eerste twee keer lukt het me om de gehele trap met twee treden ineens op te gaan, daarna niet meer en wissel ik af tussen één en twee treden tegelijk. De zon doet z’n werk goed met een dikke 20 graden en dat maakt het een extra inspanning voor de deelnemers vandaag. Bij de 13e keer bovenaan op de Wilhelminaberg zie ik dat m’n klokje 983 in plaats van 1.000 hoogtemeters aangeeft en besluit ik dat ik die 1.000 aan wil tikken ook. Nog even een stuk naar beneden en weer omhoog, en dan is de 3e VK een feit. Wat mij betreft was dit de zwaarste in de serie en voorlopig voor mij geen trappen meer.

Zaterdag 28 april, SnowPlanet Spaarnwoude

Hoe groot kan het contrast zijn tussen twee VK’s met één week ertussen? Van +20 graden op de 21e april naar -5 in de hal van SnowPlanet van vandaag. Ingepakt met muts, handschoenen en gevoerde Buff en met trail-stokken paraat, meld in me bij de start van de laatste VK in de rij. Met zo’n honderd (?) deelnemers is het een stuk drukker dan bij de vorige wedstrijdjes, maar er is genoeg ruimte op het parcours voor allemaal. De helft van de ski-helling is voor de skiërs van die dag, de andere helft is gereserveerd voor 100 mafkezen die vandaag besloten hebben om 38 keer een besneeuwde helling in een skihal te gaan beklimmen. De helling kent een knik, waarbij het tweede deel omhoog wat steiler is dan het eerste deel. Het lukt me redelijk om met de stokken omhoog te powerhiken, en naar beneden gaat het lekker een beetje glijdend en landend in de redelijk losse sneeuw. In de tweede helft van de race glijden m’n voeten redelijk vaak terug naar beneden in de losse sneeuw terwijl mijn bedoeling echt is om naar boven te gaan. Langzaam maar gestaag werk ik de 38 beklimmingen van de skihelling af, koud heb ik het dan al lang niet meer. Aan het einde word ik – net alle andere deelnemers – weer enthousiast binnen gehaald door de organiserende crew en ben ik blij en voldaan dat de serie erop zit!

Deze VK serie was wat mij betreft een unieke serie races waarin de organisatie heeft laten zien dat het ook in Nederland echt te doen is om hoogtemeters te maken en daarmee te kunnen trainen voor een buitenlandse bergtrail. Ik vond het ook een uitdaging met een dikke knipoog, want hoe maf moet je zijn om 6.604 traptreden te bestijgen of 38 keer een overdekte sneeuwhelling op te gaan om aan je hoogtemeters te komen? Het waren toffe races, vier keer in een unieke omgeving. De deelnemers en organisatie maakten er vier keer een gezellig en sportief trail-feestje van.

Ik heb er mooi wat hoogtemeters mee gepakt onderweg in de aanloop naar mijn deelname aan de Eigertrail in juli. En er ook van geleerd dat je om hoogtemeters te maken in Nederland creatieve keuzes moet maken, dat traplopen voor mij even niet meer hoeft en dat hoogtemeters maken mij op de Eiger hopelijk beter gaat bevallen dan in de Nederlandse heuvels.

Foto’s in dit verslag eigendom en gemaakt door MudSweatTrails

Xtreem zwoegen in de Vogezen

‘Zullen we eens een keer verstandig doen?’ Vragend kijk ik Henrie aan, maar eigenlijk weet ik het antwoord al. Deze keer winnen de Vogezen het van ons, de eerste DNF van het jaar is een feit. We slaan af richting de finish van de 32 km in plaats van de lus van de 48 km te doen. Toch zijn we niet zwaar teleurgesteld, we hebben immers een fantastisch weekend gehad in de bergen van de Franse Vogezen.

Vrijdags waren Eric en ik na een lange reis aangekomen in Le Markstein. Veel vertraging onderweg op de Duitse Autobahn door ongelukken. Henrie en Claudia waren al eerder vertrokken en bestookten ons ’s middags via Whatsapp met foto’s van glazen bier en een zonnig terras. Vlak nadat we de Franse grens over waren gestoken doken we al het binnenland van de Vogezen in. Wat een geweldige route, de ene haarspeldbocht na de andere voerde ons door de bergen. Inderdaad bergen, want heuvels kon je het niet meer noemen. We passeerden de Grand Ballon net onder de top, een mooi voorproefje van wat ons stond te wachten.

De X-Trails is een evenement waar we in het verleden al vaker aan meegedaan hebben, in Houffalize en in Vaals bijvoorbeeld. Meerdere wedstrijden in twee of drie dagen, die samen het eindklassement vormen. Een pittig programma, maar ook een enorme uitdaging. In de Vogezen editie van dit jaar stond er een 3 km proloog op het programma voor zaterdagmiddag. Na een korte rust gevolgd door een trail van 16 km. Maar dit waren eigenlijk de opwarmertjes voor de lange trail op zondag. Henrie en ik zouden de 48 km doen en Eric de 32. Claudia zou de korte afstand doen.

Na aankomst vrijdag bleek Le Markstein een gehucht te zijn waar het skiseizoen net afgelopen was, helemaal niets te doen dus. Hotel Wolf, bij de top van de berg, was uitvalsbasis voor de X-trails, start en finish waren vanuit onze kamer gezien aan de overkant van de weg. Dichterbij hadden we het nog nooit gehad. Het avondeten bestond uit een ‘eten wat de pot schaft’ menu, maar het was prima te eten. Een bar was er echter niet, op tijd naar bed dus.

Na het eenvoudige ontbijtje zaterdagmorgen hadden we tijd genoeg om wat rond te lopen en eens te kijken naar het parcours van de sprinttrail. Eerst een stukje wandelen naar de start, beneden bij de stuwdam. In een kleine 3 km 270 meter omhoog, dat is nog eens een lekkere start van het weekend. Het ophalen van de startnummers ging met de Franse slag. Het medisch certificaat werd wel bekeken, maar naar de rest van de verplichte uitrusting voor de langere wedstrijden (die nog op de slaapkamer lag) werd niet eens gevraagd.

Ruim op tijd hadden we onze loopkleren aan en waren we ’s middags aanwezig bij de startlocatie. De zond scheen en het leek wel alsof het bos uit honderden groentinten bestond. Het spiegelende oppervlak van het stuwmeer maakte er werkelijk een plaatje van. Enkele tientallen deelnemers maakte zich klaar voor de start. De 3 km was namelijk alleen voor de deelnemers aan het combinatieklassement.

Na de start was het al vlot gebeurd met het genieten van de natuur. De eerste 400 meter liepen we nog vrij vlak langs het stuwmeer, wat betekende dat de stijging van de rest van het parcours gewoon bruut was. De inboorlingen hadden we natuurlijk binnen de kortste keren niet meer in zicht, wat kunnen die klimmen. Als vlakkelanders maak je dan gewoon geen enkele kans. Hijgend, puffend en met een hartslag die net zo snel omhoog ging als de hoogtemeters hees ik me met mijn stokken zo snel mogelijk naar de finish. Voor mijn gevoel was ik pas halverwege toen ik de speaker de eerste finisher al aan hoorde kondigen.

Na de finish namen we een mooi plekje op het terras in beslag om uit te rusten tot de start van de 16 km. Lekker uit de wind en in het zonnetje was het prima uit te houden, even wat drinken en zelfs even lekker een beetje dutten in het zonnetje. Het vakantiegevoel dreigde ernstig toe te slaan, maar gelukkig werd het al snel wat drukker met deelnemers voor de 16 km Trail de Markstein. Tijd om weer in actie te komen dus.

De start was een enorm gedrang. Aangezien het een korte afstand en we heuvelaf startten, ging iedereen vlot van start. Henrie, Eric en ik bleven bij elkaar lopen, Claudia liep in haar eigen tempo. We moesten omlaag waar de bij de sprinttrail naar boven gekomen waren, dus het leek ons beter wat voorzichtig van start te gaan. Zo soepel mogelijk, met korte pasjes, naar beneden om de bovenbenen niet te zwaar te belasten was het devies. Dat ging redelijk goed, hoewel we ongeveer achterin het peloton liepen. Op de steile klim die volgde om het dal weer uit te komen maakten we weer wat plaatsen goed. Henrie klom makkelijk omhoog en Eric en ik volgden zo goed mogelijk, hoewel dat behoorlijk wat energie vrat.

Nadat we eindelijk de top bereikt hadden hoopten we op een lekkere afdaling om even te kunnen herstellen. Maar de route was best steil en vrij technisch. Goed opletten voor de stenen en boomwortels dus. En toch proberen af en toe een beetje rond te kijken en wat mee te krijgen van het werkelijk schitterende gebied. Intensief genieten was het.

De Vogezen pieken makkelijk boven de 1200 meter uit, op de toppen was zelfs nog hier en daar een restje sneeuw te vinden op de schaduwkanten. Doordat er redelijk hoge pieken en diepe dalen maak je hier al snel een heleboel hoogtemeters op hele lange klimmen en afdalingen. Op de 16 km gaf mijn Garmin een 840 meter D+ aan. Waarbij de organisatoren in het laatste derde deel nog een beetje een makkelijke route gekozen hadden. Best moe, maar heel tevreden kwamen we met zijn drieën over de streep. 2 uur en 19 minuten over 16 km, dat zegt genoeg over het parcours.

Het was nog even wachten op de finish van Claudia. De waardin had ons gewaarschuwd dat de tijd van eten niet verschoven zou worden, maar we waren gelukkig net op tijd aan tafel. Het eten was niet heel bijzonder, maar aangezien we de volgende dag nog een flinke klus hadden te klaren propten we ons zo vol mogelijk. Het ontbijt liepen Henrie en ik ook nog mis de volgende ochtend. De start was immers om 7:00 en het ontbijt begon pas een uur later. Iets klaar zetten voor ons kregen we met ons beste schoolfrans niet voor elkaar.

’s Morgens om 6:00 gingen de 70 km lopers van start, maar dat deden ze heel zachtjes. Ik werd er niet wakker van hoewel we zo ongeveer naast de start lagen te slapen. Ook de 48 km lopers deden het zachtjes in en voor het hotel, geen reden om iedereen wakker te maken immers. Een klein buitje en de ochtendzon trakteerden ons op een prachtige regenboog voor de start. Maar gelukkig werd het droog voordat we werkelijk op weg gingen.

Henrie en ik begonnen rustig aan de wedstrijd. Een kilometers lange rustige afdaling leek van tevoren een prima mogelijkheid om de benen wat los te lopen na de inspanningen van een dag er voor. Maar in de praktijk viel dat toch tegen. In 8 kilometer daalden we van ruim 1200 meter naar 420 meter. Hoewel dat over het algemeen over best goed begaanbare paden ging begon het na een kilometer of 5 al wat te zeuren in de bovenbenen. Toch te hard van stapel gegaan de dag er voor? Of was het gewoon het lange afdalen wat we niet gewend zijn? De temperatuur liep lekker op en het leek een mooie voorjaarsdag te worden verder. Aan het eind van de afdaling eerst maar even stoppen om wat uit te doen. Bij Henrie gutste het zweet al uit alle poriën en ik had het ook al lang niet koud meer.

Na het letterlijke dieptepunt van de route ging het weer omhoog. Bijna 10 kilometer lang klommen we meer of minder steil weer omhoog, richting de Grand Ballon. De 70 km lopers mochten nog een extra lusje tot vlakbij de top, maar wij mochten de ‘Ballon’ van een afstandje bewonderen. Mijn stokken waren inmiddels zo ongeveer mijn beste vrienden geworden. Tijdens de steile stukken hielpen ze me omhoog en tijdens de minder steile stukken van de klim hielpen ze om wat extra voorwaartse snelheid te geven bij het wandelen. Want het was heel veel wandelen, powerhiken of hoe je het ook maar noemt. Hardlopen konden we in dit gedeelte van de route alleen op de zeldzame vlakkere stukjes.

 

Gelukkig was de verzorgingspost bij de Grand Ballon goed voorzien van cola en allerlei ander lekkers om onze energie- en vochtgehalte weer op te krikken. We namen er dan ook even rustig de tijd voor. Ook mooi dat hier ook Vlamingen als vrijwilliger fungeerden. Kon je tenminste nog een woordje wisselen met ze. Erg vriendelijke mensen, die wisten wat lopers nodig hadden. Gesterkt gingen we weer op pad.

Tijdens de inspanningen naar de Grand Ballon had Henrie een behoorlijke dip qua energie, maar dat werd een stuk beter in het stuk wat nu kwam. Bij mij ging het redelijk qua energie, maar ik moest wel flink mijn best doen met klimmen. Daar ben ik niet zo goed in als Henrie. Het stuk kwam voor mij daarom ook als geroepen. Niet vlak, maar steeds een beetje op en neer. Veel meer zoals we gewend zijn van onze trainingen in bijvoorbeeld het Montferland. Vol goede moed tikten we de kilometers weg. Niet heel snel, maar gestaag. Goed opletten onderweg, want zelfs de beste paden waren bezaaid met verraderlijke stenen en boomwortels.

Na 22 km waren we weer terug bij Le Markstein en gingen we weer een groot gedeelte van de 16 km route van zaterdag doen. De steile afdaling die ik de dag ervoor nog op souplesse naar beneden trippelde, deed nu gewoon zeer aan de bovenbenen. Ik voelde de spiervezels bijna kapotgaan bij het remmen. En dan moest je daarna ook nog weer omhoog die verschrikkelijke helling op. Er leek geen eind aan te komen aan de klim en, eenmaal uit het bos werd het ook nog eens een stuk warmer op de ‘alpenweide’ naar de top. Het zweet drupte van mijn hoofd, en bij Henrie liep het zweet er aan alle kanten er uit. Op de top waaide het gelukkig een beetje en koelde het weer wat af. We besloten maar even een korte pauze in te lassen om weer bij te trekken. Het voelde niet alsof het onze dag was vandaag.

Eenmaal weer op gang wisten we allebei wel hoe de vlag er bij hing. Hardlopen was niet veel mogelijk en waar het ging was het hard werken. Het powerhiken omhoog kostte veel moeite en zelfs de afdalingen deden zeer. We zouden volgens het hoogteprofiel in de lus van de 48 km nog een flinke afdaling moeten en de bijbehorende klim om weer bij de finish te komen. Het zou een beste dobber worden om de 48 km te halen. Waarschijnlijk zouden we het wel kunnen, maar wilden we nog een uur of vier doorworstelen? Ik had het idee dat ik dan de rest van de week helemaal gesloopt zou zijn. De afslag naar de 32 kwam dichterbij en dichterbij.

De vraag of we een keer verstandig zouden doen was dan ook een beetje retorisch, we gingen de 48 km gewoon niet doen. Bij de finish aangekomen waren we tevreden. 1337 hoogtemeters in 32 km gaf mijn Garmin aan. Moegestreden en een mooi weekend gehad in een geweldige omgeving, veel meer kun je niet wensen. Bij start en finish bleek het inmiddels een gezellige drukte geworden te zijn. We waren net op tijd om Claudia aan te moedigen bij de start van haar 9 km en we zagen Eric nog langskomen tijdens zijn goed gelopen 32 km wedstrijd terwijl we lekker in het gras van het zonnetje lagen te genieten. Tegen de tijd dat zij ook binnen waren bij de finish en we op het terras nog wat gedronken hadden was ik al aardig aan het verbranden in de zon. Er was van tevoren geen goed weer voorspeld, dus zonnebrandcrème had ik niet bij me.

Alles bij elkaar hadden we gewoon een geweldig mooi en sportief weekend gehad. Mooi weer, prachtige omgeving en enorm gezellig, wat wil je nog meer. Een andere keer gaan we dan wel weer helemaal tot het gaatje om de finish te halen, dat DNF’fen moet immers geen gewoonte worden.

Meer foto’s op Facebook

Sprinttrail op Relive 

Trail de Markstein op Relive

Trail de Grand Ballon op Relive

Genieten in Klein Zwitserland trail

De Klein Zwitserlandtrail was een trail zoals ik deze graag zie: kleinschalig, met veel aandacht voor de deelnemers en een geweldig parcours. Diverse afstanden, dus voor iedereen was er wel iets mogelijk. Wij zoeken vaak de grens op, net buiten de comfortzone. De lange afstand van 45 km werd het dus. Eigenlijk was er maar één nadeel, het melden en afhalen van startnummer voor de 45 km begon om 7:30 op Tweede Paasdag…. maar gelukkig hadden ze een goedmakertje. In plaats van 45 km mocht je ook nog een optionele bonusronde van 3 km er achteraan doen, omdat organisator Dorothea Bil niet kon kiezen…

 

Zo vertrokken Eric, Henrie en ik om 6:45 uit Aalten voor ons dagje buitenspelen. Eric had zijn inschrijving van de 22 km omgezet naar de 45, zodat we elkaar er doorheen konden slepen. We mochten beneden bij de tennisclub ons melden en een bakkie koffie met paasstol eten. Daarna liepen we met onze tas naar de scoutingkeet bovenop de heuvel. Dat bleek iets verder te zijn dan we dachten, waardoor we bijna de start misliepen. Die was nl. weer beneden aan de heuvel….

Veel tijd verloren we echter niet bij de start aangezien het meteen steil de heuvel op ging en iedereen meteen aan het wandelen kon. De route van de lange afstand was als gpx-bestand doorgemaild zodat de organisatie alleen de kortere afstanden hoefde uit te pijlen. De pijlen die er hingen moesten we dan ook negeren, maar dat bleek voor sommige lopers erg moeilijk. Hoewel we bijna achteraan gestart waren haalden we steeds mensen in omdat die verkeerd liepen.

Nu is het ook best lastig om te navigeren met een GPS-horloge als er veel paadjes zijn. Je ziet dan alleen een spoortje wat je kunt volgen. Op onze handhelds zie je de route tegen een achtergrond met alle paadjes er op en hoef je alleen het pijltje op de route te houden. En zelfs dat is af en toe nog niet makkelijk. Hard lopen maakt navigeren ook lastiger. Aangezien wij niet zo snel waren hadden we voordeel doordat we beter navigeerden. Ieder nadeel heeft zijn voordeel zullen we maar zeggen.

Vooral tijdens het eerste deel, waarin we letterlijk heuvelop, heuvelaf  liepen zagen we regelmatig lopers uit richtingen komen waar ze niet vandaan zouden moeten komen. Wij volgden keurig het pijltje, maar dat kostte moeite genoeg. De heuvels waren steil en talrijk en de paden waren bezaaid met boomwortels en stenen. De kunst was dus om de aandacht te verdelen tussen het schermpje en de ondergrond. Dat lukte niet helemaal en de eerste valpartij was een feit. Gelukkig zonder veel gevolgen en ik kon gewoon verder.

Na 14 kilometer bereikten we de eerste verzorgingspost. Enthousiaste vrijwilligers en een goed gevulde tafel met drank en lekkers zorgden er voor dat we vol goede moed aan het volgende gedeelte begonnen. Ook de overige verzorgingsposten waren super verzorgd en bemand door enthousiaste vrijwilligers. We namen er dan ook iedere keer even rustig de tijd voor. Het weer was goed en, hoewel de zon niet scheen en de uitzichten niet geweldig ver reikten, was het toch weer enorm mooi lopen door de heuvels.

Het tweede gedeelte was wat minder sterk heuvelig, maar om dat goed te maken mochten we steeds vaker door mul zand zwoegen. Paardenpaden en stuifzand in een gebied dat wel wat van een woestijn weg had lieten ons ouderwets mopperen. Niet onze favoriete ondergrond, de plannen voor een woestijnrace werden meteen weer de koelkast in gezet…. De spieren begonnen wat stijf te worden van alle geploeter, of misschien toch ook wel doordat we de kilometers zoetjes aan wegtikten.

Na de laatste verzorgingspost begonnen we de kilometers af te tellen, maar we wisten dat we nog wel een aantal hoogtemeters voor de kiezen zouden krijgen. We namen dus nog maar een reepje en de laatste slokken uit onze bidons begonnen in beeld te komen. Het open veld rond de Brandtoren maakte het mogelijk om nog een beetje soepel door te lopen, maar daar kwam in de laatste vijf kilometer vlot weer een eind aan toen we het heuvelgebied richting de finish weer moesten doorkruisen.

De hellingen begonnen er nu best in te hakken en de vele boomwortels leken wel hoger uit de grond te komen, maar dat kon ook vermoeidheid zijn natuurlijk. Uiteraard hoefden we niet te overleggen toen we bij de splitsing kwamen. De bonusronde werd ingezet, en Erics record qua langst gelopen afstand werd verbroken. Ook ik verbrak nog een persoonlijk record in de laatste kilometers, die van de hardste val van dit jaar…. Even de lucht kwijt en wat schaafplekjes, maar na even ademhappen konden we weer verder. Nog even de laatste hellingen doorbijten met de handen op de knieën en toen was er na ruim 48 kilometer (en ruim 1100 hoogtemeters) eindelijk de verlossende finish.

We werden hartelijk ontvangen door organisator Dorothea en het biertje en de pannenkoek zorgden er voor dat we al snel weer op krachten kwamen. Het was af en toe flink afzien, maar ook enorm genieten van het parcours en de natuur. Precies zoals het zou moeten zijn. Het lopen op GPS is bovendien in mijn ogen echt een element dat iets toevoegt aan een evenement als dit. Daarnaast is het een stuk makkelijker voor organisaties om een wedstrijd te organiseren. Je hoeft immers niet urenlang pijltjes op te hangen en weer op te ruimen, met het risico dat onverlaten deze weghalen. Ik voorzie dan ook dat deze vorm van wedstrijden in de toekomst steeds vaker voor gaat komen, zeker voor wat betreft de lange afstanden.

Meer foto’s staan hier
De route staat hier op Strava

 

 

 

Sallandtrail 50km – De eerste ultra van 2018

(door Pascal Schepers)

Al een paar jaar zie ik positieve berichten voorbij komen van de Sallandtrail. Dit jaar heb ik mij voor de 50km ingeschreven wat tevens een mooie voorbereiding is voor mijn eerste wegmarathon. Na de Safaritrail en Slangenburgtrail wordt dit een wat meer serieuze uitdaging qua parcours en afstand. Voordat we aankomen rijden we door het Nationaal Park de Sallandse Heuvelrug. Enigszins verbaast van het natuurschoon maakt dat ik er nog meer zin in heb om de twee lussen van 25km te lopen. Bij het zwembad en sportcentrum De Ravijn is het al behoorlijk druk. Na een kop koffie te hebben gescoord even bij Bianca van Sport-Balance langs om nieuwe INOV-8 trailtalon 235 te proberen. De schoen heb ik al in de 250 versie alleen hebben weer hun beste tijd gehad en zijn aan vervanging toe. In de veter leg ik een extra knoop en besluit ze aan te houden voor de trail. Een goede keuze blijkt achteraf want de vele singletracks en het vrij droge parcours is ideaal voor deze lichte en soepele schoen.

Het is best zonnig als 11 uur wordt afgeteld voor de start. Vanaf het zwembad is het een heuveltje op en de bossen in. Vooraf zat ik te rekenen en hoopte en mikte ik op een gemiddelde van 4:30 per km. In het begin lag het tempo gemiddeld al veel te hoog waarna ik besloot om na een kilometer of 6 iets het gas terug te nemen. Stefan bleef het tempo vasthouden en het gaatje werd steeds wat groter. Echt alleen loop ik niet veel want onderweg zijn er veel mountainbikes en wandelaars op de route. Niet veel later zie ik ook de eerste 25km lopers die eerder zijn gestart. Later haal ik een duo in en zie dat één van de twee lopers de andere blinde begeleid. Echt heel tof, respect! Overigens valt het me op dat de 25km lopers vriendelijk zijn en veel rekening houden met de snelheidsverschillen wat het passeren vaak makkelijk maakt. Thanks daarvoor! De noordelijke lust kent behoorlijk wat single tracks en een gedeelte met veel omgevallen bomen waar regelmatig een andere weg gezocht moest worden of even afremmen om onder of over de bomen te gaan. Voor de zandkuil kom ik ineens weer heel dicht bij Stefan. Hij had het best zwaar en de voorfietser Erik stelt zich netjes voor begeleidt me vanaf circa 21km.

Na 25 kilometer kom ik in 1:49 door bij het zwembad. Even wat suikerbrood eten en wat drinken pakken en weer door. Organisator Bertus vraagt nog hoe het parcours is uitgezet en zegt tegen me dat ik nog fris eruit zie. Even kort wat woorden wisselen met mijn pa die mee is als supporter en weer door met wat suikerbrood in de rechterhand voor onderweg. Meteen mochten we weer de singletracks op van het MTB parcours wat erg leuk is om overheen te rennen. Bij het oversteken van de provinciale weg word ik nog bijna de verkeerde kant op gestuurd. Gelukkig staat Erik te wachten en was er niet veel verkeer waardoor we richting het heide gebied konden gaan. Het gebied is open en af en toe stond er best veel wind. Het is niet echt klimmen maar veel glooiingen zitten in het gebied. De klimmetjes die erin zitten zijn allemaal relatief makkelijk ‘renbaar’ waardoor het tempo hoog blijft. Na een stukje tegen de wind in lopen haal ik Mike in die ik nog herken van de Devilstrail. Hij loopt steady op de 2e plaats op de 75km.

Bij het verzorgingspunt even al het afval gedumpt en een beker cola gedronken. De vrijwilligers zijn super beleefd en moedigen me nog even aan. Voor mijn doen blijf ik er lang, al zal het voor hen een korte stop zijn. Niet veel later passeer ik de Deen Rasmussen die voorop loopt bij de 75km. Hij vraagt aan Erik wat zijn voorsprong is, die is ruim geeft Erik aan en hij hoeft zich geen zorgen te maken als hij het tempo aanhoud. We groeten elkaar kort en vervolgen de route met het eigen tempo richting de finish. De laatste kilometers worden de benen zwaarder en moet ik mezelf pushen om door te zetten. Ik besluit ook om door te rennen en de laatste verzorgingsstop niet te gebruiken. Het tempo zakt iets maar de 3:45 lijkt nog haalbaar. Bij de grote weg moet ik helaas helemaal stoppen omdat er veel verkeer aankomt. Het voelt heel lang maar zou vast een seconde of 30 hebben geduurd maximaal. Op gang komen gaat wat lastiger nu, dat is best balen.

De finish is in zicht al blijft aftellen lastig omdat mijn gps niet optimaal bereik heeft gehad onderweg waardoor de gemeten afstand wat achterloopt dan de werkelijke afstand. Ineens herken ik het stuk dat boven het zwembad langsloopt en weet ik dat ik er nu echt bijna ben. Naar beneden, de bocht om en richting de finish. Helaas niet onder de 3:45 maar nog steeds in een prima tijd van 3:46:59. Ik loop nog bijna richting de doorkomst mat in plaats van de finish, gelukkig roept Erik me op tijd. Bertus staat me op te wachten, net als alle andere lopers die binnen komen of doorkomen en is een ware een gastheer voor iedereen. Na het passeren van de tijdregistratiematten verwelkomt en feliciteert hij me. De vrijwilligers bieden me wel drie keer bouillon aan maar ik heb meer oog voor het suikerbrood (aanrader Bertus houdt dit erin) en drink een paar bekers water weg. Kim Mulder en Rudy Kapitein zien me staan en komen de eerste ervaringen van de trail aanhoren. Na een tijdje wordt er ineens geschreeuwd. Rasmussen wordt op het evenemententerrein bijna voorbij gesprint door Mike. Het scheelt echt niet veel maar het sprintje dat hij eruit perst is net voldoende om Mike voor te blijven. Bizar dat na 75km hardlopen het beslist wordt op een centimeter of 25. Bertus wil nog wat foto’s maken met ons, de nummer 2 van de 50km is inmiddels ook binnen gekomen. Daarna is het tijd om lekker te douchen en gebruik te maken van de massage.

De Sallandtrail heeft me verrast qua parcours en natuur. De vrijwilligers waren zeer behulpzaam en de route was goed uitgezet. Ik ga zeker nog vaker deelnemen. Nu even een paar dagen rust en lekker doortrainen voor de eerste marathon en de Scenic trail.