Genieten in het hoogveen (deel 2)

Waar in eerdere stukjes al het Vragender-/Korenburgerveen en het Zwilbrocker Venn werden belicht, wil ik deze keer een stukje over de grens met Twente stappen. Rondom Haaksbergen, richting en en over de Duitse grens zijn een aantal natte bos- en hoogveengebieden te vinden die bijna aan elkaar vast zitten. Je kunt ze los van elkaar verkennen en er mooie rondes maken. Maar voor de kilometervreters is het natuurlijk ook mogelijk om een ronde te maken die meerdere gebieden meepakt.

Het Haaksbergerveen is het grootste gebied qua hoogveen. Vooral in de winter is het bijna overal nat en zompig en loop je over paden die hopenlijk de boel nog een beetje begaanbaar houden. Door indamming en regulering wordt de waterstand hoog gehouden om het veen de kans te geven te herstellen. Dat blijkt goed te werken, het veen groeit weer aan.

Tijdens het lopen kun je vooral veel (water)vogels zien die er overwinteren of het gebied op doortocht gebruiken om bij te tanken. Maar ook vogels die er het hele jaar blijven, diverse soorten roofvogels heb ik er gezien. Daarnaast kun je in het voorjaar/zomer heel veel kikkers horen en in de zomer wil het nog wel eens muggengebied zijn. In de zomer wil het in het weekend nog wel eens wat drukker zijn, maar verder heb je hier vaak het gevoel dat je alleen op de wereld bent.

Het landgoed ‘t Lankheet is een minder bekend gebied met meer bos, maar ook vaak nat. Kleine heidevelden, vennetjes en essen worden door mooie bossen omsloten. Oude monumentale  en typisch Saksische boerderijen maken het plaatje af.

Het Buurserzand is niet, zoals de naam doet denken, een grote zandvlakte, maar een nat heidegebied. In de zomer heeft het vaak wel wat van een savanne: uitgestrekte graslanden met daarin ruige scheefgewaaide jeneverbesstruiken en dennen. Een kudde roodbonte koeien doet zijn best om het gebied te begrazen zodat het niet dichtgroeit, daarbij regelmatig geholpen door de schaapskudde. Later in de zomer kleuren de heidevelden in paarse tinten. Het gebied wordt doorkruist door vele paadjes waardoor je er lekker kunt zwerven. In de winter is de kans groot dat je natte voeten haalt, ’s zomers valt dat reuze mee.

Meer richting de Duitse grens en net er over kun je rondstruinen in het Witte Veen, een prachtig natuurgebied met ruige graslanden, poelen, heide, bos en hoogveen. Vroeger het domein voor smokkelaars om hun waren over de grens te brengen. De oude grenspalen kun je her en der nog vinden.

Routes om te lopen zijn er vanaf verschillende parkeerplaatsen van o.a. Natuurmonumenten. Via Google kun je deze makkelijk vinden. Bestaande routes kun je vinden en als gpx bestand voor je GPShorloge of handheld downloaden via Gpsies.com of Wikiloc.com. Ook kun je de MTBroute Haaksbergen als leidraad nemen en daar zelf wat omheen slingeren om de mooiste paadjes mee te pikken. Gewoon zelf wat rondzwerven kan natuurlijk ook altijd en levert vaak de meest onverwachte momenten op.

Foto’s Haaksbergerveen op Facebook.

Rondje Korenburgerveen

Bij trailrunning gaat het vaak om flinke afstanden, wedstrijden van 30 km en meer zijn geen uitzondering. Ook trainingstochten zijn daarom regelmatig urenlang. Maar niet iedereen is daar klaar voor, en ook ik heb er niet altijd zin in. Daarom loop ik regelmatig een rondje Korenburgerveen/Vragenderveen. Lekker in de buurt en een klein, maar werkelijk prachtig natuurgebied waar je bijna nooit iemand tegenkomt.

Het is één van de weinige overgebleven stukjes hoogveen in Nederland. Vanaf de kant van Winterswijk heet het Korenburgerveen en is het van Natuurmonumenten. De kant van Vragender heet Vragenderveen en is het beheer in handen van de Stichting Marke Vragenderveen. Vroeger was het veen een gebied dat eigendom was van de marke, publiek gebied dus. Er werd turf gewonnen en dergelijke.

Er loopt een mooie wandelroute rondom het gebied van een kilometer of elf. Het Schaddenpad wordt aangegeven met paaltjes met rode koppen en groene pijltjes. Normaal gesproken parkeer ik bij het gebouwtje van Natuurmonumenten (Korenburgerveenweg 2, Winterswijk). Daar kun je dan het Schaddenpad op door via een opstapje over de omheining te klimmen. Je komt dan meteen op een stuk waar een paar jaar geleden de te vruchtbare toplaag is afgegraven om het oude gebied de kans te geven te herstellen. Hier zie je heel veel bijzondere plantjes en krijg je vaak de voeten voor het eerst nat.

Vervolgens loop je dwars door heel extensief beheerde weilanden, vol met bloemen en planten. Hier kun je regelmatig reeën zien, maar ook allerlei vogels. Met wat geluk zie je zelfs een ooievaar of een kraanvogel. Vanaf de uitkijktoren heb je een mooi overzicht over het veengebied.

Daarna loopt de route via mooie single tracks en knuppelpaadjes verder door het veengebied. Af en toe een stukje heide. Ik sta vaak regelmatig even stil om te kijken of een foto te maken van een bijzonder iets. In de zomer valt het vaak mee met de natte voeten, maar droog houden doe je het meestal niet. In een natte winter of voorjaar kan het voorkomen dat je flink door de modder en/of water moet ploeteren, maar dat maakt het des te leuker. Een echte aanrader dus, het hele jaar door.

 

Lekker rennen door het Ketelwald

De Ketelwaldtrail in Milsbeek stond al een paar jaar op mijn verlanglijstje, maar het was er tot afgelopen weekend maar steeds niet van gekomen. Het heeft in principe alles waar ik blij van wordt: kleinschalig, veel bos en heuvels en een organisatie van veel enthousiaste vrijwilligers. Het kleinschalige wordt al wat minder met 650 deelnemers over drie afstanden, maar doordat de inschrijf-limiet strak aangehouden werd zou het wel meevallen met de drukte op de paadjes. Dat hoopte ik in ieder geval. Het Ketelwald, het gebied waarin het parcours uitgezet werd, maakte in ieder geval een heleboel goed.

Het Ketelwald is namelijk een prachtig bosgebied bij Milsbeek (vlak bij Nijmegen), grenzend aan het uitgestrekte Reichswald. Een paar maand geleden ging ik hiernaartoe voor een vroege zondagochtendtraining. Koud, mistig, het was bijna onheilspellend in het bos. Bijna geen mens of dier gezien of gehoord in de drie uur die ik rondgelopen heb. Dat was nu wel anders. Prachtig zomers weer, duizend kleuren uitbundig groen overal, de vogels floten zich de longen uit het lijf en bij diverse poelen onderweg hoorde ik de kikkers kwaken.

Het begon ’s morgens al goed toen ik aan kwam rijden. Ik was aan de vroege kant, maar werd ook toen al lachend welkom geheten door de vrijwilligers die me naar een parkeerplek in de wei tegenover het sportpark dirigeerden. Gelukkig had de boer nog net van tevoren het gras gemaaid zodat de hobbels en bobbels in het grasland een beetje omzeild konden worden. Op weg naar de inschrijving en de koffie trof ik eigenlijk alleen maar mensen met extreem goede zin. Dat kon ook bijna niet anders met het mooie weer dat werd voorspeld.

Op mijn gemakkie haalde ik mijn nummer op en met een bak koffie nestelde ik me op een stoel in de zon. De organisatie was nog bezig met het inrichten van Start en Finish terwijl langzamerhand meer lopers binnendruppelden. Eerst vooral lopers van de 33 km, die het eerst mochten starten, maar daarna ook lopers van de latere groepen. Het werd gezellig druk op het terras, je zou bijna blijven zitten. Gewoon lekker een beetje bijkletsen met clubgenoten en andere bekenden.

Maar om half 11 was het dan toch tijd om te starten. Na wat aandringen van de speaker werd het startvak behoorlijk vol. Een mooi aantal inschrijvingen voor de 33 km. Na de start was het bij de eerste single tracks en hellingen even dringen (of rustig wachten) in de trailfile, maar al snel viel het veld uit elkaar en kon je lekker lopen. Ik had me voorgenomen om rustig achterin het veld te beginnen. Nadat ik dan warm was een een beetje gevoel had van de fysieke mogelijkheden van de dag wilde ik daarna gas geven en kijken hoe lang ik dat vol kon houden. Het laatste stuk zou dan mentale training worden.

Zo gezegd, zo gedaan, en nadat het veld wat meer open werd en ik warm gelopen was, begon een groot inhaalfeest. Het is natuurlijk geweldig als je steeds weer iemand kunt binnenhengelen en dan erop en erover. Het tempo zat er dan voor mijn gevoel ook lekker in. Op een gegeven moment loop je dan toch weer tussen mensen die hetzelfde tempo hebben en vormen zich losse groepjes. Af en toe loop je samen en af en toe valt het weer uit elkaar. Maar in de korte tijd dat je samenloopt kun je toch soms interessante mensen ontmoeten en mooie verhalen uitwisselen. Dat zijn de momenten die het traillopen extra mooi maken.

Na het eerste stuk heuvelgebied in het Ketelwald, met af en toe stevige klimmetjes, staken we bij een verzorgingspost de weg over en waren we ineens in Duitsland. Niet dat je daar wat van merkte in het bos. Hooguit dat de klimmen hier veelal gemeen vals plat waren, maar dan waren de afdalingen extra lekker. De vele lange rechte bosbouwpaden in het Reichswald werden keurig omzeild door de organisatie en een verrassend mooie route werd gevolgd.

De tweede verzorgingspost kwam zo snel na de eerste dat ik hem maar oversloeg. Ik had nog genoeg in mijn rugzakje om me te redden. Bovendien kon ik zo de man die me even tevoren had afgeschud op een klim weer mooi voorbij steken… het duurde weer even voor hij me weer bij was en we ons gesprek over diverse wedstrijden konden vervolgen.  Maar op dat moment wist ik al dat ik hem toch weer moest laten gaan. Ik liep immers al een hele tijd ruim boven de begroting en ik voelde aan mijn benen dat de rekening zo gepresenteerd ging worden. Maar ik kon langer op tempo door dan ik gedacht had.

Pas toen we weer uit het Reichswald kwamen en het Ketelwald weer indoken was het zover. De lange hellingen maakten plaats voor korte steilere klimmen en ineens was het gebeurd met de pret. Voor mijn gevoel kwam ik de klim zowat niet meer op. Met een stuk powerhiken kon ik de schade gelukkig beperken en in het afdalen ging het nog best aardig. Maar ik was toch maar wat blij  toen ik de lichtmasten van het voetbalveld weer in beeld kreeg. Na 3:07 uur en ruim 33 km kwam ik over de streep.

Mijn loopmaatjes stonden me al op te wachten bij de finish. Ze hadden hun afstanden ook goed doorstaan en volop genoten van de prachtige natuur. Nog even met zijn allen relaxend op een stoeltje in de zon, waarbij Trailchick Kim ook gezellig aansloot, kwam ik al bijna in een soort van vakantiestemming. Toen ik na het douchen mijn auto opzocht bleek ik daar niet de enige in te zijn. Een hele groep lopers zat bij de auto’s in een kringetje lekker te chillen en te picknicken met spullen uit de kofferbak. Wat een trailfeest.

Top parcours, top organisatie, top weer, top deelnemersgroep. Soms heb je het geluk dat alles samenkomt en dan is zo’n dag echt een trailfeest. Dikke pluim van mij voor de organisatie en alle vrijwilligers die hun vrije zondag opofferden om ons weer een leuke dag te bezorgen.

Site van de organisatie

Filmpje

Foto’s op Facebook van Carel Stotelder

 

 

Scholtenpad FKT Heini Rave

Het Scholtenpad is volgens Wikipedia een streekpad door de Achterhoek met als middelpunt Winterswijk. Het pad is in 1995 uitgezet als eerste streekpad en heeft een totale lengte (inclusief de 4 spaken) van 105 km.

Het pad begint in Winterswijk op de Markt. Vandaar kan men vier kanten op om bij de eigenlijke route te komen. Het pad loopt daarna bijna geheel door het landelijke coulisselandschap van de Achterhoek. Het doet alleen het plaatsje Bredevoort aan en verder de buurtschappen Vragender, Lievelde en Meddo.

Maar je kunt hem natuurlijk ook in één keer (hard)lopen. Als je dan de eerste of de snelste bent over de route heb je vanzelf een FKT (Fastest Known time) gelopen. Van het Scholtenpad heb ik nergens een verwijzing kunnen vinden van iemand die een snelste tijd heeft neergezet. Wandelaars houden zich daar niet zo mee bezig.
Heini Rave liep onlangs echter de hele ronde rondom, dus zonder spaken. Met wat zoeken en foutlopen onderweg kwam hij op een afstand van bijna 82 km in 12:03:37. Een prestatie van formaat, maar ook een tijd die er om vraagt om scherper gezet te worden. Wie durft de handschoen op te pakken?

De route van Heini op Strava

Download de gpx van de officiële route hier

 

Uplandsteig met een oranje tintje

Op Koningsdag is er van alles te doen: spelletjes, muziek,  rondjes rennen in het centrum van Aalten en vooral bier drinken. De volgende dag helemaal brak wakker worden en je afvragen of je het niet beter wat rustiger aan had moeten doen. Maar je kunt het natuurlijk ook helemaal anders aanpakken: met je loopmaatje een tripje maken naar Willingen in het Duitse Sauerland en daar een mooie wandelroute lopen. Henrie had tijdens een eerdere vakantie de Uplandsteig ontdekt, een driedaagse wandelroute van zo’n 65 km. Een mooie uitdaging om dat in één dag te doen, op een Koningsdag bijvoorbeeld.

Zo gezegd, zo gedaan. Op woensdagavond vertrokken we met de camper, aangezien we liefst om een uur of zeven de volgende dag wilden starten. Dan waren we ’s avonds ook nog een beetje op tijd weer thuis. Tot onze verbazing werd tijdens de laatste kilometers het steeds witter, tot op de plek van bestemming alles bedekt was met een laagje sneeuw. Op de campingplaats waren slechts een stuk of drie campers te bekennen en niemand bij de ontvangst. We zetten de camper op een vrije plek en gingen op zoek naar een café om nog even wat koolhydraten te scoren. Na een lekkere Kaisersmarn en een paar biertjes zetten we de wekker en doken we de slaapzak in.

De volgende ochtend 7:15 stonden we naast de camper in ons loopkloffie en konden we op zoek naar het begin van de route. Deze was duidelijk aangegeven met stickers met een witte U op een zwarte achtergrond en waren met Duitse Gründlichkeit geplaatst. Mijn Garmin GPS handheld had ik dan ook maar zelden nodig. Het was gewoon pijltje volgen tot je eind van de dag weer bij het begin was. Het was fris, net onder het vriespunt, maar de zon scheen en het onverwachte winterlandschap was fantastisch.

Al snel bleken de heuvels best hoog en de hellingen lang en vaak net te steil om hard te lopen. De afdalingen daarentegen waren vaak ook lekker lang en nodigden uit om je lekker naar beneden te laten rollen. Maar heel stiekem werden de bovenbenen daardoor op den duur behoorlijk gesloopt.  Om het af te wisselen zaten er ook regelmatig hele steile klimmen in, waar je jezelf met de handen op de bovenbenen en weg naar boven moest banen. Doordat het inmiddels behoorlijk dooide werd het ook al snel redelijk modderig, maar de zon scheen en maakte dat het lopen ontzettend lekker.

Na een kilometer of 20 kwamen we in een dorpje. Daar hadden we gepland om een broodje te scoren bij een bakker of een Kaffee und Kuchen in een café. Helaas bleken beide reeds jaren gesloten, het dorpje was redelijk aan het uitsterven. We moesten op onze eigen voorraden teren tot we wel ergens iets vonden. Maar water zou geen probleem zijn, aangezien er overal stroompjes smeltwater van de rotsen stroomden.

Na een kilometer of 30 waren we er wel achter dat het nog een hele klus zou worden om de hele ronde vrolijk uit te hobbelen. De bovenbenen begonnen al wat strammer te worden en dat was eigenlijk wat vroeg. Zeker als je nagaat dat we nog niet eens halverwege waren. De sfeer was echter nog prima en we genoten volop.

Het landschap varieerde van bossen en boerenland tot hoogveen. Daar viel genoeg inspiratie uit te halen. Rustig aan verder, gewoon op karakter verder waar de benen niet willen. De lange klimmen hiken in een vlot tempo en de afdalingen proberen zo soepel mogelijk beneden te komen en zo weinig mogelijk energie te verspillen.

We werden mentaal gered door een berghut op ongeveer 45 km. Daar konden we even bij de kachel lekker bijkomen met een cola en een grote bak goulash-soep. De voorraad in de rugzak weer bijgevuld, nieuwe batterijen in de GPS en daar gingen we weer. Maar helemaal vanzelf ging dat nu ook weer niet. Henrie had last van het eten en kon echt niet lekker meer hardlopen. Maar heel erg was dat niet, we gingen gewoon in een rustiger tempo door. Na de goulash weer er uit gekiept te hebben ging het weer beter en ging het  tempo weer iets omhoog. Inmiddels konden we ok al aftellen naar de finish. Het ging nog wel een uur of wat duren, maar we gingen er wel komen.

De route had op het laatst nog een flinke berg waar we overheen moesten en waarvan het pad ook behoorlijk slecht was. Modder, rotsen, wortels, alles probeerde onze voortgang te vertragen, maar we gingen stug door. Met wat grappen en grollen onderweg hielden we de moed er in. Het duurde nogal voor we bovenaan waren, maar vandaar af was het voornamelijk nog een lange afdaling. Niet dat ik daar nu heel vrolijk van werd. Helemaal stuk zat ik. Met pap in de bovenbenen kilometers afdalen over een pad met allerlei stenen waar je over kunt struikelen tot je denkt dat je benen uit elkaar spatten. Dat was niet fijn. Maar het was wel goed voor het wegtikken van de kilometers.

En eindelijk zagen we Willingen weer in beeld komen. De skiliften, de zomerrodelbaan en jawel… daar was het hotel waar de camper achter geparkeerd stond. We hadden het gered. Zo’n 67 km en een bak hoogtemeters weggetikt. Wat een zware route.  Een goed bestede dag in de buitenlucht. Een perfecte training voor de Game of Stones in juni en eigenlijk een hele mooie dag waar we gewoon enorm van hebben genoten. En die spierpijn? Die gaat weer over om nog sterker te worden.

De route die wij gelopen hebben op Strava.

De originele route zoals je die ook op Gpsies.com kunt vinden en downloaden

 

 

 

Teken, verborgen gevaar voor trailrunners

Deze week is weer de Week van de Teek. Een goede reden om dit verhaal uit 2015 maar weer eens naar boven te halen. Meer info op Week van de Teek.

Ik hoorde net op TV dat er een groot onderzoek naar tekenbeten in Nederland gedaan gaat worden. Een hele goede zaak. Het is eigenlijk niet te geloven hoeveel ellende de beet van een miniscule geïnfecteerde teek kan veroorzaken. Zelf loop ik al jaren door lang gras over het maaipad van de Slinge en her en der door bosjes. Daarbij sta ik er wel eens verbaasd over hoe weinig last ik eigenlijk heb van teken. Per jaar tot nu toe hooguit een of enkele keren dat ik een teek moet verwijderen. Soms met wat hulp van mijn vrouw, want die krengetjes gaan op de meest ongelukkige plekken zitten. Mijn schoonmoeder echter, die slechts ruim tien km verderop woont, heeft ze vaak. Het lijkt wel of ze ze aantrekt als ze wat in de tuin werkt of in het bos wandelt. Ze heeft dan ook al enkele keren een antibioticakuur moeten volgen wegens een verdachte tekenbeet.

foto-teken-stadia

Je zou toch zeggen dat tekenbeten voor trailrunners zo ongeveer de grootste plaag zouden moeten zijn, gezien het feit dat we allemaal veel in de natuur rondrennen. Toch hoor ik niet eens zo heel vaak dat iemand tijdelijk uitgeschakeld is wegens een antibioticakuur of zelfs door de nare gevolgen van de ziekte van Lyme. Dat is echter geen reden om het te onderschatten, als je de ziekte van Lyme hebt en deze niet op tijd onderkent kunnen de gevolgen ernstig en onherstelbaar zijn. Controleer dus na het trainen je zelf op de aanwezigheid van teken en verwijder ze met een tekentangetje.

Een aantal jaren geleden had ik ineens last  van onverklaarbare ontstekingen in mijn vingergewrichten. Oorzaak onbekend en dan weer de ene vinger en een paar dagen later een andere. Uiteindelijk bleek uit een bloedonderzoek dat het de ziekte van Lyme was en kon ik een maand antibiotica slikken. Daarmee verdwenen de gevolgen gelukkig en sinds die tijd heb ik eigenlijk nooit meer last gehad. Geluk gehad, als je bedenkt dat bij bosarbeiders de ziekte van Lyme een belangrijke oorzaak van arbeidsongeschiktheid is.

De tekenbeet had ik nooit gezien of gevoeld, ook geen rode ring. Maar dat hoeft ook blijkbaar niet persé.Er gaan een heleboel verhalen over tekenbeten en de ziekte van Lyme rond. Sommigen zijn waar en anderen zijn klinkklare onzin. Voor een heleboel duidelijke informatie verwijs ik daarom graag naar http://www.lymenet.nl , een onafhankelijke site met duidelijke informatie. Neem vooral even de tijd om de informatie daar door te nemen, zodat je kunt blijven genieten van trailrunning.

 

Trailclinic Ronnie Duinkerken

Een tijdje geleden hoorde ik van Bianca en Herbert dat Ronnie Duinkerken een trailclinic kwam geven bij Sport-Balance.nl, hun trailrunwinkel in Breedenbroek. Helemaal geweldig toch dat één van de nederlandse toppers even vanuit Rotterdam naar de Achterhoek komt rijden om zijn verhaal te vertellen. Hoewel ik eigenlijk die dag geen tijd had, toch maar even tijd gemaakt. En het was de moeite waard.

Ronnie ging een verhaal houden met als rode draad zijn 100 mijl race op de Lofoten van afgelopen jaar. Nu volg ik hem al een aantal jaren via Facebook en heb ik hem in dat weekend via Internet gevolgd via de livetrackers. Extra leuk om nu uit zijn eigen mond het verhaal te horen. Bovendien zou hij tips en tricks geven tijdens een heuveltraining workshop. Daarnaast zou er nog een workshop krachttraining voor trailrunners gegeven worden.  Een mooi programma.

De aankomst in de winkel was hartelijk, koffie en zelfgebakken lekkernijen stonden op de lange tafel klaar. Zoals altijd moest ik me weer inhouden om niet meteen rond te gaan snuffelen tussen al die mooie trailspullen. Daar was ik immers niet voor gekomen. Het kostte me wel moeite 😉 Er was een mooie groep mensen op komen dagen en in het latere voorstelrondje bleek ook dat het een heel diverse groep was. Sommigen heel ervaren in lange trails, anderen kwamen net kijken. Maar allemaal enthousiast.

Ronnie begon zijn verhaal over de 100 mijl race op de Lofoten en iedereen hing aan zijn lippen. Niet alleen de materialen, voeding en dergelijke kwamen aan de orde, maar vooral ook het waarom van zo’n absurd zware race. Waarom er aan beginnen en hoe breng je zoiets tot een goed eind. En dat niet in een gelikt verkoopverhaal, maar gewoon recht uit het hart. Er was ook volop gelegenheid om tussentijds vragen te stellen en daar werd volop gebruik van gemaakt.

Duidelijk werd in ieder geval uit zijn verhaal dat trailrunning niet alleen een kwestie is van veel hardlopen door het terrein. Hoewel dat wel een heel belangrijk gedeelte is van de training, moet je als vlaklander wel wat extra doen om in de bergen uit de voeten te kunnen. Krachttraining kan daarbij een belangrijke rol spelen, net als heuveltraining. Honderden keren de vuilnisbelt op en af kan daarbij een deel van de training zijn.

Na de middag was het tijd voor de praktijk. Je kon hierbij gebruik maken van de testschoenen van Inov-8 en testrugzakjes van Raidlight. Daar maakte ik dankbaar gebruik van. De heuvels van het Engbergse bos zijn niet heel hoog of ruig, als je dat vergelijkt met de bergen waar Ronnie het liefst loopt. Toch wist hij er alles uit te halen wat er in zat. Alle aspecten van klimmen en dalen kwamen aan bod en iedereen mocht even flink aan de bak.

In relatief korte tijd wist hij een heleboel kennis en handige tips over te brengen aan de deelnemers. Ik vond het vooral ook leuk om te ervaren dat er eigenlijk niet heel veel verschil zit in de manier van trainen van Ronnie en mijzelf. Heel veel ideeën over hoe te training verschillen tussen ons eigenlijk vooral in het feit dat hij veel meer, sneller en zwaarder traint. De basis is echter hetzelfde: vooral dat doen wat je in de wedstrijden denkt tegen te komen. Regelmatig flink buiten je comfortzone stappen en vooral variatie. Er zijn immers zoveel mooie wedstrijden, waarom zou je dezelfde eigenlijk vaker dan één keer doen.

Helaas had ik andere plannen voor de rest van de middag en moest ik weg voor het gedeelte over krachtraining begon. Het was wel een leerzame sessie hoorde ik van een trainingsmaatje. Ook eentje waar ze niet helemaal zonder spierpijn van weggekomen was. Een geweldig interessante en leerzame clinic dus.

Bedankt Ronnie Duinkerken voor het verhaal en Bianca en Herbert Rougoor voor de gastvrijheid.

Gear review: Inov-8 Trailshorts, size matters?

Tijdens de Cortinatrail in Italië sneuvelde helaas mijn trailshort. Gezien het feit dat de zomer nog maar net begonnen was, snel een nieuwe zoeken dus.  Bij Sport-Balance in Breedenbroek kon ik prima terecht om te snuffelen tussen de diverse merken en modellen die ze op voorraad hadden.  Via Internet bestellen is natuurlijk ook mogelijk en lekker makkelijk. Kleding en schoenen die je tijdens urenlange trainingen en wedtrijden aan moet hebben wil ik echter toch even in het echt passen. Ik kwam al snel toch weer terecht bij mijn ‘vaste’ merk Inov-8. Een merk dat jarenlang wat onderschat is in mijn ogen, maar prima spullen maakt voor een redelijke prijs. Zo maken ze ook trailbroeken voor mannen en voor vrouwen.

trailshort 140
De Race Elite 140 trailshort

Ik wilde geen korte tight, daar heb ik er nog een paar van in de kast liggen. Een short met een binnenbroek met pijpjes om schuren tegen te gaan moest het worden. Nu kon ik nog kiezen uit twee modellen, de Inov-8 Race Elite 8 en de Inov-8 Race Elite trail short 140. Inmiddels zie ik dat ze op de site van Inov-8 weer een nieuwe naam gekregen hebben, maar in de basis gaat het om de trailshorts van 8″ en 6″.

inov-8-racelite-8inch
De Race Elite 8″ trailshort

Beide broeken hebben een korte tight als binnenbroek en een buiten broek met vier-kanten stretch. Een mesh-achtige stof zorgt voor extra verkoeling. De brede elastische boord zit lekker voor mijn gevoel, het koord hoef ik nauwelijks aan te snoeren. Uiteraard zit er een zakje met rits op om sleutels in te doen. Ook een extra zakje om een gelletje in mee te nemen, maar die ziet er niet echt uit alsof je er iets zinnigs mee kunt. Niet geprobeerd echter, aangezien ik een hekel heb aan het verliezen van gelletjes of verpakkingen in het bos. In mijn Racevest is daar meer plek voor.

Maar goed, beide broeken zitten dus lekker. Binnenbroek sluit lekker aan, dus geen schaaf- en schuurplekken. Wat is dan het verschil tussen 8″ en 6″? Is het alleen een kwestie van smaak en mode? Ik denk dat het antwoord daarop heel individueel is. Mijn vrouw vond de 8″ mooier staan, mijn dochter vond ook de 6″ prima kunnen. Het enige verschil is de lengte en daardoor het iets luchtiger gevoel van de 6″ broek bij hete zomertrainingen. Dat is overigens iets wat ik wel heel lekker vind. De 8″voelt net iets warmer aan en kan daarom ook tot behoorlijk frisse temperaturen prima gedragen worden.

Wat een dilemma in de winkel…. Ik kon voor mezelf geen keuze maken, uiteindelijk heb ik ze dus allebei meegenomen. Na een aantal weken trainen in diverse weersomstandigheden (hoewel er maar weinig zomer bij was voor mijn gevoel) ben ik nog steeds tevreden over mijn aankopen. Persoonlijk heb ik bij warmer weer of intensievere trainingen liever de kortere 6″ broek aan vanwege het luchtigere gevoel. Maar dat is dan ook alleen het gevoel, want als deze in de was zit bevalt de 8″ ook prima. Een iets langere broek scheelt overigens wel (een beetje) als bescherming bij brandnetels en braamstruiken.

Nadeel van meerdere lengtes broeken in de zomer periode is natuurlijk dat je verschillende kleuren bruin krijgt op je benen. In combinatie met korte sokken en/of compressie kousen wordt dat een palet aan bruintinten op je benen. Kniesoor die er op let overigens. Nu ik dit stukje typ zit ik in mijn lange broek op de bank, terwijl de regen op het dak tikt. Hopend dat de rest van mijn vakantie het nog een beetje weer wordt en mijn benen überhaupt nog wat zon zien.

Voor een review van de damesversie verwijs ik naar de site van Martine

 

5e Trail de La Reid (Belgische Ardennen)

heini en henriedoor Wim Brinkman

Afgelopen zaterdag heb ik samen met Hans Sielias ,Heini Rave, en Henrie Drenthel een trail gelopen in de Belgische Ardennen namelijk in La Reid, een goede 230 kilometer van uit Aalten. Eigenlijk zou André Bleumink ook mee gaan, maar doordat zijn dochter moest turnen voor de Nederlandse kampioenschappen kwam er nog een plaatsje vrij voor mij en dit aanbod naam ik graag aan. Op zaterdagmorgen iets voor 7 uur staat Henri voor de deur en nadat we Heini hebben opgepikt, gaat het richting Dinxperlo waar Hans ook al klaar staat. Omdat het nog vroeg is (voor een zaterdag) verloopt de heenreis zeer voorspoedig en rond half 10 zijn we dan ook op plaats van bestemming. Het is nog er rustig en wij besluiten dan ook om eerst maar even een kop koffie te gaan drinken, maar helaas, laten ze dat nu net niet hebben, en in de directe omgeving is ook verder niets te zien of te bedenken waar we koffie zouden kunnen halen.

trail-25-deniv-grand

Henrie en Heini lopen de lange afstand deze dag namelijk 47 kilometer en ze vertrekken rond half elf. Hans en ik gaan vast een eindje vooruit lopen zodat ze hun straks voorbij zien komen en wat foto s kunnen gaan maken. Dat het niet helemaal ongevaarlijk is blijkt al wel snel na de start, een Belgische loper komt na 100 meter vervelend ten val en blijkt zijn knie zo ver open te hebben gehaald dat er 7 hechtingen in moeten om alles weer dicht te krijgen, maar aan het eind van de dag is hij nog wel steeds aanwezig om zijn andere clubgenoten binnen te halen(over karakter gesproken).

Hans en ik vertrekken om 1 uur voor de 26 kilometer en net na dat we zijn gestart begint het te regenen, en niet zo zuinig. En ja dan loop je daar ik korte broek en T-shirt, gelukkig zijn het maar buien en blijft het beloofde onweer uit. Door deze regen worden echter de paden wel erg modderig en glad, en is het soms echt schaatsen om over eind te blijven. Vooral ik zelf heb hier last van, omdat ik geen trail schoenen aan heb maar juist oude sportschoenen met weinig profiel er onder(vind het zonde van mijn nieuwe schoenen, dus gekozen voor oude). Al snel blijkt dat deze trail een zeer pittig is, zeker voor Hans en mij die dit werk niet echt gewend zijn. Berg op proberen we eerst nog wel door te dribbelen maar al snel moeten wij ook wandelen en ik snap nu ook helemaal dat ski stokken dan wel erg handig kunnen zijn. Berg af gaat echter ook soms zo stijl en vooral door de regen, dat we ook regelmatig moeten wandelen, ook al om niet te vallen. Want vallen dat gebeurd nog al eens, links en rechts zie je lopers onderuit gaan en soms hou je je hart vast of het allemaal wel goed gaat, maar men krabbelt gewoon weer op, veegt de modder uit het gezicht en gaat weer verder.

heini en henrie

Hans en ik hebben dan al besloten dat wij vooral veilig thuis willen komen. Bij kilometer 17 komen we in een natuurpark: Le Ninglinspo en hier moeten we echt klimmen en klauteren van steen naar steen, over bruggetjes en door het water omhoog. Het is 1 lange klim van kilometer 17 t/m kilometer 21 en achteraf hebben we hier dan ook kilometer tijden van 14 minuten. Natuurlijk lopen we hier ook nog eens verkeerd en zijn we bijna boven op de berg, als blijkt dat we onderaan hadden moeten afslaan. Via touwen abseilen we naar beneden en gaan weer verder. Na 3 uur en 10 minuten hebben we onze tocht van bijna 27 kilometer er op zitten en hebben we ontzettend veel respect voor Henri en Heini, die ook nog eens 20 kilometer extra moeten lopen.

schoenen

Na een heerlijke douche, een bak pasta en een biertje willen we net gaan kijken of onze 2 helden ook al bij de finish zijn, want volgens onze berekening, moeten ze rond 5 uur binnen komen. Maar nee hoor, schoon en fris komen beide heren er al aanlopen en blijkt dat ze zelfs nog voor ons zijn gefinisht. Ze hebben het dus super gedaan en dat komt het verschil ook wel boven tussen ons (trail-amateurs en de ervaren trailer) want vonden wij het super zwaar, Henrie en Heini vonden het wel zwaar, maar het viel mee en ze hadden fijn kunnen doorlopen. Zo zie je maar weer het verschil tussen de jongens en de mannen: Petje af. Na een snelle terug reis zijn we rond 20 uur weer in Aalten en een ervaring rijker, iets dat ik zeker niet had willen missen (nu veilig thuis, achteraf).

Wandelen tijdens het trailen

Wandelen tijdens een trailrun. Voor vele hardlopers is het woord wandelen gebruiken in één zin met hardlopen ongeveer hetzelfde als vloeken in de kerk. Een marathon uitlopen telt bijna niet eens als je een stukje hebt gewandeld… Bij ultralopen en trailrunning ligt dat vaak toch iets genuanceerder. Het doel is zo snel mogelijk over de finish komen. Als de afstanden extremer worden, en vooral bij trails de hellingen steiler en het parcours technischer wordt zie je echter dat zelfs professionals regelmatig een stukje wandelen of hiken. Om energie te sparen of even rustig te eten en drinken.

Niets om je voor te schamen dus, sterker nog, tijd om je er eens verder in te verdiepen. Als je van tevoren weet dat wandelen een deel is van de wedstrijd, waarom zou je dat dan niet opnemen in je trainingsstrategie? Je wordt immers beter in dat wat je traint, trainingsspecificiteit noemen we dat. Wat je echter vaak ziet in wedstrijden is dat lopers blijven rennen tot ze niet meer kunnen rennen, dan gaat het koppie naar beneden en de schouders omlaag en wordt het sjokken in plaats van een powerwalk. Probeer het maar eens op een vastgestelde afstand, eerst een keer wandelen alsof je aan het winkelen bent. Daarna dezelfde afstand met focus, rechtop, armen erbij en in een stevig tempo doorstappend. Dat maakt een behoorlijk verschil in tijd.

Als je van tevoren weet dat er gedeeltes wandelen in zullen zitten, moet je dat dus liefst gepland en met focus doen. Bij extreem lange afstanden kan het zijn dat je iedere x minuten een eet- of drinkmoment hebt ingepland. Dat zijn de momenten die je heel goed in een vlotte wandelpas/powerhike kunt doen. Je kunt makkelijker eten en drinken zonder je te verslikken en je lichaam heeft even een rustmomentje. Dat kan wonderen doen op een lange afstand. Er is zelfs een hardloopmethode die het Run,Walk,Run principe hanteert als basismethode om lange afstanden te overwinnen.

emilie

Heuvel op lopen is zwaar, dat weet iedereen. Hier worden tijdens (berg)trails vaak ook de toppers van de ‘gewone’ lopers gescheiden. Toppers kunnen, doordat ze er heel veel specifiek op trainen, veel langer omhoog blijven rennen en ook steilere hellingen rennend bedwingen. Grootste fout die je als platlander kunt maken is dan ook om gewoon mee te gaan met de inboorlingen… Als je in de eerste helft van de wedstrijd al je kruit verschiet door lange en steile hellingen omhoog te rennen, zul je dat in de tweede helft flink bezuren. Opgeblazen bovenbenen kun je bijna niet meer van herstellen in een wedstrijd, al je energie heb je verbruikt. Dan is het nog een heel eind naar de finish. Wat is dan wel de juiste methode?

Ervaring is meestal een goede raadgever, maar bij gebrek aan echte bergen moet je vaak herhalingen doen op een (kunstmatige) heuvel. Zoek variatie in hellingsgraden om op te trainen, dat is ook wat je in het echt tegenkomt. Lange hellingen die niet steil zijn kun je vaak in principe nog wel rennend bedwingen, met een korte pas en een hoge frequentie. In de bergen kun je echter ook hellingen hebben die veel langer aanhouden dan je gewend bent, waardoor je helemaal buiten adem komt en alsnog moet wandelen. Oefen dus ook het wandelen/powerhiken op minder steile hellingen, evtentueel met wat extra gewicht in je rugzak. Ook het gebruik van Nordic Walking stokken is iets wat je hier prima bij kunt toepassen. Door de stokken op een actieve manier te gebruiken helpt het je om je vlotter omhoog/vooruit te bewegen. Iets om bij hele lange wedstrijden zeker mee te nemen (indien toegestaan).

stokken

Steile technische hellingen kun je ook met poles beter bedwingen, maar soms zitten die alleen maar in de weg. Bijvoorbeeld omdat je je handen ook nodig hebt om te klimmen. Dan is het veel handiger om gewoon voorover te buigen, handen op je bovenbenen/knieën zetten, grote passen en duwen met die armen om je beenspieren te ondersteunen. Het ziet er misschien niet charmant uit, maar het helpt enorm. Ook dit is iets wat je prima kunt trainen, tijdens een training op trappen bijvoorbeeld.

knietjes

Een voorbeeld van een training die ik op de vuilnisbelt in Winterswijk regelmatig doe, is een duurloop van een paar uur op het redelijk extreme MTB parcours. Hier zitten veel hellingen in van diverse hellingsgraden en eigenlijk geen enkel vlak stuk. De doelstelling is een duurloop, dus het tempo ligt niet hoog en alles wat een beetje steil is wordt met een vlotte pas wandelend gedaan. Hoewel het een duurloop is ligt de nadruk wel vooral op de hoogtemeters, veel hellingen pakken dus. De hoeveelheid wandelen is daardoor relatief hoog, hoewel het steeds maar kleine stukjes zijn.

trap

Een andere training is een echte klimtraining op de steile kant van de belt. Een uur lang 17 meter omhoog en omlaag via de trap of de helling is dan de hele training. Afstand is hierbij gering, vaak maar een kilometer of 7. Het gaat immers om de hoogtemeters. Omhoog zo vlot mogelijk wandelend, eventueel met hulp van de handen. Naar beneden doe ik dan vaak zo snel mogelijk om ook het afdalen specifiek te kunnen trainen.

Dit stukje is gebaseerd op een reeks artikelen van Ian Corless, het origineel kun je hier, hier en hier vinden